Meijs

Uit Genealogie Limburg Wiki
Ga naar: navigatie, zoeken


GENEALOGIE MEIJS, een oude familie uit Nuth.


Inhoud

Generatie I

I.1 Paulus MEIJS. Eijssen-Oosterbaan, 83; aldaar op pag. 21 een verwijzing naar een huwelijksdispensatie a Campo-Meertens (Schimmert 1763) met Paulus Meijs als gemeenschappelijke voorvader.
Gehuwd (1) op 30 november 1632 te Nuth met Gertrudis ELSROECK, gedoopt op 4 februari 1607 te Nuth, overleden waarschijnlijk 1635/1639, dochter van Jodocus ELSROECK en Gertruda NN.
Gehuwd (2) met Cornelia JACOBS, overleden op 16 januari 1646 te Nuth, dochter van Jacobus JACOBS en Margaretha SYLLEN alias Cornelii.
Gehuwd (3) op 5 april 1648 te Nuth met Maria ERCKENS, geboren ca. 1615, dochter van Joannes ERCKENS alias van de Busselken en Margaretha SLANGEN

Uit het eerste huwelijk:

  • 1. Maria, gedoopt 2 oktober 1633 te Nuth , overleden op 8 april 1695 te Nuth op 61-jarige leeftijd, begraven op 10 april 1695 te Nuth, schepen Jacob Meijs is haar broer (zie RAL-LvO 1756, 101v).

Gehuwd voor de kerk op 30 april 1661 te Valkenburg op 27-jarige leeftijd met Theodorus DREMMEN, geboren ca. 1633, geschat, overleden op 31 januari 1699 te Nuth.
Zoon van Theodorus DRUMMEN en Maria NN.
RAL-LvO 1756, 35v: Op 22 april 1692 verklaarde Dirck Drummen, gehuwd met Meijcken Meijs, dat hij ongeveer een jaar eerder land verkocht had aan Lemmen Loijen, gehuwd met Meijcken Driessen. Het ging om 125 kleine roeden land nabij de sijpen onder Nuth, grenzend aan Dirck Drummen zelf, heer Munix, Jan Raven en Jan Melsers. Iedere roede kostte 15 stuivers.
RAL-LvO 1756, 101r: Op 10 mei 1675 leende Dirck Drummen, gehuwd met Meijken Meijssen, 105 pattacons tegen 6 1/4% rente van de koopman Johan Japin uit Aken. Dit bedrag was die dag door Steffen Timmers aan de zaakgelastigde van Johan Japin overhandigd, waarmee Steffen Timmers een oude lening had afgelost. Dirck Drummen borgde met zijn huis, hof en weide, groot circa zes morgen en gelegen te Helle onder Nuth, grenzend aan de erfgenamen Willem Timmers, het armenland van Nuth en de straat.
De lening, met achterstallige rente, werd op 17 oktober 1698 afgelost door Jacob Meijs, schepen van Nuth en zwager van Dirck Drummen. Hij werd daardoor schuldeiser van Dirck Drummen.
RAL-LvO 1756, 136r: Op 1 januari 1677 treedt Dirck Drummen op als voogd van de kinderen van Jost Meijs (broer van zijn echtgenote Maria Meijs) en Anna Hermens. De weduwe Anna Hermens was inmiddels hertrouwd met Joannes Drummen, broer van Dirck Drummen.

  • 2. Judocus (Joost)(zie II.3)


Uit het tweede huwelijk:

  • 3. Laurentius (zie II.5).
  • 4. Jacobus (zie II.7).


Generatie II

II.3 Jodocus (Joost) MEIJS, gedoopt 6 oktober 1635 te Nuth, overleden op 16 augustus 1670 te Nuth, vermeld als Joost Meijs, broer van Laurentius Meijs zoals blijkt uit RAL-LvO 1756, 137r
RAL-LvO 1755, 230v: Op 10 juli 1664 leende Joest Meijs, inwoner van Grijzegrubben en gehuwd met Anna Hermans, 200 gulden tegen 5% van Wilhelmus Garretius, sacrist van de Biessen te Maastricht. Tot onderpand dienden anderhalve morgen weiland in de Helle, grenzend aan Steven Tummers, Dirck van Drummen, de Nelisweg en Anna Tummers; en voorts anderhalve morgen land aldaar gelegen, grenzend aan Dirck van Drummen, Steven Tummers, de vloedgraaf en Guiliam Dael.
RAL-LvO 1755, 254v: Op 18 augustus 1666 leende Joest Meijs, inwoner van Grijzegrubben en gehuwd met Anna Hermans, 50 gulden tegen 5% van Guelmus Garretius, sacrist van huis de Biessen te Maastricht. Hij borgde daartoe met 180 kleine roeden land "aen den hounast", grenzend aan Vaes Hamers, de erfgenamen Antonius Crousen en jonker Schaesberg.
Zoon van Paulus MEIJS (zie I.1) en Gertrudis ELSRAECK/Elsroeck?.
Gehuwd voor 10 juli 1664 met Anna HERMANS, geboren ca. 1640, overleden op 4 februari 1706 te Nuth, dochter van Hermanus HERMENS, smid, en Maria DIEDEREN.
Uit dit huwelijk:

  • 1. Paulus (zie III.16).
  • 2. Agatha, gedoopt op 17 april 1667 te Nuth (getuige(n): Petrus Hoen, Helena Hermens (e.v. Leonardus Caris)).

II.5 Laurentius MEIJS, geboren ca. 1640 te Nuth, overleden op 1 maart 1714 te Nuth.
RAL-LvO 1725, 35: Op 14 maart 1668 verklaarde Geurt Meijs, in de 20 jaar oud, dat Lens Meijs, schoonzoon van Hermen Hermens, zijn oom Ercken Hermens voor oude schelm had uitgemaakt. Jan Cremers, ruim 70 jaar oud, en Jan Odekercken, in de 30 jaar oud, bevestigden deze verklaring.
RAL-LvO 1756, 136r: Op 1 januari 1677 kocht Lens Meijs, gehuwd met Mettel Hermans, van Jan Drummen, gehuwd met Anna Hermans, weduwe Jost Meijs, bijgestaan door de voogden Claes Hermans, Jacob Meijs en Dirk Drummen, de helft van een huis met schuur en plaats, gelegen op de Drieschen, 40 kleine roeden in de huisweide en de helft van de Bergweide nabij de Bergerbrug. Hij betaalde hiervoor 475 gulden en gaf aan Paulus, zoon van Jost Meijs nog zes gulden voor een kleed. In plaats van contante betaling nam hij enkele schulden van Jost Meijs over.
RAL-LvO 1756, 40r: Op 29 mei 1693 verkocht de echtgenote van Johannes Schroders, met volmacht van haar man, aan Lents Meijs, gehuwd met Mechtel Hermens, 101 kleine roeden 12 voet land op het Helleveld tussen Claes Hermans en Maes Maessen, alsmede 115 kleine roeden beemd "lattebempt" naast Vaes Hermans, het land aan 50 en de beemd aan 25 stuivers per kleine roede.
RAL-LvO 1756, 118v: Op 6 september 1695 verkocht Catharina Haemers, weduwe Maximiliaan Schepers, aan Laurens Meijs een halve bunder land op de Trichterweg tussen Lenert Limpens en de erven Jan Nuchelmans, alsmede 80 kleine roeden land tussen Jan Nuchelmans, Coen Hautvast en Lens Meijs, voor 13 stuivers per kleine roede.
RAL-LvO 1756, 170v: Op 11 december 1702 kocht Laurens Meijs van Dirck Slangen, mede namens zijn zusters Anna en Marie en het kind van zijn broer Aret Slangen handelende, een halve morgen land achter Terstraten tussen Laurens Meijs, erven Dirck Slangen en de Hagensweide, voor 10 stuivers per kleine roede.
RAL-LvO 1757, 37v: Op 14 juni 1707 lieten Laurens Meijs en zijn zieke vrouw Mechtel Hermans - die zes dagen later zou overlijden - testamentair vastleggen dat alle zes kinderen en alle kleinkinderen gelijkelijk zouden delen in de erfenis.
Zoon van Paulus MEIJS (zie I.1) en Cornelia JACOBS.
Gehuwd met Mechtildis HERMANS, gedoopt op 22 oktober 1640 te Nuth, overleden op 20 juli 1707 te Nuth op 66-jarige leeftijd, dochter van Hermanus HERMENS, smid, en Maria DIEDEREN.
Uit dit huwelijk:

  • 1. Maria, gedoopt op 29 maart 1665 te Nuth (getuige(n): Laurentius Meijs sr., Helena, e.v. Leonardus Caris), overleden op 13 april 1754 te Wijnandsrade op 89-jarige leeftijd.

Gehuwd voor de kerk (1) op 23-jarige leeftijd op 18 januari 1689 te Wijnandsrade met de 25-jarige Willem WAELEN, gedoopt op 17 februari 1663 te Wijnandsrade, overleden op 1 november 1691 te Wijnandsrade op 28-jarige leeftijd, zoon van Wilhelmus WAELEN en Maria MOORS.
Gehuwd voor de kerk (2) op 27-jarige leeftijd op 3 oktober 1692 te Wijnandsrade met Martinus a CAMPO, 23 jaar oud, gedoopt op 29 september 1669 te Heerlen (getuige(n): Antonius Quaedfliegh), overleden op 3 april 1749 te Wijnandsrade op 79-jarige leeftijd. Eijssen-Oosterbaan, 46
Zoon van Merten te VELDEN (à Campo) en Heriberta HAGELSTEIN.
RAL-LvO 1757, 184v: Op 15 oktober 1726 deed Martinus a Campo, gehuwd met Maria Meijs, borgstelling met zijn onroerende goederen vanwege het collecteurschap van de gemeente Wijnandsrade. Speciaal vermeld werd:
a) 248 kleine roeden weiland "de Bergerweijde" op de Drieschen onder Nuth, grenzend aan de erfgenamen Jacob Meijs en de weg naar Terstraten, per kleine roede gewaardeerd drie gulden;
b) 250 kleine roeden akkerland achter Terstraten onder Nuth, grenzend aan Hermen Meijs en de Trichterweg, gewaardeerd per kleine roede drie schillingen;
c) 100 kleine roeden akkerland in het Grijzegrubberveld onder Nuth, grenzend aan Mathijs Hautvast en Jan Creners, gewaardeerd per kleine roede drie schillingen.
RAL-LvO 1757, 185v: Op 24 oktober 1726 verkocht Cornelia Meijs, weduwe Christiaen Fabers, aan Martinus a Campo, inwoner van Wijnandsrade en gehuwd met Maria Meijs, 119 1/4 kleine roeden weiland en moestuin te Nuth in drie percelen, het een grenzend aan Machiel Meijs en het veld; het ander "de bergweijde", grenzend aan Geurt Horsmans; en het moestuintje "over de straat, grenzend aan "de bergweijde". Iedere kleine roede kostte twee gulden en tien stuivers.
RAL-LvO 1757, 186r: Eveneens op 24 oktober 1726 verkocht Michiel Meijs, gehuwd met Maria a Campo, aan Merten a Campo, gehuwd met Meijcken Meijs, 115 kleine roeden akkerland "de bastaert" te Terstraten onder Nuth, grenzend aan Peter Eggen en Leonaert Limpens, voor 25 stuivers per kleine roede.
RAL-LvO 1757, 186v: Eveneens op 24 oktober 1786 ruilde Cornelia Meijs, weduwe Christiaen Fabers, goederen met Merten a Campo, gehuwd met Maria Meijs. Zij gaf 190 kleine roeden akkerland te Nuth, grenzend aan Vaes Limpens en de erfgenamen Leuffkens; voorts 118 kleine roeden akkerland "den Mullen" onder Nuth, grenzend aan Lambert Heijnen en de erfgenamen Schaesbergh, en tenslotte 23 kleine roeden akkerland "den groenenwegh", zuidwaarts grenzend aan Geurt Snackers. Merten a Campo gaf in ruil een halve bunder weiland onder Heerlen "op de Hulsse", grenzend aan hof Cardemich en de weg; voorts 100 kleine roeden akkerland te Heerlen "den kerckthooren", grenzend aan de erfgenamen Heuts en het voetpad naar de "hontsrugge".
RAL-LvO 1759, 134r: Op 2 juli 1755 verkochten de erfgenamen van Marten a Campo en Maria Meijs, te weten Bernaerd a Campo, gehuwd met Jenne Marie Eijmael; Merten a Campo, gehuwd met Maria Catharina Geuskens; Nivlaes a Campo, gehuwd met Anna Hermens; Baltus a Campo, gehuwd met Catharina Rameckers; en Jacob van der Schuijren, gehuwd met Maria Campo, aan hun broer c.q. zwager en mede-erfgenaam Laurens a Campo, gehuwd met Maria Linckens, hun erfdelen, zoals op 14 april 1755 toebedeeld, gelegen in het Grijzegrubberveld onder Nuth, voor 1050 gulden. Voor de exacte beschrijving van de goederen verwees men naar de delingsakte.

  • 2. Michael (zie III.4).
  • 3. Cornelia, gedoopt op 20 juni 1670 te Nuth (getuige(n): Helena Lijmpens).

RAL-LvO 1757, 185v en 187r: vermeld als weduwe van Christiaen Fabers; had een dochter Maria Anna (Maastricht, 30 oktober 1707) bij Libertus Jegers.

  • 4. Hermanus (zie III.7).
  • 5. Paulus, gedoopt op 1 december 1676 te Nuth (getuige(n): Laurentius Meijs senior, Johanna Rameckers), zijn echtgenote wordt vermeld in RAL-LvO 1757, 108r en 114r ( 6 maart 1719)

RAL-LvO 1725, processtukken: Op 19 juli 1697 werd Paulus Meijs mishandeld door Coen Hautvast. Hierover werden verschillende getuigen verhoord. Gertruid Limpens, vrouw van Lens Heuts, verklaarde dat zij, terwijl zij reeds op bed lag, hulpgeroep had gehoord. Zij was met haar dochter naar buiten gegaan en trof op de mestplaats Coen Hautvast met de knecht van Paulus Goossens aan. Coen Hautvast had Paulus Meijs in bedwang. Zij trok de beide mannen uit elkaar. Paulus Meijs vluchtte vervolgens haar huis in en sloot de deur. Coen Hautvast sloeg nu haar dochter en ging vervolgens hard op de deur slaan.
Lijsbet Drummen, dienstmeid van Lens Meijs, verklaarde eveneens dat Coen Hautvast Gertruid, de dochter van Lens Heuts, had geslagen.
Gehuwd met Windeline VROOMEN, echtgenote vermeld in LvO 1757, 114r (6 maart 1719).

  • 6. Agatha, gedoopt op 17 november 1679 te Nuth (getuige(n): Joannes Diederen, Catharina Nuchelmans).
  • 7. Mechtildis, gedoopt op 17 november 1679 te Nuth (getuige(n): Joannes Schorens, Cornelia Houben).
  • 8. Mechtildis, gedoopt op 13 april 1681 te Nuth (getuige(n): Theodorus Dremmen, Catharina Daemen), overleden op 1 juni 1760 te Nuth op 79-jarige leeftijd, op de Nieuwenhof.

Gehuwd voor de kerk op 30-jarige leeftijd op 14 april 1711 te Nuth (getuige(n): Joannes van Leijen, Wilhelmus Schutjens) met Renerus CRIJNS, 29 jaar oud, pachter van de Nieuwenhof, gedoopt op 18 december 1681 te Nuth (getuige(n): Petrus Brouns (schout te Nuth), Maria Habets namens Agnes Crans), overleden op 6 mei 1753 te Nieuwenhof-Nuth op 71-jarige leeftijd, proces tegens hem wegens doodslag van Jan Goddal op 29 augustus 1705.
Zoon van Franciscus CRIJNS, pachter Nieuwenhof, schepen, en Elisabeth HOUBEN.
RAL-AHW 169, 183: Op 31 augustus 1706 werd een schikking getroffen aangaande de doodslag van Jan Goddal, halfwin van hof Brommelen. De vader van Reinerus betaalde aan Helena Vreden, weduwe van Jan Goddal, bijgestaan door zwager Remy Goddal, 315 pattacons smartegeld. Ook de ouders van Jan Goddal, Remy Goddal en Marij Comblijne, gingen akkoord. Het geld zou in drie termijnen, namelijk binnen zes weken, juni/juli 1707 en kerst 1707, betaald worden. Frans Crijns, vader van Reinerus, borgde hiertoe met al zijn goederen.
RAL-LvO 1757, 72v: Op 12 juli 1714 verkocht Jan Limpens, weduwnaar Maria Pijls, aan Reiner Crijns, gehuwd met Mechel Meijs, 230 kleine roeden akkerland op de Bastaard in de Withegge bij Grijzegrubben onder Nuth, grenzend aan Jan Goessens, de weduwe Peter Cremers en de weduwe Jan Coumans. De koopsom bedroeg 203 gulden 17 stuivers twee oort.
RAL-LvO 1757, 108r: Op 19 mei 1715 verkocht Paulus Meijs, burger van Masstricht en gehuwd met Windel Vroomen, voor 225 gulden zijn zesde deel uit de erfenis van zijn ouders Laurens Meijs en Mechtel Hermens, gelegen in de Berger Driessen te Nuth, aan zijn zwager Reiner Crijns, gehuwd met Mechel Meijs.
RAL-LvO 1757, 107r: Op 4 oktober 1717 verkocht Reijner Crijns, gehuwd met Mechtildis Meijs, aan de weduwe van Gilis Aloffs 159 kleine roeden akkerland "op het thiende vrij" onder Nuth, grenzend aan Geurt Snackers, Lambert Heijnen en de Wijenweg. Iedere kleine roede kostte 24 1/2 stuiver.
RAL-LvO 1757, 115v: Op 26 februari 1720 werd vastgelegd dat Reijner Crijns, gehuwd met Mechtildis Meijs, na het overlijden van zijn vader, schepen Frans Crijns, door het kapittel van OLV te Aken als halfwin van de Nieuwenhof te Nuth aanvaard was. Tot zekerheid werden de volgende goederen tot borg gesteld:
a) zijn deel in huis, hof en weide op de Driesschen, gewaardeerd 1100 gulden;
b) 114 en 46 kleine roeden weiland aldaar gelegen, gewaardeerd twee gulden per kleine roede;
c) 180 kleine roeden land op het Bergerveld, gewaardeerd 180 gulden;
d) 260 kleine roeden land, gewaardeerd 320 gulden;
e) 224 kleine roeden land op de Bastaard, gewaardeerd 275 gulden;
f) 56 kleine roeden land op het Helleveld, gewaardeerd 56 gulden;
g) 250 kleine roeden weiland op de Ping onder Hellebroek, gewaardeerd 430 gulden;
h) 207 kleine roeden land op de Kamp, gewaardeerd 250 gulden;
i) ca. 140 kleine roeden land in de Sijpen, gewaardeerd 190 gulden;
j) ca. een halve bunder "den Roijck" achter Hunnecum, gewaardeerd 200 gulden;
k) een morgen land achter de Kurffsweide, gewaardeerd 100 gulden;
l) 87 kleine roeden land in het veldje onder Wijnandsrade, gewaardeerd 87 gulden.
De totale waarde bedroeg 3508 gulden.
RAL-LvO 1757, 203v: Op 5 november 1727 verkocht Frans Schepers, inwoner van Diepenbeek in het land van Luik en gehuwd met Maria Gruijls, goederen die hem uit de nalatenschap van zijn schoonouders Giel Gruijls en Agnes Maes waren toebedeeld. Het betrof 82 kleine roeden land nabij Hunnecum, grenzend aan Mathijs Roex en Agnes Eckermans, alsmede 70 kleine roeden land in de sijpen, grenzend aan Reiner Crijns. Hij verkocht deze goederen aan Reiner Crijns, gehuwd met Mechteld Meijs, en Goris Gorissen, gehuwd met Elisabeth Crijns. Zij betaalden voor elke kleine roede 24 stuivers.
RAL-LvO 1757, 217v: Op 18 maart 1728 verkocht Barbara Gruijls, met toestemming van haar echtgenoot Reiner Moors, aan Reiner Crijns, gehuwd met Mechteld Meijs, ca. 70 kleine roeden akkerland in de sijpen onder Nuth, grenzend aan de vloedgraaf, de weg en de Nuinhof. Dit land had zij bij erfenis van haar ouders verworven en werd nu voor 25 stuivers en twee oort per kleine roede verkocht.
RAL-LvO 1757, 244v: Op 4 april 1728 verkochten de erfgenamen van Johan Lahaij en Anna Crijns aan Reijner Crijns en Willem Schutgens al hun goederen, te weten een huis met hof te Hellebroek onder Nuth, alsmede akkerland, weiden en moestuin, zowel onder Nuth als Wijnandsrade gelegen. Het geheel werd verkocht voor 925 gulden. De schulden die op de goederen stonden zouden in mindering gebracht worden op de koopsom.
RAL-LvO 1757, 229r: Op 13 augustus 1728 werd vastgelegd dat Jacob Crijns, gehuwd met Maria Roex, in 1726 goederen genaast had van Reijner Crijns, gehuwd met Mechtild Meijs. Het ging om een huis met hof en weide te Hellebroek onder Nuth. Er werd nu vastgelegd dat Jacob Crijns 46 kleine roeden huis met bouwplaats, mesthof en moestuin, grenzend aan Reiner Crijns, de weduwe Thijs Roex en de meent, zou houden. Het restant zou bij Reijner Crijns blijven. Jacob Crijns zou een schuld van 300 gulden aan juffrouw Munix, staande op deze goederen, overnemen.
RAL-LvO 1757, 245r: Op 24 september 1728 verkocht Henderijck Weustenraedt, gehuwd met Mechteld Gruijls, aan Reijner Crijns, gehuwd met Mechtildis Meijs, 108 kleine roeden akkerland op de Nutherweg, oostwaarts Matthijs Roex, westwaarts Goris Gorissen, voor 30 stuivers per kleine roede.
RAL-LvO 1757, 243v: Op 16 november 1728 deed Lijseken Crijns, weduwe Willem Schutgens, afstand van het vruchtgebruik op 153 1/2 kleine roeden weide te Hellebroek onder Nuth, grenzend aan de erfgenamen Lahaij, Nelis Oortmans en de weg, haar toebedeeld uit de nalatenschap van Thomas Crijns. Haar zonen Willem en Christiaen Schutgens, mede voor zwager Vaes Roex, alsmede Thomas Vleugels, voogd der kinderen van Marten Goessens en Jen Vleugels, verkochten het geheel aan Reiner Crijns, gehuwd met Mechteld Meijs, voor 35 stuivers en twee oort per kleine roede. De weide was belast met 2 1/2 malder haver in de cijnskaart Bergh en een pint olie te Valkenburg.
RAL-LvO 1757, 257r: Op 2 juni 1730 verkochten Peter Dionisius de Gaverelle en diens echtgenote Anna Maria Rosa van Schaesbergh aan Reijner Crijns, gehuwd met Mechtild Meijs, 200 kleine roeden akkerland in de Withegge onder Nuth, grenzend aan Jan Cremers, Jan Slangen en Gerard Leunissen, voor 19 stuivers per kleine roede.
RAL-LvO 1758, 34r: Op 23 augustus 1734 verkochten Joannes Wolterus van Schaesbergh en Anna Maria Rosa van Schaesbergh, weduwe Geraerd van Bronsvelt met volmacht van haar tweede echtgenoot P.D. de Gaverelle, aan Reijner Crijns, gehuwd met Mechteld Meijs, 245 kleine roeden akkerland op de Kamp nabij Grijzegrubben onder Nuth, westwaarts Merte a Canpo, oostwaarts Joannes Wolterus van Schaesbergh, zuidwaarts de Kempkensweg, noordwaarts de Backhuijsweg. voor 17 stuivers per kleine roede.
RAL-LvO 1758, 53r: Op 24 februari 1736 verkocht Herman Meijs, gehuwd met Helena Hautvast, aan Reijner Crijns, gehuwd met Mechtild Meijs, in totaal 381 kleine roeden land voor twee schillingen per kleine roede, te weten 75 kleine roeden tussen Peter Bouts en Servaes Vroemen, 131 kleine roeden tussen weduwe Canisius en Joannes Hautvast, genaamd Disteldries, 100 kleine roeden naast de weduwe Hautvast en erven Jacob Hautvast, en 75 kleine roeden aan de Sittarderweg naast de erven Lintgen Hermans.
RAL-LvO 1758, 61r: Op 2 mei 1736 verkocht Joannes Wolterus van Schaesbergh aan Reijner Crijns, gehuwd met Mechtild Meijs, 199 kleine roeden akkerland op de Kamp achter Grijzegrubben onder Nuth, grenzend aan de Kempkensweg en de Backhuijsweg. Iedere kleine roede kostte 16 stuivers.
RAL-LvO 1758, 75v: Op 12 maart 1737 verkocht Gerard Schills, gehuwd met Catharina Coumans, aan Reijner Crijns, gehuwd met Mechtild Meijs, 111 kleine roeden akkerland op de Bastaard nabij Grijzegrubben onder Nuth, oostwaarts Joannes Curffs en de erfgenamen Thijs Eggen, westwaartsJoannes Ceurffs, noordwaarts Servaes Limpens, zuidwaarts Reijner Crijns. De koopsom bedroeg 22 pattacons of 88 gulden.
RAL-LvO 1758, 81v: Op 7 juni 1737 verkocht Frans Willem van Bronsvelt aan Reiner Crijns, gehuwd met Mechtild Meijs, de Backhuijsweide te Grijzegrubben, grenzend aan de Backhuijsweg, de Trichterweg en Reijner Crijns, alsmede een bunder en 74 kleine roeden akkerland op de Trichterweg onder Nuth, grenzend aan de erfgenamen Joannes Nijsten, de Heuffkensweide en secretaris Meijs. De koopsom bedroeg 1150 gulden en twee gouden pistolen.
RAL-LvO 1758, 118v: Op 8 juni 1739 verkocht Peter Nuchelmans, gehuwd met Catharina Crijns, aan zijn zwager Reijner Crijns, gehuwd met Mechtild Meijs. drie percelen akkerland, te weten:
a) een halve bunder en 36 kleine roeden akkerland in het Hellebroekerveld aan de weg naar Brommelen, oostwaarts Matthijs van der Haegen, westwaarts Coen Ceulen;
b) ca. 130 kleine roeden akkerland op het voetpad naar Swier, grenzend aan Joannes Pricken en Wolter Limpens;
c) een stuk, nog te meten, land aan de Uitlegger, grenzend aan Nelis Ortmans en Joannes Pricken.
De totale koopsom bedroeg 570 gulden.
RAL-LvO 1758, 137v: Op 6 april 1740 verkochten Jan Meulenbergh en zijn zoon Geurt aan Reijner Crijns, gehuwd met Mechtild Meijs, om schulden af te lossen, 200 kleine roeden weiland te Hunnecum onder Nuth, grenzend aan Leonaert Keulen, Jacob Rameckers en Matthijs Frissen. Iedere kleine roede kostte 35 stuivers.
RAL-LvO 1758, 169r: Op 5 maart 1742 verkocht Joannes Wolterus van Schaesbergh, gehuwd met Johanna Teresia Schattelin, aan Reijner Crijns, gehuwd met Mechtild Meijs, een stuk akkerland in het Grijzegrubberveld, grenzend aan Reijner Crijns, Joannes Wolterus van Schaesbergh en Ercken Hermens, voor 151 gulden.
RAL-LvO 1758, 203r: Op 11 februari 1744 verkocht Anthoen Mertens, gehuwd met Catharina Hennen, aan Reijner Crijns, gehuwd met Mechtild Meijs, 90 kleine roeden akkerland aan de Heuvel in het Grijzegrubberveld, oostwaarts Joannes Hautvast, westwaarts de Wijenweg, voor 29 stuivers per kleine roede. Het land was verpacht voor een half vat rogge jaarlijks. De pacht verliep op St.-Remigius 1745.
RAL-LvO 1758, 211v: Op 18 juli 1744 verkocht Herman Meijs, gehuwd met Helena Hautvast, aan zijn zwager Reijner Crijns, gehuwd met Mechtild Meijs, de volgende vijf goederen:
a) 142 kleine roeden aan de Witheggergraaf, grenzend aan de erfgenamen Leonaert Limpens, Claes Hermens en Nijst Alofs;
b) 226 kleine roeden in de Withegge, grenzend aan Gerard Keutten
c) 108 kleine roeden aan de Beckerweg en Maastrichterweg, grenzend aan de erfgenamen Leonaert Limpens en Paulus Meijs;
d) 106 kleine roeden beemd "lattenbempt", grenzend aan Leonaerd Slangen, de erfgenamen Leonaerd Limpens en Reijner Crijns;
e) 70 kleine roeden beemd op de Pesch, grenzend aan Paulus Meis en Jacob Bavo Meijs, belast met twee molster haver in de cijnskaart van Amstenrade.
Reijner Crijns betaalde voor de 106 kleine roeden beemd 30 stuivers per kleine roede en voor de overige kleine roeden elk 36 stuivers.
RAL-LvO 1759, 35v: Op 10 september 1749 verkochten Cornelis Schetjens, Michael Dederen, gehuwd met Ida Schettjens, Joannes Janssen, gehuwd met Jasperina Schettjens, allen mede voor het kind van Sophia Schettjens, aan Reijner Crijns, gehuwd met Mechtild Meijs, 47 1/2 kleine roeden huis met moestuin en land te Hellebroek onder Nuth, 54 kleine roeden weiland te Laar onder Wijnandsrade, 88 kleine roeden dries in de Menstraat, 32 kleine roeden beemd naast voornoemde dries, 94 kleine roeden land te Laar onder Wijnandsrade, 71 kleine roeden land aan papenbroek, 53 kleine roeden land aan de Vleugel, een halve morgen beemd "aen den breul" onder Hoensbroek, ca. een halve morgen bos in de Helle, alles voor een totaalbedrag van 1100 gulden. Een schuld van 50 gulden op deze goederen werd zonder korting overgenomen.

  • 9. Margaretha, gedoopt op 13 april 1684 te Nuth (getuige(n): Petrus Cremers, Maria Hermens).



II.7 Jacobus MEIJS, schepen, gedoopt op 28 juni 1643 te Nuth, overleden op 29 november 1713 te Grijzegrubben-Nuth op 70-jarige leeftijd.
RAL-LvO 1756, 119v: Op 10 maart 1697 verkocht Joannes Rutten, gehuwd met Judith Canisius, aan schepen Jacob Meijs 201 kleine roeden akkerland achter Grijzegrubben, afgetrokken een roede vijf voet voor het voetpad, grenzend aan Jan Cremers, Willem Bruls, Willem Canisius, Jan Ramaekers en Jan Limpens.Iedere kleine roede kostte 18 stuivers.
RAL-LvO 1756, 104v: Op 14 januari 1700 verklaarde Leonaert Limpens dat hij op 4 december 1698 aan schepen Jacob Meijs 122 1/2 kleine roeden land in de Eertgrubbe, grenzend aan Willem Bruls, Jacob Hautvast en Claes Coenen, verkocht had. Iedere kleine roede kostte 25 stuivers. Jacob Meijs droeg dit land bij surrogatie over aan Jan Curfs, gehuwd met Catharina Bruls.
RAL-LvO 1756, 125v-126v: Op 27 januari 1701 kocht schepen Jacob Meijs van Gerard Hennen voor 500 gulden een beemd, groot ca. drie morgen en gelegen tegen het varkenbroek (onder Geleen?), grenzend aan Jan Nijpels en Stas Custers, en een halve bunder land, gelegen aan de Wijenweg onder Nuth, grenzend aan de vloedgraaf en de erfgenamen Vaes Limpens.
genoemd als voogd van de kinderen van Joseph Meijs: RAL-LvO 1756, 136r, zoon van Paulus MEIJS (zie I.1) en Cornelia JACOBS.
Gehuwd voor de kerk op 27-jarige leeftijd op 4 februari 1671 te Nuth met Catharina NUCHELMANS, 24 jaar oud, gedoopt op 8 september 1646 te Nuth (getuige(n): [geen doopgetuigen vermeld]), er wordt geen naam vermeld! Het is derhalve niet zeker dat Catharina op deze dag gedoopt is, begraven op 17 september 1703 te Nuth, dochter van Petrus NUCHELMANS en Mella WIJNGAERTS.
Uit dit huwelijk:

  • 1. Paulus (zie III.19).
  • 2. Mechtildis, gedoopt op 13 augustus 1673 te Nuth (getuige(n): Joannes Coumans, Mechtildis Hermans), overleden op 20 december 1742 te Ophoven-Oirsbeek op 69-jarige leeftijd.

Gehuwd voor de kerk op 20-jarige leeftijd op 7 februari 1694 te Nuth (getuige(n): Hilgerus Fabritius, Maria Meijs), met toestemming van de pastoor van Oirsbeek met Joannes HENNEN, overleden op 28 december 1729 te Ophoven-Oirsbeek. Eijssen-Oosterbaan, 48-49
RAL-LvO 1757, 83v, zoon van Gerardus HENNEN, schepen, en Maria LIMPENS.

  • 3. Petrus, gedoopt op 23 oktober 1675 te Nuth (getuige(n): Laurentius Cremers, Elisabetha Nuchelmans), overleden 1676/1681.
  • 4. Maria, gedoopt op 9 december 1676 te Nuth (getuige(n): Nicolaus Coenen, Anna Swanemans).
  • 5. Margaretha, gedoopt op 1 december 1680 te Nuth (getuige(n): Henricus Vroemen, Maria Cathagens), overleden 1680/1686.
  • 6. Petrus, gedoopt op 16 januari 1682 te Nuth (getuige(n): Joannes Leunis, Anna Hermens), overleden 1682/1688.
  • 7. Catharina, gedoopt op 15 augustus 1683 te Nuth (getuige(n): Nicolaus Walen, Ida Smeets), overleden op 14 februari 1776 te Grijzegrubben-Nuth op 92-jarige leeftijd, begraven op 17 februari 1776 te Nuth.

RAL-LvO 1759, 11r: Op 25 oktober 1747 verscheen Catharina Meijs, weduwe Matthias Hautvast, met haar kinderen Jacobus Hautvast, gehuwd met Anna Elisabeth Thevissen, en de ongehuwde Peter, Paulus en Christiaen Hautvast, voor de schepenen van Nuth. Zij verklaarden dat hun goederen belast waren met een schuld van 1000 gulden uit 1737, welke schuld op 10 juni 1747 was afgelost. Daarvoor hadden zij op die dag 1000 gulden geleend tegen 5% van Cecilia van Bronsveldt, weduwe Joannes Deideren, wonend te Schinnen. Tot onderpand van deze lening dienden:
a) drie morgen akkerland "aen het peulken", grenzend aan Claes Hermens en de weduwe Nijsten;
b) anderhalve bunder akkerland aldaar gelegen, grenzend aan Hendrick Drummen en Judith Limpens;
c) circa twee morgen akkerland "in de barsgrubbe", grenzend aan de vloedgraaf en Nijst Aloffs;
d) circa een morgen akkerland "in de Eertgrubbe", grenzend aan Thomas Bruls en Nelis Cremers.
Gehuwd voor de kerk op 23-jarige leeftijd op 9 januari 1707 te Nuth (getuige(n): Joes Hautvast, Guilh. Scheepers) met Mathias HAUTVAST, schepen, geboren ca. 1675 te Nuth, overleden op 6 november 1746 te Nuth.
Zoon van Mathias HAUTVAST, schepen, en Anna HAGENS.
RAL-LvO 1757, 83v: Op 28 december 1714 kocht Mathijs Hautvast, gehuwd met Catharina Meijs, van zijn zwager Jan Hennen, gehuwd met Melken Meijs, diens erfdeel zoals dat bij overlijden van schoonvader Jacob Meijs was toebedeeld, zowel landerijen als vee als meubilair, met uitzondering van een beemd aan de Heijsterbrug onder Schinnen. De koopsom bedroeg 3296 guldens en vijf stuivers.
RAL-LvO 1757, 83r: Op 18 maart 1715 verkochten Peter Meijs, gehuwd met Maria Weusten, en Lenart Frissen, voogd van Bavo Jacob Meijs, zoon van Paulus Meijs en Judith Frissen, aan Mathijs Hautvast, gehuwd met Catharina Meijs, hun twee delen (uit vier delen, verworven na overlijden van hun vader Jacob Meijs) in een huis met bijbehorende gebouwen en weiland, groot ca. 281 kleine roede, grenzend aan Jan Drummen, de weduwe Peter Coumans en de straat, belast met een half vat rogge aan de kerk van Wijnandsrade; en voorts 35 kleine roeden moestuin "Kempelkoelhoff" op de Houvenast. Mathijs Hautvast betaalde voor elk deel 550 gulden.
RAL-LvO 1757, 145v: Op 20 januari 1722 verkocht Matthijs Hautvast de jonge, gehuwd met Catharina Meijs, aan Jan Drummen, gehuwd met Anna Hautvast, ca. 100 kleine roeden weiland "den Reimersbeck" te Grijzegrubben onder Nuth, grenzend aan Nelis Schettiens, Nijst Aloffs, de straat en Jan Cremers. De koopsom bedroeg 170 gulden.
RAL-LvO 1758, 42r: Op 10 maart 1730 ruilden Gerard Keutten, burger en koopman te Maastricht en gehuwd met Anna Hautvast, en Matthijs Hautvast, gehuwd met Catharina Meijs, onroerende goederen met Peter Meijs, gehuwd met Catharina Weusten. Het betrof hun twee (van de zes) delen uit het huis van Mathijs Hautvast en Anna Hagens, zoals bij de deling door landmeter Ackermans beschreven was. Peter Meijs droeg hiervoor anderhalve morgen land, met de gewassen, gelegen in het Schinnerveld onder Schinnen, over. Dit land grensde aan de erven Schaesbergh en de Negri. Verder zou Peter Meijs nog 125 gulden aan Cornelis Theunissen betalen.
RAL-LvO 1757, 255v: Op 18 april 1730 leenden Matthijs Hautvast, gehuwd met Catharina Meijs, en zijn zwager Herman Meijs, gehuwd met Helena Hautvast, 200 oude Franse pistolen of Louis d'or tegen 5% van Frederick Willem van Wijlre Terworm, deken van de OLV-kerk te Aken. Het geld was bestemd voor hun gemeenschappelijke handel in schapen. Mathijs Hautvast borgde met 3 1/2 bunder op de zevenmorgen "aen de pertskuijl", grenzend aan Johan Kremer en Paulus Leunissen, en met 2 1/2 bunder op de Tienvrij, grenzend aan Vaes Dormans en Geurt Kremers. Herman Meijs borgde met negen bunders in twee percelen in het Helleveld gelegen en grenzend aan Geurt Snackers.
RAL-LvO 1757, 282v: Op 17 mei 1731 sloten Matthijs Hautvast, gehuwd met Catharina Meijs, en Herman Meijs, gehuwd met Helena Hautvast, een lening af met Frederick Wilhelm van Wijlre Terworm, deken van de OLV-kerk te Aken. Ten behoeve van hun gemeenschappelijke handel in schapen leenden zij 600 Rijksdaalders of pattacons tegen 5%. Matthijs Hautvast borgde met zijn huis, hof, tuin en huisweide, groot een bunder en gelegen tot Grijzegrubben onder Nuth; voorts met een bunder weiland, grenzend aan Michiel en Peter Meijs; verder nog drie bunder weide "de houvenats", grenzend aan Jan Drummen, Jacob Meijs en de weg. Herman Meijs borgde met zijn huis, hof, tuin en huiswei, gelegen te Terstraten onder Nuth, groot vijf morgen; voorts met 250 kleine roeden beemd, grenzend aan de weduwe Jan Cremers; en verder nog 150 kleine roeden beemd, grenzend aan Paulus en Jacob Meijs.
RAL-LvO 1757, 304v: Op 9 oktober 1731 leenden Matthijs Hautvast, gehuwd met Catharina Meijs, en Hermen Meijs, gehuwd met Helena Hautvast, van de heer van der Meer, gehuwd met Maria Elisabeth Canisius, 400 pattacons tegen 5%. Matthijs Hautvast borgde met drie bunders akkerland nabij de watercuijl, grenzend aan de erfgenamen Matthijs Rentgens, Arnold Bemelmans, Servaes Vroemen en de erfgenamen Schaesbergh. Hermen Meijs borgde met drie bunders in drie percelen in de Withegge, het eerste grenzend aan Nijst Aloffs en Jan Slangen; het tweede grenzend aan de erfgenamen Curffs en de weduwe van Jan Cremers; het derde grenzend aan de Beckerweg, Lenaert Limpens en Geurt Snackers.
RAL-LvO 1757, 303r: Op 29 mei 1732 leenden Matthijs Hautvast, gehuwd met Catharina Meijs, en Hermen Meijs, gehuwd met Helena Hautvast, 1500 rijksdaalders of 6000 gulden tegen 5% van overste Jean Jacques Heldevier. Matthijs Hautvast borgde met drie bunders weiland, genaamd de Overweijde, grenzend aan Giel Cremers en Hendrick Drummen, voorts een bunder met huis, moestuin en huiswei, grenzend aan Vaes Dormans en Jan Drummen; verder een bunder weiland genaamd de Neij, grenzend aan Giel en Peter Meijs; voorts twee bunders akkerland in de Swartcuijl, grenzend aan Jacob Bemelmans en Gerard Keuten. Hermen Meijs borgde met anderhalve bunder huis, moestuin en weiland, grenzend aan Geurt Snackers en Jan Limpens; en verder met vijf bunders akkerland achter de huiswei, grenzend aan Geurt Snackers en Lenaert Limpens.
RAL-LvO 1758, 82v: Op 6 juli 1737 lieten Matthijs Hautvast, gehuwd met Catharina Meijs, en Herman Meijs, gehuwd met Helena Hautvast, een wisselbrief notarieel vastleggen. In die brief verklaarden zij dat zij op 16 februari 1734 van luitenant-kolonel Jean Jacques Heldevier 1600 gulden hadden geleend. Zij hadden beloofd dat bedrag binnen zes maanden terug te betalen. Een schriftelijk bewijs hiervan werd ter plekke overhandigd. Zij waren na zes maanden echter niet in staat die belofte na te komen en evenmin drie jaar later, gezien de slechte tijd, om aan de erfgenamen van overste Heldevier het bedrag te overhandigen. Daarom werd de schuld nu omgezet in een lening. Johan Willem Heldevier, raad van Maastricht, aanvaardde deze oplossing. Matthijs Hautvast stelde tot onderpand:
a) drie bunders weiland "de overweijde", grenzend aan Giel Cremers en Hendrick Drummen;
b) een bunder huis, moestuin en huiswei, grenzend aan Vaes Dormans en Jan Drummen;
c) een bunder weiland "de neij", grenzend aan Peter en Giel Meijs; twee bunders akkerland "in de swartcuijl", grenzend aan Jacob Bemelmans en Gerard Keuten;
d) ca. twee morgen beemd aan de Narregats, grenzend aan juffrouw Canisius en Hans Wolter van Schaesbergh;
e) anderhalve morgen beemd op de Pesch, grenzend aan Vaes Vroemen en de straat;
f) ca. 2 1/2 morgen akkerland "de paltsman", grenzend aan Jan Cremers en Nicolaes Coenen.
Herman Meijs stelde tot onderpand een halve bunder en 21 kleine roeden beemd te Terstraten, grenzend aan Peter Eggen en de weg; voorts anderhalve morgen weiland "de veltweijde", grenzend aan Geurt Snackers en Nicolaes Coenen; en anderhalve morgen weiland "de Berghweijde", grenzend aan Leonaerd Limpens en Peter Eggen.
De lening werd op 11 januari 1744 afgelost.
RAL-LvO 1758, 204v: Op 19 december 1743 verkochten Catharina Meijs en haar meerderjarige zoon Paulus Hautvast, met toestemming van zijn vader Mathijs Hautvast, 126 kleine roeden akkerland in de Baexgrubbe onder Nuth, laatgoed en door Catharina Meijs via erfenis van haar ouders verkregen, grenzend aan Nijst Aloffs, de vloedgraaf en Jan Bouts. Koper was Dionisius Haenen, burger en koopman van Maastricht, gehuwd met Maria Pleuskens. Hij betaalde per kleine roede 35 stuivers.
RAL-LvO 1758, 111r: Op 29 december 1738 verklaarde Matthijs Hautvast, gehuwd met Catharina Meijs, dat hij recentelijk land verkocht had aan Joannes Limpens, gehuwd met Gertruijd Mercken. Het betrof 200 kleine roeden op de witheggergraaf in het Grijzegrubberveld, grenzend aan Servaes Vroemen, Dionijs Aloffs en Geurt Snackers; en verder nog 172 kleine roeden aldaar gelegen, grenzend aan Nijst Aloffs, Claes Hermens, Geurt Snackers en Hermen Meijs. Joannes Limpens betaalde een gulden per kleine roede en moest verder nog "een paer mans en een paer vrouwe muijlen" leveren.
RAL-LvO 1758, 207v: Op 3 maart 1744 leende Matthijs Hautvast, gehuwd met Catharina Meijs, 506 gulden en twee stuivers van het kapittel van de Pieterkerk te Sittard. Hij borgde daartoe met een tiende, genaamd Meijken Lenssentiende, gelegen in het Grijzengrubberveld onder Nuth, grenzend aan de erfgenamen jonker Schaesbergh en de cijnskaart Doenrade; en verder met ca. een halve bunder beemd op de Pesch, grenzend aan Servaes Vroemen, de beek en de straat.
RAL-LvO 1758, 209v: Op 16 maart 1744 verkocht Matthijs Hautvast, gehuwd met Catharina Meijs, aan Dionisius Aloffs twee stukken akkerland in het Grijzegrubberveld "aen de waetercuijl". Het ene stuk, 433 kleine roeden, grensde aan Joannes Drummen, Matthijs Brants, Arnold Bemelmans en Matthijs Hautvast. Het tweede stuk, 250 kleine roeden, grensde aan de erfgenamen Servaes Vroemen, Vaes Dormans, Gerard Keuten en de waterkuil. De koopsom bedroeg 305 pattacons (1220 gulden) en verder werd nog een vat gerst in de koop bedongen.

  • 8. Margaretha, gedoopt op 29 april 1686 te Nuth (getuige(n): Max. Scheepers namens Petrus Willems, Maria Meijs).
  • 9. Jacobus, gedoopt op 20 oktober 1687 te Nuth (getuige(n): Matthias Renckens, Agnes Gruijls).
  • 10. Petrus (zie III.31).
  • 11. Christianus, gedoopt op 16 september 1691 te Nuth (getuige(n): Gerardus Horstmans, Catharina Roebroeks).


Generatie III

III.4 Michael MEIJS, gedoopt op 2 oktober 1667 te Nuth (getuige(n): Jacobus Meijs, Margaretha Huntgens e.v. Henricus Meijs).
RAL-LvO 1757, 156r: Op 29 december 1723 leende Michiel Meijs, gehuwd met Maria Crampen(!), 100 pattacons tegen 5% van Jan Jacob de Heldevier, en stelde tot onderpand zijn huis, hof en weide op de Drieschen onder Nuth, groot 147 kleine roeden en grenzend aan de Stratenerweg, Reinier Crijns, de weide van Cornelia Meijs, het huis van Reinier Crijns en Peter Cremers; 81 kleine roeden weide, genaamd de Nieuweweide, grenzend aan Mathijs Hautvast, Ercken Hermens en de Nieuwe Weg; 92 kleine roeden land nabij de Drieschen achter de Berg, grenzend aan Geurt Snackers, Reinier Crijns en de Bergerhof.
RAL-LvO 1757, 186r: Op 24 oktober 1726 verkocht Michiel Meijs, inwoner van Heerlen en gehuwd met Maria a Campo, 150 kleine roeden akkerland "de bastaert" te Terstraten onder Nuth, grenzend aan Peter Eggen en Leonaert Limpens. De koper, Merten a Campo, gehuwd met Meijken Meijs, betaalde 25 stuivers per kleine roede.
Zoon van Laurentius MEIJS (zie II.5) en Mechtildis HERMANS.
Gehuwd met Maria a CAMPO, gedoopt op 23 oktober 1673 te Heerlen. J. Albert, Nieuwe Kwartierstaat Albert-Wevers, in: LTG 28 (2000), 53, dochter van Merten te VELDEN (à Campo) en Heriberta HAGELSTEIN.
Uit dit huwelijk:

  • 1. Maria Heriberta, gedoopt op 19 april 1696 te Heerlen (getuige(n): Gulielmus a Campo, Anna a Campo), overleden op 11 maart 1735 te Nuth op 38-jarige leeftijd.

Ondertrouwd op 6 januari 1720 te Heerlen, bruidegom van Ubachsberg, bruid van Kunrade, gehuwd voor de kerk op 23-jarige leeftijd op 21 januari 1720 te Heerlen met Joannes BOCKEN, overleden op 13 januari 1750 te Driessen-Nuth.

  • 2. Mechtildis, gedoopt op 16 juni 1697 te Heerlen (getuige(n): Martinus a Campo, Mechtildis Hermens).
  • 3. Anna, gedoopt op 6 januari 1699 te Voerendaal.
  • 4. Anna Isabella, gedoopt op 13 september 1701 te Voerendaal.
  • 5. Martinus (zie IV.6).
  • 6. Joannes, gedoopt op 16 januari 1705 te Voerendaal.
  • 7. Michael, gedoopt op 8 april 1706 te Voerendaal.
  • 8. Cornelia, gedoopt op 15 augustus 1707 te Voerendaal.
  • 9. Paulus, gedoopt op 11 december 1708 te Voerendaal.
  • 10. Elisabetha, gedoopt op 5 april 1710 te Voerendaal.
  • 11. Wilhelmus (zie IV.13).
  • 12. Petrus, gedoopt op 8 september 1713 te Voerendaal.
  • 13. Theodorus, gedoopt op 16 november 1714 te Voerendaal.


III.7 Hermanus MEIJS, gedoopt op 3 oktober 1673 te Nuth (getuige(n): Joannes Dremmen, Joanna Caris), overleden op 15 januari 1756 te Terstraten-Nuth op 82-jarige leeftijd.
RAL-LvO 1757, 41v: Op 14 maart 1712 kocht Hermen Meijs, gehuwd met Heleen Hautvast, 183 1/2 kleine roeden land nabij Lambrichtsweide in het Horenveld te Nuth, grenzend aan Jan Moberts, Ercken Bemelmans, Lins Heuts en de rein naar Aalbeek, voor twintig stuivers per kleine roede van schepen Frans Crijns.
RAL-LvO 1757, 76v: Op 8 december 1714 kocht Hermen Meijs, gehuwd met Helena Hautvast, van de advocaten Willem Philip Veugen en Joan Baptist Leufkens, gelijk zij hem op 9 september 1714 hadden overgedragen, een huis met hof en landerijen te Terstraten, welke goederen hij reeds in pacht had, voor 950 rijksdaalders.
RAL-LvO 1757, 14r (vastgelegd op 6 maart 1719): Op 5 mei 1718 kocht Hermen Meijs, gehuwd met Helena Hautvast, van zijn broer Paulus, gehuwd met Windelinde Vroomen, een halve bunder land aan de Trichterweg, grenzend aan Thijs Eggen, Lenart en Jan Limpens; 101 kleine roeden en acht voet land op het Helleveld tussen de weduwe Geurt Hermens, Jan Limpens en Mathijs Eggen; en een halve morgen aldaar tussen Geurt Snackers, Jan Limpens en Hermen Meijs. Hij betaalde in totaal 300 gulden.
GAM-NA Brull 1855: Op 31 maart 1719 leende Mathias, zoon van bankier Hendrik Boomhouer uit Maastricht, 900 rijksdaalders tegen 5% aan Hermen Meijs, gehuwd met Helena Hautvast, Peter Meijs, gehuwd met Maria Weusten, Mathijs Hautvast, gehuwd met Helena Meijs en Joannes Hautvast, gehuwd met Sophia Gorissen. Een juridisch geschil omtrent deze lening werd op 6 juli 1737 geschikt.
RAL-LvO 1759, 75r: Op 2 augustus 1724 leende Hermen Meijs, gehuwd met Heijleken Hautvast, 350 rijksdaalders van bankier Hermanus Boomhouwer en borgde met zijn huis, hof en landerijen te Terstraten. Van deze lening werd op 14 maart 1782 door zijn nakomelingen 200 gulden afgelost. Omdat zij onvermogend waren werd de rest kwijtgescholden.
RAL-LvO 1757, 191v: Op 13 maart 1727 verkocht Herman Meijs, gehuwd met Helena Hautvast, aan Nijst Aloffs 182 kleine roeden weiland te Grijzegrubben, grenzend aan Jan Slangen, heer Keutten en Nijst Aloffs, afkomstig uit de erfenis van zijn schoonvader Mathias Hautvast, voor drie gulden per kleine roede.
RAL-LvO 1758, 42r: Op 10 maart 1730 verkocht Hermen Meijs, gehuwd met Helena Hautvast, zijn zesde deel uit het schoonouderlijk huis te Grijzegrubben met de huiswei aan Pieter Meijs, inwoner van Hulsberg en gehuwd met Maria Weusten, voor 250 gulden.
RAL-LvO 1757, 255v: Op 18 april 1730 leenden Herman Meijs, gehuwd met Helena Hautvast, en zijn zwager Mathijs Hautvast, gehuwd met Catharina Meijs, van Frederik Willem van Wijlre Terworm, deken van de OLV-kerk van Aken, 200 oude Franse pistolen of Louis d'or ten behoeve van hun schapenhandel. Herman Meijs stelde tot borg circa negen bunders in twee stukken land in het Helleveld, grenzend aan land van Geurt Snackers. Matthijs Hautvast borgde met 3 1/2 bunder land op de zevenmorgen, grenzend aan Johan Kremer en Paulus Leunissen; en voorts met 2 1/2 bunder land aan de Tienvrij, grenzend aan Vaes Dormans en Geurdt Kremers.
RAL-LvO 1757, 282v: Op 17 mei 1731 leenden zij wederom geld van voornoemde deken. Nu namen zij 600 rijksdaalders op tegen 5% rente. Herman Meijs stelde nu zij huis, hof, tuin en huiswei te Terstraten, groot vijf morgen, alsmede 250 kleine roeden beemd, grenzend aan de weduwe Jan Cremers, en 150 kleine roeden land, grenzend aan Jacob en Paulus Meijs, tot onderpand. Mathijs Hautvast borgde met zijn huis, hof, tuin en huiswei te Terstraten, groot een bunder; met een bunder weide, grenzend aan Peter en Michiel Meijs; drie bunder weide "de houvenast", grenzend aan Jan Drummen en Jacob Meijs.
RAL-LvO 1757, 304v: Op 9 oktober 1731 leenden zij vierhonderd pattacons tegen 5% van luitenant van der Meer, gehuwd met Maria Elisabeth Canisius. Hermen Meijs stelde tot borg drie percelen in de Withegge met een oppervlak van ongeveer drie bunders. Een bunder grensde aan Nijst Alofs en Jan Slangen, een halve bunder grensde aan de erfgenamen Leonard Curffs en de weduwe Jan Cremers, en een bunder grensde aan de Bekkerweg, Leonaert Limpens en Geurt Snackers. Matthijs Hautvast borgde met ca. drie bunder akkerland aan de Waterkuil, grenzend aan de erfgenamen Matthijs Rentgens, Arnold Bemelmans en aan Servaes Vroemen en de erfgenamen Schaesbergh.
RAL-LvO 1757, 303r: Op 29 mei 1732 leenden Hermen Meijs en Mathias Hautvast 1500 rijksdaalders van luitenant-kolonel Jean Jacques Heldevier. Hermen Meijs verhypothekeerde zijn huis, hof en weide, groot anderhalve bunder, grenzend aan Geurt Snackers en Jan Limpens; alsmede ruim vijf bunder land achter de huisweide, grenzend aan Geurt Snackers en Lenaert Limpens. Mathijs Hautvast borgde met drie bunder weide "Overweijde", grenzend aan Giel Cremers en Hendrick Drummen; verder met zijn huis, moestuin en weide, groot een bunder, grenzend aan Vaes Dormans en Jan Drummen; voorts met een bunder weide "de Neij", grenzend aan Giel en Peter Meijs; en tenslotte twee bunder akkerland "in de Swartcuijl", grenzend aan Jacob Bemelmans en Gerard Keuten.
RAL-LvO 1758, 82v: Op 16 februari 1734 leenden zij van dezelfde Heldevier 400 pattacons, getuige een wisselbrief die op 6 juli 1737 bij notaris Hupkens te Maastricht t.b.v. de erven Heldevier werd bevestigd. Hermen Meijs borgde met 221 kleine roeden beemd te Terstraten, grenzend aan Peter Eggen en de weg; anderhalve morgen weide in de Veltweide, grenzend aan Geurt Snackers en Nicolaes Coenen; en anderhalve morgen in de Bergweide, grenzend aan Leonaerd Limpens en Peter Eggen. Mathijs Hautvast borgde met drie bunder weide "Overweijde", grenzend aan Giel Cremers en Hendrick Drummen; verder met zijn huis, moestuin en weide, groot een bunder, grenzend aan Vaes Dormans en Jan Drummen; voorts met een bunder weide "de Neij", grenzend aan Giel en Peter Meijs; verder met twee bunder akkerland "in de Swartcuijl", grenzend aan Jacob Bemelmans en Gerard Keuten; voorts met ca. twee morgen beemd, gelgen aan de Narregats, grenzend aan juffrouw Canisius en Hans Wolter van Schaesbergh; anderhalve morgen beemd "op de Pesch", grenzend aan Vaes Vroemen en de straat; en tenslotte 2 1/2 morgen akkerland "de Paltsman", grenzend aan Jan Cremers en Nicolaes Coenen.
RAL-LvO 1736: Op de genachting van de schepenbank Nuth op 29 november 1734 klaagde Herman Meijs Vaes Bemelmans van Spaubeek aan. Bemelmans zou een schaap van Meijs zonder toestemming weggenomen hebben.
RAL-LvO 1758, 39v: Op 30 maart 1735 verkocht Hermen Meijs, gehuwd met Helena Hautvast, aan Gerard Keutten, burger van Maastricht en gehuwd met Anna Hautvast, 156 kleine roeden land aan de Bachgrubbe in het Grijzegrubberveld tussen Gerard Keutten en de erven Schaesbergh, voor 21 stuivers per kleine roede. De op het land wassende tarwe zou naar de verkoper gaan, die ook beloofde de schat over 1735 te betalen.
RAL-LvO 1758, 53r: Op 24 februari 1736 verkocht Herman Meijs, gehuwd met Helena Hautvast, aan Reijner Crijns, gehuwd met Mechtild Meijs, in totaal 381 kleine roeden land voor twee schillingen per kleine roede, te weten 75 kleine roeden tussen Peter Bouts en Servaes Vroemen, 131 kleine roeden tussen weduwe Canisius en Joannes Hautvast, genaamd Disteldries, 100 kleine roeden naast de weduwe Hautvast en erven Jacob Hautvast, en 75 kleine roeden aan de Sittarderweg naast de erven Lintgen Hermans.
RAL-LvO 1758, 211v: Op 18 juli 1744 verkocht Herman Meijs, gehuwd met Helena Hautvast, aan zijn zwager Reijner Crijns, gehuwd met Mechtild Meijs, de volgende vijf goederen:
a) 142 kleine roeden aan de Witheggergraaf, grenzend aan de erfgenamen Leonaert Limpens, Claes Hermens en Nijst Alofs;
b) 226 kleine roeden in de Withegge, grenzend aan Gerard Keutten
c) 108 kleine roeden aan de Beckerweg en Maastrichterweg, grenzend aan de erfgenamen Leonaert Limpens en Paulus Meijs;
d) 106 kleine roeden beemd "lattenbempt", grenzend aan Leonaerd Slangen, de erfgenamen Leonaerd Limpens en Reijner Crijns;
e) 70 kleine roeden beemd op de Pesch, grenzend aan Paulus Meis en Jacob Bavo Meijs, belast met twee molster haver in de cijnskaart van Amstenrade.
Reijner Crijns betaalde voor de 106 kleine roeden beemd 30 stuivers per kleine roede en voor de overige kleine roeden elk 36 stuivers.
RAL-NA 4183: Op 24 juli 1750 verklaarden Mathijs Meex, 86 tot 87 jaar oud, inwoner van Nierhoven en weduwnaar van Maria Schettjens, eertijds burgemeester van Nuth, Paulus Leunis, inwoner van Grijzegrubben, gehuwd met Agnes Boesten en 69 jaar oud, alsmede Herman Meijs, inwoner van Terstraten, gehuwd met Helena Hautvast en 76 tot 77 jaar oud, ter rekwisitie van de heer van Nuth, baron van Eijnatten, dat zij nog nooit hadden gehoord van een stemrecht van de inwoners van Vaesrade bij de benoeming van een koster in de parochie Nuth. De akte gaat verder in op de procedure van de kosterbenoeming.
RAL-LvO 1759, 56r: Op 3 oktober 1750 legden Hermen Meijs en zijn zieke echtgenote Helena Hautvast hun testament vast. Aan zoon Laurens werd, wegens een bedrag van 100 gulden dat hij hun had voorgeschoten, anderhalve morgen weide "de veltweide" te Terstraten gelegen, gegeven. Hun dochter Lijsken kreeg anderhalve morgen weide "de Berghweide aen het valderen" te Terstraten. Joseph Meijs kreeg een morgen akkerland op het Helleveld tussen Thevis Hermans en Joannes Meijs. Dochter Sijcken Meijs zou voor haar goede zorgen twee van de beste koeien krijgen.
RAL-LvO 1759, 86r: Op 24 april 1752 verkocht Hermen Meijs, gehuwd met Helena Hautvast, aan Nicolaes a Campo, gehuwd met Anna Hermens, 153 kleine roeden in de veldweide te Terstraten, oostwaarts Lens Limpens, westwaarts Nicolaes a Campo, voor 51 stuivers per kleine roede.
RAL-LvO 1737: Op de genachting van de schepenbank Nuth van 9 april 1753 bleek dat Herman Meis (sic!) 350 gulden rente achterstallig was, lopende vanaf 2 augustus 1745. Deze rente stond op een lening verstrekt door de heer Boomhouer (zie hierboven onder 4 augustus 1724), die nu nog 1000 gulden groot was. Boomhouwer eiste betaling van de schuld, hetgeen werd toegezegd.
RAL-LvO 1758, 125r: Op 17 augustus 1753 gaven de kinderen van Herman Meijs, weduwnaar Helena Hautvast, (te weten Laurens Meijs, gehuwd met Margaretha Donners, Joseph Meijs, gehuwd met Ida Raven, de ongehuwde Sophia [hier wordt Lucia bedoeld!] Meijs, en Claes Coenen, gehuwd met Anna Mechtildis Meijs) aan hun vader toestemming de lening van 1500 gulden die hij van wijlen de deken Wijlre Terworm had ontvangen middels een lening voor hetzelfde bedrag van de pastoor van St.-Maarten te Wijk, aan de erfgenamen van de deken af te lossen.
RAL-LvO 1758, 123v: Op 18 augustus 1753 werd deze lening notarieel vastgelegd. Negen bunder land in het Helleveld werden tot onderpand gesteld.
SAH-Archief St.-Bavo 25: Op 8 januari 1756 schonk Hermen Meijs aan zijn dochter Lucia een levend schaap, drie tinnen schotels, een half dozijn telloren, een bed met toebehoor, de zijen pot met de grote ijzeren ketel, het vuurijzer met toebehoor en de middelste koperen ketel.
RAL-LvO 1738: Op de genachting van de schepenbank Nuth van 22 november 1756 werden de goederen van wijlen Hermen Meijs publiekelijk verkocht omdat er enorme schulden waren.
a) Joseph Meijs verwierf voor 29 stuivers per kleine roede 424 kleine roeden land op het Helleveld, oost Joannes Beckers, west Geurt Snackers.
b) De heer Roemers verwierf 89 1/2 kleine roede op het Helleveld "het Kevelke", oost Gabriel Limpens, west Geertruijdt Eggen, voor een gulden per kleine roede.
c) De heer Roemers verwierf 201 1/2 kleine roede op het Helleveld, oost en west Geurt Snackers, voor een gulden per kleine roede.
d) Joannes Hermans verwierf voor 21 stuivers per kleine roede 392 kleine roeden land "aen de vaert", oost Jan Frissen, west de erfgenamen Th. Hermens.
e) Joannes Beckers verwierf voor 25 stuivers per kleine roede 469 1/4 kleine roeden land te Helle, grenzend aan Lenart Limpens en Geurt Snackers.
f) De heer Heldevier verwierf voor 2000 gulden het huis met hof, moestuin en weide, circa anderhalve bunder groot, grenzend aan Geurt Snackers en de erfgenamen van Jan Limpens.
g) De heer Heldevier verwierf circa negen morgen land achter de huisweide voor een gulden en veertien stuivers per kleine roede.
Op 11 januari 1757 werd met de kopers afgerekend.
Zoon van Laurentius MEIJS (zie II.5) en Mechtildis HERMANS.
Gehuwd voor de kerk op 30-jarige leeftijd op 30 januari 1704 te Nuth (getuige(n): Guil. Schepers, Mechtildis Meijs) met Helena HAUTVAST, 25 jaar oud, gedoopt op 16 maart 1678 te Nuth (getuige(n): Leonardus Caris, Maria Roussen), overleden op 30 juli 1752 te Nuth op 74-jarige leeftijd, dochter van Mathias HAUTVAST, schepen, en Anna HAGENS.
Uit dit huwelijk:

  • 1. Anna Mechtildis, gedoopt op 17 januari 1705 te Nuth (getuige(n): Jacobus Meijs, Catharina Hautfast namens haar moeder Anna Hagens), overleden op 16 september 1781 te Hellebroek-Nuth op 76-jarige leeftijd, buikloop, begraven op 17 september 1781 te Nuth.

RAL-LvO 1739, genachting 17 november 1766
RAL-LvO 1760, 104r: Op 1 december 1766 verkocht Anna Mechtildis Meijs, weduwe Claes Coenen, bijgestaan door haar kinderen, aan Joannes Limpens, gehuwd met Barbara Spijckers, en diens zwager Peter Spijckers, weduwnaar Helena Hermens, 469 kleine roeden akkerland in het Hellebos onder Nuth, oostwaarts Hermen Snackers en Gertruid Eggen, westwaarts Gabriel Limpens en Nicolaes a Campo, hoofdzijde erfgenamen Thevis Hermens. Iedere kleine roede kostte 41 stuivers.
Het land was belast met een vat rogge aan de armen van Nuth. Als betaling werd een lening van 800 gulden, eertijds aan Claes Coenen verstrekt door de E.H. Werden uit Sittard, overgenomen. Het restant werd ter plekke uitbetaald.
RAL-LvO 1760, 118r: Op 4 maart 1768 verklaarde Anna Mechtildis Meijs, weduwe Claes Coenen, dat zij door de grote schulden, door haar man achtergelaten, gedwongen was om onroerende goederen te verkopen. Zij verkocht nu aan de weduwnaar Nicolaes a Campo, ca. anderhalve morgen weiland "Schreursweijde" te Terstraten onder Nuth, grenzend aan Gertruijd Eggen, weduwe Leonaert Limpens, weduwe Joannes Leunissen, weduwe Joannes FRissen en de "hoolkerkweg?", voor twee gulden per kleine roede.
RAL-LvO 1760, 156r: Op 3 november 1769 deed Anna Mechtildis Meijs, weduwe Claes Coenen, afstand van het vruchtgebruik op al haar onroerende goederen, om haar kinderen de vrije hand te geven in het aflossen van de zware schulden. Lambertus en Nicolaes Coenen, huj zwager Joannes Ceulen, gehuwd met Maria Coenen, en hun ongehuwde (schoon)zus Mechtild Coenen, verkochten vervolgens hun erfdelen in huis, hof, weide, moestuin en landerijen te Terstraten onder Nuth, grenzend aan Hermen Snackers en de weduwe Laurens Cremers, aan hun zwager Stas Heuten, gehuwd met Anna Coenen, onder de volgende voorwaarden:
a) Stas Heuten nam een schuld van 1000 gulden, staande op deze goederen, over;
b) Stas Heuten nam alle verdere lasten, staande op deze goederen over;
c) Stas Heuten betaalde aan alle verkopers binnen drie maanden 50 gulden;
d) Stas Heuten zou zijn schoonmoeder de rest van haar leven van kost en kleding voorzien, en na haar dood haar begrafenis regelen. Indien hij of zijn vrouw voor zijn schoonmoeder zou overlijden, of indien zijn schoonmoeder elders zou gaan wonen, zou zij jaarlijks zes pattacons uitbetaald krijgen.
RAL-LvO 1760, 157v: Op 28 november 1769 werd vastgelegd dat, na afstand van het vruchtgebruik door Anna Mechtildis Meijs, het erfdeel van Joannes Cobben, gehuwd met Helena Coenen, voor 18 pattacons verkocht was aan Stas Heuten, gehuwd met Anna Coenen.
Gehuwd voor de kerk op 23-jarige leeftijd op 9 januari 1729 te Nuth (getuige(n): Stephanus Coenen, Laurentius a Campo), met dispensatie wegens bloedverwantschap in de vierde graad met Nicolaas COENEN, 33 jaar oud, gedoopt op 25 april 1695 te Nuth (getuige(n): Henricus Boots namens Joannes Haenen, Maria Onnouw), overleden op 12 juli 1766 te Terstraten-Nuth op 71-jarige leeftijd, begraven op 14 juli 1766 te Nuth, zoon van Lambertus COENEN en Anna HAEN(en).

  • 2. Maria, gedoopt op 10 februari 1707 te Nuth (getuige(n): Mathias Hautvast (grootvader), Mechtild Meijs namens haar moeder Mechtild Hermens), overleden op 10 oktober 1736 te Hulsberg op 29-jarige leeftijd.

Gehuwd voor de kerk op 26-jarige leeftijd op 5 juli 1733 te Nuth (getuige(n): Arnoldus Raven, Joseph Meijs) met Joannes RAVEN, 28 jaar oud, gedoopt op 27 januari 1705 te Nuth (getuige(n): Wilhelmus Schepers namens Godefridus Meijs, Maria Welsschen), overleden op 27 november 1783 te Nuth op 78-jarige leeftijd.
Zoon van Lambertus RAVEN en Maria TIMMERS.
RAL-LvO 1761, 142r: Op 20 juli 1752 leende Joannes Raeven, gehuwd met Maria Snijders, woonachtig te Helle onder Nuth, 50 rijksdaalders (200 gulden) tegen 5% van Johanna Jamin, weduwe Arnold Rouffaert, koopvrouw te Wijck. Hij borgde daartoe met:
a) 2/5 deel in zijn ouderlijk huis, toebehorend aan zijn zwagers Joseph Meijs, gehuwd met Ida Raeven, en Laurens Meijs, gehuwd met Ana Raeven, gelegen te Helle onder Nuth, grenzend aan de "Nelisgaven", Hendrick Eggen, de weduwe Roebroeck en zijn zwagers, zoals het hem op 10 november 1750 uit de erfenis van zijn ouders Lemmen Raven en Maria Timmers was toebedeeld;
b) 188 kleine roeden weiland tegenover het huis, grenzend aan de erfgenamen Lambert Eggen en de Grachtweg;
c) 107 kleine roeden akkerland op de Grachtweg, grenzend aan Lambrecht Timmers en Matthijs Habets;
d) 98 kleine roeden akkerland, genaamd "de Eegh", grenzend aan Hubert Slangen en Jacob Kreckels;
e) 50 kleine roeden beemd te Helle, grenzend aan de gemeente en Hendrick Eggen;
f) de schuur, varkens- en schaapsstal zoals hem bij erfdeling toegevallen was.
De lening werd op 9 april 1789 afgelost.
RAL-LvO 1763, 70v: Op 19 september 1780 deed Joannes Raeven, gehuwd met Maria Snijders, afstand van het vruchtgebruik op een morgen land uit een groter perceel aan de Grachtweg te Nuth, grenzend aan de weduwe Leonaerd Eggen, Joannes Raeven en Geurt Hermens, ten behoeve van zijn schoonzoon Mathijs Dodemon, gehuwd met Maria Helena Raeven. Vervolgens werd het stuk land verkocht aan diens zwager Joseph Raeven, gehuwd met Helena Meijs, die voor elke kleine roede 42 stuivers betaalde.

  • 3. Maria Catharina, gedoopt op 5 augustus 1708 te Nuth (getuige(n): Martinus a Campo, Catharina Hautvast).
  • 4. Josephus (zie IV.22).
  • 5. Laurentius (zie IV.24).
  • 6. Lucia, gedoopt op 13 december 1715 te Nuth (getuige(n): Mathias Hautvast namens Christiaan Fabri (uit Maastricht), Maria Meijs namens Anna van de Dries), overleden op 26 februari 1780 te Grijzegrubben-Nuth op 64-jarige leeftijd, begraven op 28 februari 1780 te Nuth.
  • 7. Helena, gedoopt op 24 september 1719 te Nuth (getuige(n): Godefridus Snackers namens Joannes Hermens, Cornelia Bosch), overleden op 20 september 1739 te Nuth op 19-jarige leeftijd.
  • 8. Catharina, gedoopt op 23 maart 1721 te Nuth (getuige(n): Reinerus Crijns (pachter op Nieuwhuijs), Sophia Gorissen e.v. Joannes Hautvast), overleden op 18 december 1743 te Nuth op 22-jarige leeftijd.


III.16 Paulus MEIJS, gedoopt op 17 september 1664 te Nuth (getuige(n): Arnoldus Hermens), overleden op 27 juni 1752 te Grijzegrubben-Nuth op 87-jarige leeftijd, senex, ouders vermeld in LvO 1756, 136r-137r (1 mei 1677/14 juli 1698), zoon van Joseph MEIJS (zie II.3) en Anna HERMANS.
Gehuwd met Catharina HAMERS, geboren ca. 1660, overleden op 27 maart 1722 te Nuth. Trineken Hamers, dochter van Servatius HAMERS en Joanna CROUSEN.
Uit dit huwelijk:

  • 1. Servatius, gedoopt op 16 april 1698 te Nuth (getuige(n): Wilhelmus Ruijters, Mechtild Hermens namens Catharina Nuchelmans), overleden op 4 oktober 1769 te Helle-Nuth op 71-jarige leeftijd.

Gehuwd voor de kerk op 60-jarige leeftijd op 19 juni 1758 te Nuth met Maria CRINS, overleden op 26 december 1791 te Helle-Nuth, begraven op 27 december 1791 te Nuth.
RAL-LvO 1760, 190r: Op 6 oktober 1770 sloot Maria Crijns, weduwe Joannes Sijben, een overeenkomst met Benedictus Wielen, gehuwd met Helena Meijs. Maria Crijns verklaarde vanwege haar ouderdom niet meer in staat te zijn haar goederen zelf te onderhouden. Benedictus Wielen en zijn vrouw zouden in haar huis te Helle komen wonen en haar goederen mogen gebruiken, mits er sprake was van goed onderhoud en betaling van de cijnsen. Bovendien droeg zij al haar roerende goederen over. In ruil zouden zij Maria Crijns verzorgen en na haar dood haar begrafenis regelen. De begrafenis zou echter wel betaald worden uit de onroerende goederen die, zoals op 11 maart 1740 testamentair vastgelegd was, zouden gaan naar de pastoor van de parochie Nuth.

  • 2. Anna Maria, gedoopt op 9 december 1699 te Nuth (getuige(n): Nicolaus Hermans namens Joannes Hamers, Agatha Meijs namens Judith Wijngaerts).
  • 3. Bavo, gedoopt op 14 maart 1701 te Nuth (getuige(n): Wilhelmus Schepers namens Wolterus Bosch, Mechtild Hermans namens Anna Tribels).
  • 4. Paulus (zie IV.34).


III.19 Paulus MEIJS, geboren ca. 1672, overleden op 9 mei 1701 te Nuth, broer Petrus, gehuwd met Maria Weusten, zoon van Jacobus MEIJS (zie II.7) en Catharina NUCHELMANS.
Gehuwd voor de kerk op 4 februari 1700 te Nuth (getuige(n): Hermanus Meijs, Petrus Frissen) met Judith FRISSEN, 24 jaar oud, gedoopt op 7 oktober 1675 te Wijnandsrade, overleden op 7 maart 1743 te Nuth op 67-jarige leeftijd, dochter van Joannes FRISSEN en Barbara PLUCHMECKERS.
Uit dit huwelijk:

  • 1. Bavo Jacobus, secretaris schepenbank Nuth, gedoopt op 27 februari 1701 te Nuth (getuige(n): Christianus Nuchelmans, Christophorus Wilms namens zijn vader Wilhelmus Wilms, Mechtild Hermans), overleden op 17 januari 1780 te Nuth op 78-jarige leeftijd, begraven op 19 januari 1780 te Nuth.

RAL-LvO 1735, genachting 25 januari 1723: Bavo Jacob Meijs, zoon van wijlen Paulus Meijs en Judith Frissen, vroeg om de aanstelling van zijn vaderlijke ooms Peter Meijs en Matthijs Hautvast de jonge tot zijn voogden.
RAL-LvO 1735, genachting van 18 juni 1725: eedaflegging van Jacobus Meijs, door de heer van Nuth benoemd tot secretaris van de schepenbank.
RAL-LvO 1757, 204r (en 232r): Op 24 november 1727 kocht secretaris Jacobus Bavo Meijs van Leonard en Wijnand Schorens, en hun zwager Frans Dirk Dortants, 245 1/4 kleine roeden weiland te Hunnecum onder Nuth, zonder het huis dat op deze weide stond, grenzend aan Marten Cobben, Geurt Eckermans, de Putweg en de gats, voor 625 gulden. Hiervan werd 525 gulden afgetrokken vanwege een schuld met verlopen rente, en voor het overige bedrag nam hij een deel van de schuld aan vicaris Ophoven, kapelaan OLV te Maastricht,
over.
RAL-LvO 1736, genachting van 15 februari 1729: Tijdens een veiling van het erfdeel van Paulus Hautvast, bestaande uit het zevende deel in drie morgen huis met hof en weide te Grijzegrubben onder Nuth, verbleef dit deel voor 1000 gulden aan secretaris Meijs. De veiling had plaats op verzoek van de erfgenamen Boomhouer die een vordering op Paulus Hautvast hadden lopen.
RAL-LvO 1758, 12r: Op 22 september 1729 kocht secretaris Bavo Jacob Meijs van Cecilia van Hartsleben, weduwe von Sussekern, een bunder land uit hof de Dael onder Nuth, zuidwaarts de Wijenweg, westwaarts Claes Frijns, oostwaarts en noordwaarts de hof Dael, voor 640 gulden. Dit geld zou in termijnen betaald worden aan Leonardus Welters van Maastricht. De weg die door het goed liep en toebehoorde aan huis Reijmersbeek, mocht de koper vrijelijk gebruiken.
Van dit bedrag werd 200 gulden op 19 oktober 1733 betaald aan de proviseurs van de Armen van Nuth (RAL-LvO 1758, 20r)
RAL-LvO 1757, 314v: Op 13 april 1731 verkocht Willem Celis, gehuwd met Elisabeth Houben, aan Bavo Jacobus Meijs, secretaris van Nuth, voor 580 gulden de goederen die hij op 31 maart 1731 van Nijs Bormans gekocht had, te weten:
a) anderhalve morgen weiland te Grijzegrubben onder Nuth, grenzend aan de erfgenamen Matthijs Renckens, Peter Meijs en de straat;
b) 80 kleine roeden beemd in de Schattebemden onder Nuth, grenzend aan de beek en Jan Hermens;
c) 75 kleine roeden akkerland in de Sijpen onder Nuth, grenzend aan Thomas Bruls en Steven Slangen;
d) 57 kleine roeden akkerland onder Wijnandsrade, grenzend aan Claes Curfs, Mathhijs Roex, het bos en Judith Frissen.
RAL-LvO 1761, 166v: Op 10 januari 1780 schonk J.B. Meijs, gewezen secretaris van Nuth, zijn huis met schuur, stallen, moestuin en weide onder Nuth, grenzend aan de gat,s Cornelia Janssen, Willem Biesjans en de Platsbeek, aan zijn neef J.W. Frissen, secretaris van Nuth. De schenking was een beloning voor ongeveer tien jaar trouwe dienst. Wel behield de schenker het gebruiksrecht gedurende zijn verdere leven.
Hij verklaarde vanwege een ongeval zijn rechterhand niet te kunnen gebruiken en kon daarom de akte slechts ondertekenen met een kruisje.
RAL-LvO 1761, 180r: Op 5 mei 1780 werd voor de schepenbank Nuth een geschil over de erfenis van secretaris Meijs geregeld. Partijen waren Matthis Habets, gehuwd met Catharina Meijs, als gevolmachtigde van zijn schoonvader Peter Meijs (weduwnaar Maria Weusten) aan de ene kant en Joannes Meens, gehuwd met Barbara Hennen, en Christiaen en Paulus Hautvast met hun verwanten aan de andere kant.
Afgesproken werd:
1. Petrus Meijs zou alle roerende goederen behouden
2. Petrus Meijs zou vooraf 245 1/4 kleine roeden weiland "Daelersweijde" te Hunnecum verwerven. alsmede 52 1/2 kleine roeden akkerland "het vleugelken" aan het Voorstercleef, maar zou wel aan de andere partij 20 gulden 13 stuivers en twee oort geven
3. Petrus Meijs zou 1/3 deel van de schulden overnemen, de rest zou de andere partij moeten nemen. Als schuldeisers worden genoemd chirurgijn Kerckhoffs, Frans Crijns, Peter Kleijntjens, Willem Biesjans, schepen Leonaerd Nuchelmans, Leonaerd Nuchelmans Janszoon, Mechel Meijs weduwe Claes Coenen, Jacobus Wolters, juffrouw Milliaer, heer Coolen, heer Rietraedt, heer Romers en Peter Cremers.
4. Alle overige goederen zouden in drie gelijke delen toevallen aan Petrus Meijs, Joannes Meens en de gebroeders Hautvast, waarbij het derde deel van Joannes Meens in vijf delen gesplitst zou worden voor Joannes Meens, de kinderen van Jacobus Hennen, de kinderen van Catharina Hennen, de kinderen van Sophia Hennen en de kinderen van Margaretha Hennen, en het derde deel van de gebroeders Hautvast eveneens in vijf delen, waarbij naast zijzelf ook Henricus Hautvast, Maria Anna Hautvast en de kinderen van Jacobus Hautvast zouden meedelen.

III.31 Petrus MEIJS, gedoopt op 30 oktober 1689 te Nuth (getuige(n): Henricus Scheiffelaerts, Elisabetha Hennen e.v. Christianus Nuchelmans), overleden op 24 december 1780 te Hulsberg op 91-jarige leeftijd.
RAL-LvO 7096, 7: Op 16 januari 1717 verkocht Johan Boomhouwer, met volmacht van zijn zoon Hendrick, vaandrig in het Staatse leger in het regiment Alberti, aan Peter Meijs, gehuwd met Anna Weusten, Jan Loijens en Jan Gelekercken, gehuwd met Anna Maria Wijnen, de volgende, onder Hulsberg en Wijnandsrade gelegen, onroerende goederen:
a) een perceel akkerland "aen het Heeker beltie", grenzend aan de straat naar Heek en de straat naar Overheek;
b) een perceel akkerland "op den Hoogen Graeff", grenzend aan Jan Sleijpen;
c) een klein perceel akkerland "aen het meijse bosken", grenzend aan Jan Loijens en de weg, beklast met het vijfde deel in drie vaten rogge aan de armen van Hulsberg;
d) een weiland "de lange weijde", grenzend aan de "puttweijde" en de Hulsberger beemden, belast met een half vat rogge aan de kerk van Valkenburg en een een half vat rogge aan de kerk van Hulsberg.
Het geheel werd verkocht voor 540 gulden.
RAL-LvO 1761, 180r: Op 5 mei 1780 werd voor de schepenbank Nuth een geschil over de erfenis van secretaris Meijs geregeld. Partijen waren Matthis Habets, gehuwd met Catharina Meijs, als gevolmachtigde van zijn schoonvader Peter Meijs (weduwnaar Maria Weusten) aan de ene kant en Joannes Meens, gehuwd met Barbara Hennen, en Christiaen en Paulus Hautvast met hun verwanten aan de andere kant.
Afgesproken werd:
1. Petrus Meijs zou alle roerende goederen behouden
2. Petrus Meijs zou vooraf 245 1/4 kleine roeden weiland "Daelersweijde" te Hunnecum verwerven. alsmede 52 1/2 kleine roeden akkerland "het vleugelken" aan het Voorstercleef, maar zou wel aan de andere partij 20 gulden 13 stuivers en twee oort geven
3. Petrus Meijs zou 1/3 deel van de schulden overnemen, de rest zou de andere partij moeten nemen. Als schuldeisers worden genoemd chirurgijn Kerckhoffs, Frans Crijns, Peter Kleijntjens, Willem Biesjans, schepen Leonaerd Nuchelmans, Leonaerd Nuchelmans Janszoon, Mechel Meijs weduwe Claes Coenen, Jacobus Wolters, juffrouw Milliaer, heer Coolen, heer Rietraedt, heer Romers en Peter Cremers.
4. Alle overige goederen zouden in drie gelijke delen toevallen aan Petrus Meijs, Joannes Meens en de gebroeders Hautvast, waarbij het derde deel van Joannes Meens in vijf delen gesplitst zou worden voor Joannes Meens, de kinderen van Jacobus Hennen, de kinderen van Catharina Hennen, de kinderen van Sophia Hennen en de kinderen van Margaretha Hennen, en het derde deel van de gebroeders Hautvast eveneens in vijf delen, waarbij naast zijzelf ook Henricus Hautvast, Maria Anna Hautvast en de kinderen van Jacobus Hautvast zouden meedelen.
Zoon van Jacobus MEIJS (zie II.7) en Catharina NUCHELMANS.
Ondertrouwd op 18 februari 1713 te Klimmen. Hervormde gemeente Klimmen; met vermelding ouders, gehuwd voor de kerk op 23-jarige leeftijd op 26 februari 1713 te Nuth (getuige(n): Joannes Hennen, Bartholomeus Silvertants) met Maria WEUSTEN, overleden op 14 mei 1759 te Hulsberg, dochter van Simon WEUSTEN en Margaretha HABETS.
Uit dit huwelijk:

  • 1. Jacobus (zie IV.37).
  • 2. Margaretha, gedoopt op 2 oktober 1715 te Hulsberg.
  • 3. Catharina, gedoopt op 12 januari 1718 te Hulsberg, overleden op 28 maart 1781 te Hulsberg op 63-jarige leeftijd.

Gehuwd voor de kerk op 39-jarige leeftijd op 13 februari 1757 te Hulsberg met Mathias HABETS.

  • 4. Maria Elisabeth, gedoopt op 23 februari 1720 te Hulsberg.
  • 5. Simon, gedoopt op 3 augustus 1722 te Hulsberg.
  • 6. Paulus, gedoopt op 18 maart 1724 te Hulsberg.
  • 7. Petrus, gedoopt op 1 januari 1730 te Hulsberg.


Generatie IV

IV.6 Martinus MEIJS, gedoopt op 2 juli 1703 te Voerendaal, overleden op 26 maart 1764 te Voerendaal op 60-jarige leeftijd.
RAL-AHW 170, 274: registratie 6 november 1740: Op 29 oktober 1740 werd het testament geopend van Joannes Wernerus Goffin, in leven advocaat te Aken. Volgens dat testament zou Catharina Goffin, gehuwd met Martin Meijs, een rijksdaalder ontvangen.
RAL-NA 4431, 37: Op 31 augustus 1741 kocht Martinus Meijs, pachter op de Dries te Voerendaal, van Baltus Linssen, inwoner van Weustenrade en gehuwd met Anna Ubags, een kamer met zolder en kelder, een kleine moestuin daarachter gelegen, alsmede de halve poort, het geheel gelegen onder Weustenrade en rondom begrensd door de erven Goffin. Hij betaalde 30 rijksdaalders en een vracht kolen.
RAL-AHW 170, 281: Op 6 februari 1742 beleende Willem Goffin, gehuwd met Margaretha Heuschen, Martin Meijs met 167 1/2 kleine roede land in het Lepelerbroek onder Wijnandsrade, oostwaarts de erven Andries Fabritius, westwaarts Martin Meijs zelf, voor 35 pattacons en drieëneenhalve gulden. De afspraak gold voor zes jaar.
RAL-NA 4175, 22: Op 18 februari 1742 verkocht Willem Goffin, gehuwd met Margaretha Heuschen, aan Merten Meijs:
a) een schuur te Weustenrade, grenzend aan de erven Goffin en Baltus Linssen;
b) 40 kleine roeden huisweide uitschietend op de moestuin, grenzend aan Nelis Linssen;
c) 49 kleine roeden moestuin naast Nelis Linssen en de erven Goffin; 69 kleine roeden land achter de moestuin naast Nelis Linssen en Hendrick Crijns;
d) 67 kleine roeden land te Wijnandsrade, oostwaarts de rein, westwaarts de erven Goffin en Ghielen.
De schuur kostte 40 pattacons, weide en moestuin vier schilling en het land 25 stuivers per kleine roede, in totaal 646 gulden. Het land onder Klimmen was belast met 37 gulden aan de erven Moenen, een half vat en 1/6 kop rogge aan Wouter Limpens en de kerk van Hulsberg. Het land onder Wijnandsrade was belast met het derde deel van 100 gulden aan Hendrick Crijns. Er werd 92 gulden korting gegeven voor de kapoenen. De koopsom zou besteed worden voor het delgen van schulden en de begrafeniskosten van advocaat Joannes Wernerus Goffin.
RAL-NA 4175, 135: Op 18 juni 1742 beleenden Joannes Linssen en Jacobus Ubags, gehuwd met Margaretha Linssen, mede voor Nelis Linssen handelend, Meerten Meijs met 150 kleine roeden weiland, laatgoed gelegen te Weustenrade, aan weerszijden grenzend aan land van Merten Meijs, voor 50 pattacons. Het land, door Lins Linssen geschonken aan Nelis Linssen, werd beleend voor zes jaar.
RAL-LvO 1758, 216r: Op 10 december 1744 verkochten Merten Meijs, gehuwd met Catharina Goffins, en Willem Meijs, gehuwd met Catharina Moulen, aan hun zwager Joannes Bocken, weduwnaar Heriberta Meijs, wonende op de Drieschen onder Nuth, hun erfdelen uit de nalatenschap van hun vader Michael Meijs, wat betreft de op de Drieschen gelegen goederen, als huis weide en land, thans bewoond door Joannes Bocken, grenzend aan Joannes Frissen, de straat, Laurens Cremers en voornoemde Joannes Frissen. Het gehele goed was 1300 gulden waard en Joannes Bocken bleef aan zijn schoonzussen Elisabeth, Isabella en Anna Meijs hun deel van 23 pattacons 17 stuivers schuldig.
RAL-NA 4433, 45-46: Op 5 november 1745 kocht Martinus Meijs van Antoon Goffin, inwoner van Voerendaal, voor 930 gulden de navolgende onroerende goederen onder Wijnandsrade en Klimmen:
a) panhuis met schuur en mestplaats, gelegen aan de gats te Swier en grenzend aan Hubert Goffin en de moeder van de verkoper
b) 200 kleine roeden uit de "cortweijde" tussen Hubert Goffin en de erven Nicolaas Gerards
c) 21 kleine roeden land in het Leuperbroek aan de Groeneweg te Klimmen naast Peter Gielen
d) 124 kleine roeden land in het Meulenveld tussen Lambert Eggen en de erven Jan Meijers
e) 193 kleine roeden land achter het heilig tussen Lambert Eggen en Hubert Goffin
Verder kocht hij nog de pacht van een vat rogge tot laste van Thomas Moenen. Hij betaalde 30 gulden ter plaatse en beloofde de rest binnen een half jaar te betalen. Op 10 oktober 1746 ontving hij een kwitantie voor de rest van de koopsom.
RAL-NA 4434, 51: Op 6 mei 1747 ruilde Martinus Meijs land met Cornelis Linssen, gehuwd met Anna Schoenmaekers. Hij kreeg 150 kleine roeden bouw- en weiland, grenzend aan zijn goederen onder Weustenrade, alsmede bebouwing bestaande uit een paarden- en koeienstal, een poort en mesthof, het geheel belast met een vat rogge aan advocaat Limpens van Aalbeek. Hij gaf in ruil 60 kleine roeden land onder Weustenrade, oostwaarts Nelis Linssen, westwaarts de erven Crijns, alsmede 77 1/2 rijksdaalder.
RAL-NA 4434, 35: Op 23 mei 1748 kocht Martinus Meijs van voornoemde Cornelis Linssen een morgen weiland "het drieschke" onder Weustenrade, grenzend aan Willem Moenen, de verkoper en Willem Goffin. Verder kocht hij een morgen land te Weustenrade tussen Coen Sporcken en Willem Bisschops, alles voor 40 stuivers per kleine roede. Het geheel was laatgoed en belast met een half vat rogge aan advocaat Limpens van Aalbeek.
RAL-NA 4435, 46: Op 20 maart 1749 verkocht Martinus Meijs aan Hubertus Goffin, gehuwd met Elisabeth Quaedvlieg, een schuur met stal en land, gelegen aan de gats te Swier tussen de weide van de erven Goffin en de mestplaats, voorts ongeveer 200 kleine roeden weiland uit de "cortweijde", grenzend aan de koper, tevens circa 20 kleine roeden land in het Leuperbroek onder Klimmen naast Willem van Geul en Johan Senden, en ten slotte een erfpacht van een vat rogge tot laste van Johan Moenen. Het geheel moest 515 gulden opbrengen.
RAL-NA 4435, 36: Op 25 oktober 1749 kocht Martinus Meijs van meergenoemde Cornelis Linssen, inwoner van Caestert, voor 782 gulden de navolgende goederen:
a) 146 kleine roeden weiland "bij Hendrik Crijns", grenzend aan Steven en Willem Moenen en Willem Bisschops. De eikenboom in de weide bleef eigendom van de verkoper
b) 120 kleine roeden weiland "drieschweijde" tussen de koper en Willem Goffin
c) 92 kleine roeden land achter deze weide tussen Jan Moenen en Willem Bisschops
d) 50 kleine roeden land achter "Cogelen" tussen Johan Moenen en Aelmen Schoenmaekers
e) 140 kleine roeden land op Ubachsberg onder Voerendaal naast de erven Jabigs
De lasten bedroegen drie koppen rogge aan de armen van Hulsberg; drie malder en anderhalve kop haver aan baron Belderbusch en anderhalve kop tarwe aan de kerk van Klimmen.
RAL-NA 4435, 119: Op 28 oktober 1749 kocht Martinus Meijs van Jan Hendrik Linssen uit Klimmen 80 kleine roeden land op de Ubachsberg, grenzend aan hemzelf, voor 17 stuivers per kleine roede.
RAL-NA 4435, 136: Op 29 november 1749 kocht hij van dezelfde Jan Hendrik Linssen voor 770 gulden de volgende goederen:
a) schuur, schaapstal, neere, kamer, paardenstal, de halve mesthof, de huiswei en twee moestuinen, alles gelegen onder Weustenrade en grenzend aan hemzelf, Andries Linssen en Willem Moenen, groot 198 kleine roeden
b) 71 kleine roeden land achter de voornoemde huisweide
c) 75 kleine roeden land in het Leuperbroek tussen Peter Somers en Johannes Beckers.
Het geheel was belast met 200 gulden aan Th. Crous, een vat rogge aan de schutterij van Wijnandsrade en twee koppen rogge aan het Huis Wijnandsrade.
RAL-NA 4439, 22: Op 21 maart 1753 verpachtte Martinus Meijs aan Jaspar Konings, gehuwd met Elisabeth Moenen, een huis met landerijen en de helft in de bouw van Baltus Linssen, het geheel gelegen te Weustenrade. De pacht werd voor twaalf jaar aangegaan, te rekenen vanaf 1 oktober 1753. De pachtprijs bedroeg jaarlijks 35 rijksdaalders en zes pond Engelse tin. De pachter beloofde 1/3 van de schat te betalen en op het land slechts bonen, erwten, wortelen, rapen of klaver te zaaien.
RAL-NA 4440, 84: Op 24 oktober 1755 ruilde Martinus Meijs land met Elisabeth Smeets, inwoonster van Swier en weduwe van Lambert Deckers. Hij gaf 24 1/2 kleine roede land in het Meulenveld aan de Molenweg tussen Lambert Eggen en de weduwe Somers. Hij verkreeg 100 kleine roeden land achter het Heilig tussen hemzelf en Nicolaas Gerards. Voorts werd afgesproken dat Martinus Meijs, wanneer het verworven land niet meer beleend zou zijn, 36 gulden zou betalen.
RAL-NA 4440, 65: Op 19 november 1756 kocht Martinus Meijs van Dirk Habets, gehuwd met Maria Douven, en van Dirk Houwers, gehuwd met Clara Douven, 37 1/2 kleine roeden beemd te Weustenrade tussen hemzelf en Jan Janssen, voor 21 1/2 stuiver per kleine roede. Het land was belast met een kop rogge aan de geestelijke goederen.
RAL-NA 4728: Op 23 maart 1757 werd aan Marten Meijs uit de erfenis van Hubert Goffin het volgende lot toegewezen:
a) 107 1/2 kleine roeden land in het Getsken naast Hubert Goffin, waard 161 gulden
b) 98 kleine roeden in de Cleine Cortwinckel naast Lins Tevissen, waard 186 gulden en tien stuivers
c) 63 kleine roeden land en moestuin aan de Swiergats naast Hubert Goffin, waard 126 gulden, te korten met twee koppen rogge aan de erven Belledams, (tien gulden per kop)
d) 125 kleine roeden in de "lange weijde" naast Evert Onnou, waard 156 gulden en vijf stuivers.
De totale waarde was 609 gulden en negen stuivers. Aangezien iedere erfgenaam slechts recht had op 540 gulden, dertien stuivers en een oort moest hij de meerwaarde aan zijn mede-erfgenamen uitbetalen.
RAL-NA 4441, 50: Op 14 juni 1757 werd de hiervoorgenoemde beemd door Dirk, zoon van Jan Janssen uit Kunrade genaast.
RAL-NA 4442, 92: Op 2 oktober 1759 verpachtte Martinus Meijs aan Arnold Schoonbroodt, gehuwd met Maria Mees, een huis met land en 80 kleine roeden beemd onder Weustenrade. De pacht werd voor twee jaar aangegaan voor 38 pattacons en zes pond Engelse tin jaarlijks. De verpachter behield zich het recht voor om jaarlijks twee appelbomen naar keuze te plukken.
RAL-NA 4446, 29: Op 5 april 1763 verpachtte Martinus Meijs aan Joannes Vernaus, gehuwd met Maria Catharina Heuvels, een huis met stal, schuur, huiswei en drie weilanden, gelegen te Weustenrade. De pachttermijn zou op 1 oktober 1763 ingaan voor de duur van zes jaar. De pachtsom bedroeg jaarlijks 36 rijksdaalders en zes pond Engelse tin. De verpachter behield zich het recht voor om de zolder te gebruiken voor de opslag van zijn gewassen. Verder mocht hij vijf fruitbomen naar keuze plukken. Indien hij het huis voor eigen gebruik nodig had, diende de pachter het pand te ontruimen, mits een half jaar van tevoren gewaarschuwd.
Zoon van Michael MEIJS (zie III.4) en Maria a CAMPO.
Gehuwd voor de kerk op 32-jarige leeftijd op 4 september 1735 te Voerendaal met Maria Catharina GOFFIN, 23 jaar oud, gedoopt op 2 mei 1712 te Wijnandsrade (getuige(n): Maria Haesen), overleden op 1 mei 1776 te Voerendaal op 63-jarige leeftijd, dochter van Hubertus GOFFIN en Elisabeth SCHOONBROODT.
RAL-NA 4450, 80: Op 8 december 1768 verpachtte Catharina Goffin, weduwe van Martinus Meijs, aan Peter Habets, gehuwd met Barbara Vlecken, een huis met hof, landerijen met kaf en stro "in de rode poort" te Weustenrade. De pacht gold voor zes jaar, lopende vanaf 1 oktober 1769. De pachtsom bedroeg jaarlijks veertien rijksdaalders en vier pond Engelse tin. De verpachtster reserveerde een deel van de zolder voor de opslag van haar gewassen.
RAL-NA 4453, 10: Op 8 februari 1773 meldde Maria Catharina Goffin dat haar zoons Hans Willem en Michiel Meijs te Heerlen gedaagd waren wegens een vechtpartij. Ter beëindiging van het proces had zij dertig rijksdaalders nodig, die haar tegen een rente van 5% verstrekt werden door baron van Belderbusch. De erfdelen van haar zoons dienden tot onderpand.
Uit dit huwelijk:

  • 1. Michael, gedoopt op 7 juli 1736 te Voerendaal (getuige(n): Michael Meijs, Catharina Fransen).
  • 2. Maria Elisabetha, gedoopt op 22 januari 1738 te Voerendaal (getuige(n): Joannes Heuts, Elisabetha Meijs), overleden op 11 maart 1772 te Klimmen op 34-jarige leeftijd.

Gehuwd voor de kerk op 23-jarige leeftijd op 16 augustus 1761 te Klimmen met Hendrik RAMAEKERS, 28 jaar oud, gedoopt op 24 maart 1733 te Klimmen (getuige(n): Henricus Sporcken, ...), overleden op 15 november 1814 te Klimmen op 81-jarige leeftijd.
Zoon van Jacobus RAMAEKERS en Elisabeth SPORCK.
RAL-LvO 7103, 387; RAL-NA 4445, 40: Op 1 mei 1762 kocht Hendrik Ramekers van Peter Jongen, gehuwd met Agnes Speesen, inwoner van Weustenrade de navolgende goederen:
a) huis met schuur, stallen en mesthof, gelegen te Weustenrade, noord heer Hain., zuid erven Widdershoven, groot 10 kleine roeden
b) 164 kleine roeden moestuin en huiswei naast voornoemd huis
c) 532 kleine roeden weiland met beemd, oost de huiswei, west Michiel Ramekers
d) 185 kleine roeden land "tegen de bouw" naast Hendrik Ramekers
Het huis met toebehoren kostte 150 kroondaalders of 525 gulden en het land 35 stuivers per kleine roede. Verder gaf hij een malder rogge, gerekend aan 50 stuivers het vat, en een "vaselvercken", gerekend aan 25 gulden. Het geheel was laatgoed en belast met een vat rogge en drie kapoenen aan huis Cortenbach, twee vaten rogge en twee kannen olie aan de kerk van Klimmen en honderd pattacons t.b.v. Theodoor Crous, resulterend in een korting van 610 gulden. De koopsom van 1596 gulden en vijftien stuivers werd contant betaald.
RAL-LvO 7103, 401; SAH-NA 69, 22: Op 22 mei 1762 leende Willem Rameckers, gehuwd met Elisabeth Sporcken, 200 gulden tegen 5% aan Henricus Rameckers, die daartoe tot borg stelde 112 1/2 kleine roeden land te Retersbeek naast Willem Rameckers, Hendrik Vernaus en Terveeren, alsmede 112 kleine roeden aldaar tussen oostwaarts Michiel Rameckers en westwaarts Hendrik Vernaus.
RAL-LvO 7105, 476; SAH-NA 76, 65: Op 24 juni 1769 kocht Willem Rameckers, gehuwd met Elisabeth Sporcken, van Henricus Rameckers 99 kleine roeden weiland te Retersbeek tussen hemzelf en de straat, voor 325 gulden. Het land was belast met een halve kapoen aan heer Schryck. Dit land was op 22 mei 1762 in belening gedaan met de bepaling dat de innemer de heg mocht snoeien en 18 bomen mocht kappen. Verder kocht hij nog 100 kleine roeden land te Retersbeek tussen heer Schryck en Sander Eijmael voor 100 gulden, zijnde het bedrag waarvoor het land op 16 juli 1763 beleend was.
RAL-NA 4453, 78: Op 9 december 1773 verklaarden Johan Moenen van Brommelen en Hendrik Ramaekers van Weustenrade dat Johan Eeven, zes dagen tevoren opgehangen aan de galg te Valkenburg, dreigementen had geuit tegen de inwoners van Weustenrade. In juni 1773 had hij gezegd dat hij half Weustenrade zou verraden indien hij gearresteerd zou worden. Hij doelde hiermee op de golf van arrestaties in de regio van leden van een bende, later bekend als Bokkerijders. Frans Willem van de Valderen (= Frans Willem Heuschen) zou hij dan als eerste verraden. Hendrik Ramaekers had dit vernomen toen hij de "veurdel" achter de moestuin van Eeven aan het omgraven was.
RAL-NA 3799, 135: Op 11 mei 1775 trad Henricus Ramaekers van Weustenrade, weduwnaar van Maria Elisabeth Meijs, als voogd op van de kinderen van wijlen Conradus Sporcken en diens weduwe Ida Bruls.
RAL-NA 4454, 71: Op 11 november 1776 verkocht Hendrik Ramaekers, in tweede huwelijk met Elisabeth Diederen, aan zijn ongehuwde zwager Michael Meijs, halfwin op hof Driesch, zijn erfdeel, afkomstig van zijn eerste echtgenote, staande op de hof Driesch, voor 200 gulden. Het geld bleef als lening uitstaan ten behoeve van de kinderen uit het eerste huwelijk.
RAL-NA 4455, 21: Op 14 april 1779 verklaarde Hendrik Ramaekers dat zijn zwager Johan Willem Meijs in april 1778 aan baron van Furth 100 kleine roeden land aan het Weustenraderveld had verkocht. Ramaekers wilde het land, afkomstig uit de erfenis van zijn schoonouders, voor 275 gulden naasten. Daartoe had hij zich, samen met een notaris uit Aken, daags tevoren en diezelfde ochtend bij de baron vervoegd. De baron had het aangeboden bedrag geweigerd. Op uitdrukkelijk verzoek ging notaris Swildens met de baron praten. De baron ging nu akkoord, op voorwaarde dat het land zou toevallen aan de kinderen uit het eerste huwelijk.

  • 3. Hubertus, gedoopt op 18 maart 1739 te Voerendaal (getuige(n): Reinerus Daemen, Mechtildis Meijs).
  • 4. Cornelia, gedoopt op 28 februari 1741 te Voerendaal (getuige(n): Joannes Wernerus Goffin, Cornelia Meijs).
  • 5. Maria Sibilla, gedoopt op 10 februari 1743 te Voerendaal (getuige(n): Wilhelmus Goffin, Maria Sibilla Meijs), overleden op 28 mei 1815 te Voerendaal op 72-jarige leeftijd.
  • 6. Joannes Wilhelmus, gedoopt op 7 augustus 1744 te Voerendaal (getuige(n): Wilhelmus Raeven, Maria Maes).
  • 7. Joanna Maria, gedoopt op 8 april 1746 te Voerendaal, overleden op 3 juni 1818 te Nuth op 72-jarige leeftijd.

Ondertrouwd (1) op 23 augustus 1777 te Heerlen, gehuwd voor de kerk op 31-jarige leeftijd op 7 september 1777 te Heerlen.
RAL-Huwelijksdipensaties 1777, nr. 160: huwelijk gedispenseerd wegens bloedverwantschap in de vierde graad met Joannes SNACKERS, 45 jaar oud, gedoopt op 12 juli 1732 te Nuth (getuige(n): Joannes Pricken namens Joannes Wijnen, Caecilia Hartzleben namens Catharina Meijs), overleden op 13 oktober 1780 te Terstraten-Nuth op 48-jarige leeftijd, begraven op 15 oktober 1780 te Nuth.
Zoon van Nicolaus SNACKERS en Barbara Cornelia HENNEN.
RAL-LvO 1761, 140v: Op 5 augustus 1779 leende Joannes Snackers, gehuwd met Anna Maria Meijs, 300 gulden tegen 4 1/2% van pastoor Cyrus, handelend namens de kerkfabriek St.-Catharina te Maastricht. Dit geld zou gebruikt worden om de op 12 mei 1779 bij publieke verkoop verworven goederen te betalen, te eten 458 kleine roeden huis met moestuin en weide, gelegen op de Brand te Nuth, grenzend aan Joannes Limpens, weduwe Laurens Cremers, de straat en de beek, en 130 kleine roeden akkerland bij dit huis gelegen, grenzend aan de Bergerhof, de weg, Joannes Hermens en Joannes Limpens. DEze goederen werden tevens tot onderpand voor deze lening gesteld.
Op 11 maart 1782 werd deze lening door Leonaerd Ruijsop, gehuwd met Anna Maria Meijs, afgelost.
RAL-LvO 1764, 13-16: Beschreven goederen waren afkomstig van schatheffer Peter Cremers. Voor het huis met moestuin en weide, belast met 3 1/2 vat rogge aan de cijnskaart Nuinhof, betaalde hij 800 gulden voor het huis en voor het land 41 stuivers per kleine roede; voor het akkerland betaalde hij 43 stuivers per kleine roede.
Gehuwd voor de kerk (2) op 35-jarige leeftijd op 13 mei 1781 te Nuth met Leonardus RUIJSOP, 26 jaar oud, timmerman, geboren te Terstraten-Nuth, gedoopt op 9 december 1754 te Nuth (getuige(n): Leonardus Limpens, Elisabeth Snackers), overleden op 29 juli 1831 te Nuth op 76-jarige leeftijd.
Zoon van Nicolaus RUIJSCHOP, timmerman, en Mechtildis LIMPENS.
RAL-LvO 1764, 163: Op 23 mei 1791 leende Leonardus Ruijsop, inwoner van Brandt onder Nuth en gehuwd met Joanna Maria Meijs, 200 gulden tegen 5% van het kapittel van de Kruisheren te Maastricht. Tot onderpand dienden:
a) 299 kleine roeden huis met moestuin en huisweide op de Brand onder Nuth, grenzend aan Wilhelmus Coumans, Joannes Spijckers, de straat en de Platsbeek;
b) 130 kleine roeden akkerland tegenover zijn huis, grenzend aan de Bergerhof, de straat, Wilhelmus Coumans en de weduwe Silverentant.
Verder stelde zijn vader Nicolaes Ruijsop, gehuwd met Mechtild Limpens, zich borg met 66 kleine roeden akkerland aan het Severenskruis bij Nieuwhuis onder Nuth, grenzend aan Hubertus Weustenraedt, de kinderen van Paulus Hautvast, Nicolaes a Campo en verschillende andere erven.

  • 8. Anna Elisabetha, gedoopt op 8 november 1747 te Voerendaal (getuige(n): Michael Meijs, Elisabeth Quaedvlieg).
  • 9. Joannes Hubertus, gedoopt op 7 april 1749 te Voerendaal (getuige(n): Joannes Goffin, Elisabetha Meijs).
  • 10. Joannes Michael, gedoopt op 30 januari 1751 te Voerendaal (getuige(n): Joannes Swarts, Coletha Schoonbroodt), overleden op 22 augustus 1829 te Voerendaal op 78-jarige leeftijd.


IV.13 Wilhelmus MEIJS, gedoopt op 21 juni 1711 te Voerendaal, zoon van Michael MEIJS (zie III.4) en Maria a CAMPO.
Gehuwd met Catharina MOULEN, overleden op 27 januari 1788 te Heerlen.
Uit dit huwelijk:

  • 1. Michael (zie V.14).


IV.22 Josephus MEIJS, gedoopt op 13 november 1710 te Nuth (getuige(n): Matthias Hautvast (grootvader), Catharina Meijs), overleden op 28 februari 1782 te Terstraten-Nuth op 71-jarige leeftijd.
RAL-LvO 1759, 152r: Op 5 januari 1757 verkocht Joseph Raven, gehuwd met Ida Raven, aan Joannes Beckers, gehuwd met Mechtild Limpens, 424 kleine roeden akkerland op het Helleveld onder Nuth, grenzend oostwaarts Joannes Beckers zelf, westwaarts Geurt Snackers en Hendrick Roebroeck, zuidwaarts Gertruijd Eggen. Iedere kleine roede kostte 29 stuivers. Dit land had hij op 22 november 1756 tijdens de openbare verkoop van de goederen van wijlen zijn vader Hermen Meijs gekocht.
RAL-LvO 1759, 270r: Op 23 januari 1762 verkocht Elisabeth Hamers, weduwe Arnold Raven, wonende te Bekergenhout, ten behoeve van haar kinderen en met toestemming van hun voogd Claes Hamers, aan haar zwager Joseph Meijs, gehuwd met Ida Raven, en aan Gertruijd Eggen, weduwe Laurens Cremers, 638 kleine roeden akkerland en weide onder Nuth, waarvan de gegevens bij de kopers bekend waren. Deze goederen, belast met anderhalve kop koren aan de Armen van Nuth en een halve malder zaad aan de kerk van Nuth, werden verkocht voor 30 gulden per grote roede. De verkoopster gebruikte het geld om de goederen die ze op 9 november 1761 van haar zwager Jacob Erckens gekocht had te betalen.
RAL-LvO 1760, 236v: Op 21 oktober 1769 verkocht de ongehuwde Willem Raeven aan zijn zwager Joseph Meijs, gehuwd met Ida Raeven, 90 kleine roeden akkerland op het Grefken onder Nuth, grenzend aan Joannes Queijsen, Nelis Lemmens, Joannes Schoorens en de Nelisweg. Iedere kleine roede kostte 35 stuivers.
RAL-LvO 1760, 278v: Op 23 juni 1775 verkocht Joseph Meijs, weduwnaar Ida Raeven, samen met zijn schoonzoon Joannes Dederen, gehuwd met Helena Meijs, aan de nog ongehuwde broers Geurt en Matthijs Hermens 70 kleine roeden beemd te Helle onder Nuth, grenzend aan de beek, Joannes Hermens, de "quatelensack" en de erfgenamen Joannes Hermens, voor 50 stuivers per kleine roede.
Zoon van Hermanus MEIJS (zie III.7) en Helena HAUTVAST.
Gehuwd voor de kerk op 31-jarige leeftijd op 2 februari 1742 te Maastricht (getuige(n): Paulus Thönissen, Antonius la Fleur), met toestemming van de pastoor van Nuth gehuwd bij de Minderbroeders met Ida RAVEN, 32 jaar oud, gedoopt op 5 september 1709 te Wijnandsrade (getuige(n): Joannes Raven (oom), Anna Tummers), doop ook ingeschreven in Nuth, overleden op 15 mei 1772 te Nuth op 62-jarige leeftijd, dochter van Lambertus RAVEN en Maria TIMMERS.
Uit dit huwelijk:

  • 1. Maria Helena, gedoopt op 5 oktober 1743 te Nuth (getuige(n): Hermanus Meijs (grootvader), Maria Eggen), overleden op 17 juni 1814 te Nuth op 70-jarige leeftijd.

Ondertrouwd op 12 september 1772 te Beek, bruidegom van Groot-Genhout, bruid van Nuth, gehuwd voor de kerk op 28-jarige leeftijd op 27 september 1772 te Beek met Joannes DIEDEREN, 25 jaar oud, gedoopt op 5 februari 1747 te Beek, overleden op 25 juli 1829 te Terstraten-Nuth op 82-jarige leeftijd.
Zoon van Wilhelmus DIEDEREN en Elisabeth SCHILLINGS.
RAL-LvO 1760, 278v: Op 23 juni 1775 verkocht Joseph Meijs, weduwnaar Ida Raeven, samen met zijn schoonzoon Joannes Dederen, gehuwd met Helena Meijs, aan de nog ongehuwde broers Geurt en Matthijs Hermens 70 kleine roeden beemd te Helle onder Nuth, grenzend aan de beek, Joannes Hermens, de "quatelensack" en de erfgenamen Joannes Hermens, voor 50 stuivers per kleine roede.
RAL-LvO 1761, 10v: Op 9 augustus 1775 verkocht heer W.J. van der Meer, gehuwd met vrouwe M.C. de Kinder, aan Joannes Dederen, gehuwd met Helena Meijs, 60 kleine roeden akkerland in het Bergerveld onder Nuth, grenzend aan de weduwe Joannes Frissen, Gabriel Beckers, de hof Berg en de weide van Peter Spijckers.Iedere kleine roede kostte twee gulden.
RAL-LvO 1762, 63v: Op 1 juli 1779 verkocht de ongehuwde Lambertus Raeven, nadat zijn moeder Elisabeth Hamers, weduwe Arnold Raeven, afstand had gedaan van het vruchtgebruik, 210 kleine roeden akkerland op het Helleveld onder Nuth, grenzend aan de erfgenamen Thevis Hermens, Peter Spijckers, Joannes Limpens en de erfgenamen Jan Hermans. De koper, Joannes Diederen, gehuwd met Helena Meijs, betaalde twee gulden en tien stuivers per kleine roede.
RAL-LvO 1762, 98r: Op 20 april 1782 leende Joannes Diederen, gehuwd met Helena Meijs, 300 gulden tegen 5% van B. Cruts, rijproost van Vaesrade, en borgde daartoe met de volgende goederen:
a) 123 kleine roeden weiland "in het Hooren", grenzend aan Joannes Rietraet, Francis Waltmans, de Bergerhof en Joannes Hermens;
b) een morgen akkerland op het Helleveld, grenzend aan Geurt Hermens, Joannes Hermens en Joannes Diederen zelf;
c) 50 kleine roeden akkerland in het Helleveld, grenzend aan Joannes Limpens, Joannes Meijs, Peter Spijckers en Joannes Diederen zelf;
d) een morgen akkerland op de Maastrichterweg, grenzend aan Joannes Hermens, weduwe Joannes Frissen, de weg en Joannes Matthijs Geurts.
RAL-LvO 1763, 59v: Op 4 februari 1786 verkocht Joannes Baptista Dispa, inwoner van Maastricht, aan Joannes Diederen, gehuwd met Helena Meijs, 125 kleine roeden akkerland in de Withegge onder Nuth, grenzend aan de weduwe Joannes Frissen, Joannes Schoorens, Matthijs Schetters en Nicolaes a Campo. Iedere kleine roede kostte drie gulden en zeven stuivers, voor welk bedrag het land op 7 november 1785 als hoogstbiedende verbleven was. De gewassen op het land werden van de verkoop uitgezonderd.
RAL-LvO 1763, 119v: Op 19 februari 1787 verkochten Paulus Leunissen, gehuwd met Maria Elisabeth Lintzen, en Joannes Wilhelmus Helgers, gehuwd met Maria Helena Limpens, aan Joannes Diederen, gehuwd met Helena Meijs, en Elisabeth Crijns, weduwe Joannes Frissen, 33 3/4 kleine roeden akkerland "aen de vaert" achter Terstraten onder Nuth, waarvan Joannes Diederen 27 3/4 kleine roeden, grenzend langs de weduwe Joannes Frissen, Nicolaes Rousop, de weduwe Joannes Leunissen en Joannes Diederen zelf, en de weduwe Frissen zes kleine roeden, grenzend aan de weduwe Frissen zelf, Joannes Diederen en de de weduwe Joannes Leunissen, zou verkrijgen. Iedere kleine roede kostte 55 stuivers.
RAL-LvO 1763, 267r: Op 8 juni 1789 verkocht Hermanus Diederen, inwoner van de Bies onder Schimmert en gehuwd met Maria Catharina Frijns, aan zijn broer Joannes Diederen, gehuwd met Helena Meijs, 200 kleine roeden akkerland boven het Nieuwhuis onder Nuth, grenzend aan de weduwe Joannes Hermens, Leonardus Beckers, Nicolaes a Campo en de Maastrichterweg. Iedere kleine roede kostte vijf gulden en vij stuivers. De tarwe die op het land stond zou gelijkelijk verdeeld worden.

  • 2. Anna Mechtildis, geboren te Terstraten-Nuth, gedoopt op 3 december 1746 te Nuth (getuige(n): Lambertus Raven (grootvader), Mechtildis Meijs).


IV.24 Laurentius MEIJS, gedoopt op 16 november 1712 te Nuth (getuige(n): Wilhelmus Schepers namens Cornelis Loenissen (uit Maastricht), Maria Meijs namens Maria a Campo e.v. Michael Meijs), overleden op 14 november 1791 te Helle-Nuth op 78-jarige leeftijd.
RAL-LvO 1759, 191r: Op 15 maart 1733 kocht Laurens Meijs van zijn zwager Claes Coenen, gehuwd met Anna Mechtild Meijs, 84 kleine roeden akkerland "aen het Stepken" aan de Nelisweg, oost Jan Timmers, west de erven a Blisia, voor 25 stuivers per kleine roede.
RAL-LvO 1759, 191v: Op 3 december 1734 kocht Laurens Meijs van zijn vader Herman Meijs 112 kleine roeden laatgoed, akkerland, gelegen in het Helleveld, oost Gabriel Limpens, west erven Thevis Hermans, voor 112 gulden.
RAL-LvO 1320, 98: Op 18 maart 1752 verkocht Laurens Meijs, gehuwd met Margaretha Donders, aan Stas Maes, gehuwd met Anna Schurgers, een moestuin te Lutterade onder Geleen. Het geheel was laatgoed, 13 1/2 kleine roede groot en grensde aan de steeg, Joannes Lentgens, Lodewijk Keulers en Joannes Crousen. Hij ontving als koopsom 33 gulden en 15 stuivers. Het land was weinig vruchtbaar en diende behoorlijk bemest te worden.
RAL-NA 4183: Op 24 mei 1753 verklaarde Hermen Meijs, weduwnaar Helena Hautvast, dat hij op 5 of 6 oktober 1749 van zijn zoon Laurens, gehuwd met Margriet Donders, had ontvangen: 30 dukaten, vijf oude Franse pistoletten, een verdugadijn, een merliton, 35 zilveren guldens, het geheel ter waarde van 400 gulden om een lening af te betalen aan de heer Heldevier. Verder had hij van zijn zoon nog 34 gulden en 25 vaten rogge gekregen, zijn inkomsten gedurende de zes jaar dat hij als schaapherder te Hely bij Valenciennes en in andere plaatsen in Frans-Vlaanderen had gewerkt. Omdat Herman Meijs zijn zoon niet kon terugbetalen, kreeg hij daarvoor twee merries en zoogveulens, twee koeien, een zeug met twee biggen, 33 schapen en 16 lammeren, een kar met ploeg en eg, alle huisraad en alle staande gewassen. Verder werd nog melding gemaakt van het feit dat Laurens 14 jaar bij zijn vader gewoond en gewerkt had en zijn tweede vrouw anderhalf jaar.
RAL-LvO 1759, 113v: Op 29 maart 1754 kocht Laurens Meijs van Anthoon Waltmans, in tweede huwelijk met Elisabet Bruls, diens huis met moestuin en mesthof, gelegen aan de Nelisweg te Helle-Nuth, grenzend aan Maria Ackermans en Hendrik Eggen, voor 300 gulden. Bepaald werd dat de verkoper, die het geheel op 15 augustus 1751 van Anthon Frissen gekocht had, tot en met 30 april 1754 in het huis mocht blijven wonen.
RAL-LvO 1759, 162v: Op 15 juli 1757 verklaarde Laurens Meijs dat hij via naasting twee stukken akkerland had verworven, te weten 392 kleine roeden in het Helleveld, oost Joannes Frisschen, west Peter Eggen en Mathevis Hermans, zuid Joannes Beckers, afkomstig van Joannes Hermans. Het tweede stuk, 201 1/2 kleine roeden aldaar gelegen, oost Nicolaas . Campo, west Herman Snackers, afkomstig van Nicolaes a Campo, schepen van Nuth, die beide stukken kocht voor 25 stuivers per kleine roede.
RAL-LvO 1759, 190r: Op 16 juni 1758 leende Laurens Meijs 200 gulden tegen 5% van de Proviseurs van de armen van Nuth. Tot onderpand dienden:
a) huis, hof en weide te Helle aan de Nelisweg
b) 112 kleine roeden land in het Helleveld
c) 84 kleine roeden land aan het Stepken
d) 100 kleine roeden land in het Stratenerveld "in de swartcuijl", oost Marten a Campo, west Gerard Boesten, belast met vijf molster haver in de cijnskaart van Berg
Zijn schoonzoon Joseph Raven loste de lening op 22 april 1782 af.
RAL-LvO 1761, 247v: Op 25 juni 1768 verkocht Laurens Meijs, bijgestaan door zoon Herman, aan zijn broer Joseph Meijs, gehuwd met Ida Raven, 70 kleine roeden beemd te Helle, tussen Joannes Hermens en oostwaarts de "quatelensack" voor 133 gulden en 15 stuivers.
RAL-LvO 1760, 167r: Op 19 maart 1770 kocht Laurens Meijs van Hendrik Eggen, weduwnaar van Maria Ornstee, bijgestaan door Cornelia en Mathijs Eggen, 58 kleine roeden akkerland aan de Beckerweg tussen Claes Snackers, erven Nicolaes a Campo en Gereth Timmers voor 116 gulden. De knoppen van de staande gewassen zouden naar de verkopers gaan
SAH-Archief Nuth 1, tafel 161: In het schatboek van Nuth (ca. 1774) stonden voor Laurentius Meijs van Helle de volgende goederen geregistreerd.
1. 110 kleine roeden land op het Helveld, noord Hermen Snackers, zuid Gabriel Limpens, oost erven Lendert Limpens, west Geurt Hermens
2. een morgen in d'overdelle, noord erven Willem Bemelmans, zuid erven Lendert Limpens, oost Merten a Campo, west Joannes Boesten en Joannes Hermens
3. 80 kleine roeden land aan het Stepken, noord heer . Blisia, zuid erven Jan Bemelmans, oost Jan Timmers, west Nelis Lemmens
4. 80 kleine roeden land op de Nelisweg, noord Jan Hermens, zuid Nelis Lemmens, oost ..., west Gereth Timmers
5. 58 kleine roeden in dÆoverdellen, noord en west de erven Claes Snackers, zuid Gerard Timmers, oost Nicolaes a Campo
6. 19 kleine roeden moestuin in de Helle, noord hijzelf, we en zuid de straat, oost erven Jan van Loo
7. 72 kleine roeden beemd in 't Horen, noord de gemeente, zuid de straat, oost Joannes Meijs, west Thevis Bemelmans
8. 103 kleine roeden weide in de Hell, noord Willem Raeven, zuid Joannes Meijs, oost de weduwe Mathias Moenen, west Joannes Raeven
9. 10 1/2 kleine roeden huis met schuur en stallen in de Hell, oost en zuid hijzelf, west de straat en noord Hendrik Eggen.
RAL-LvO 1763, 240r: Op 21 maart 1776 kocht Laurens Meijs van zijn zoon Herman 90 kleine roeden akkerland "aen het stepken" tussen Jan Timmers en Nelis Lemmens, doorsneden door de Trichterweg, voor 270 gulden.
RAL-LvO 1763, 60v: Eveneens op 21 maart 1776 kocht Laurens Meijs van Joannes Petrus Frissen, gehuwd met Anna Habets, circa 80 kleine roeden beemd in het Hooren, grenzend aan Joseph Meijs en Thevis Bemelmans, voor 45 stuivers per kleine roede, het geheel belast met twee kapoenen aan de pastorie van Beek.
RAL-LvO 1763, 61v: Deze beemd, bij meting slechts 59 1/2 kleine roeden groot, verkocht hij op 10 februari 1786 aan Joannes Petrus Mennens, gehuwd met Maria Catharina Ruijters, voor 174 gulden, zeven stuivers en twee oort. Mennens bleef 100 gulden schuldig die hij beloofde te betalen na de dood van zijn schoonmoeder Elisabeth Deckers.
RAL-LvO 1762, 102r: Op 19 april 1782 deed Laurens Meijs afstand van het vruchtgebruik op zijn goederen onder Helle, omtrent anderhalve bunder groot, opdat zijn schoonzoon Joseph Raeven een lening van 400 gulden kon afsluiten met E.H. Cruts, rijproost van Vaesrade. Met het geld loste hij een lening van zijn schoonvader af, alsmede enige openstaande rekeningen.
Zoon van Hermanus MEIJS (zie III.7) en Helena HAUTVAST.
Gehuwd voor de kerk (1) op 32-jarige leeftijd op 28 januari 1745 te Nuth (getuige(n): Hermannus Hermens, Joannes Pricken) met Anna RAEVEN, 26 jaar oud, gedoopt op 17 januari 1719 te Nuth (getuige(n): Henricus Cobben, Helena Welschen), overleden op 13 juni 1745 te Nuth op 26-jarige leeftijd, in puerperio (kraambed), dochter van Lambertus RAVEN en Maria TIMMERS.
Gehuwd voor de kerk (2) op 38-jarige leeftijd op 10 oktober 1751 te Nuth met Margaretha DONNERS, overleden op 12 februari 1781 te Helle-Nuth, begraven op 14 februari 1781 te Nuth.
Uit het eerste huwelijk:

  • 1. Hermanus (zie V.19).

Uit het tweede huwelijk:

  • 2. Helena, geboren te Terstraten-Nuth, gedoopt op 3 januari 1754 te Nuth (getuige(n): Josephus Meijs (oom), Anna Mechtildis Meijs (tante)), overleden op 12 november 1802 te Nuth op 48-jarige leeftijd.

Gehuwd voor de kerk op 21-jarige leeftijd op 12 november 1775 te Nuth (getuige(n): Mathias Hermens, Maria Catharina Raeven) met Winandus Josephus RAVEN, 31 jaar oud, gedoopt op 14 november 1743 te Nuth (getuige(n): Lemmen Raven (grootvader) namens Winand Gossens, Isabella Ludgardis Klöcker namens een tante (amita)).
Zoon van Joannes RAVEN en Maria SNIJDERS.
RAL-LvO 1760, 245v: Op 31 augustus 1772 verkocht de ongehuwde Maria Ida Urlings aan de eveneens ongehuwde Joseph Raeven 120 kleine roeden akkerland aan de "Sijpensbergh" onder Nuth, grenzend aan Hendrick van Loo, Peter Spijckers, de vloedgraaf en de Nelisweg, voor 50 stuivers per kleine roede.
RAL-LvO 1761, 147v: Joseph Raeven verklaarde op 13 oktober 1779 dat hij op 18 augustus 1779 aan Andries Lemmens van Schimmert 110 gulden overhandigd had vanwege de aankoop van 47 kleine roeden akkerland, zoals bleek uit een handgeschreven verklaring, maar dat hij hiervan niet had kunnen genieten. Hij was nu verschillende keren in Schimmert om de zaak recht te zetten maar had vernomen dat Andries Lemmens op de vlucht was geslagen met achterlating van de nodige schulden. Hij vroeg derhalve om beslaglegging van de goederen van Lemmens onder Nuth gelegen. [Joseph Raeven was niet de enige schuldeiser, zoals blijkt uit diverse genachtingen in het najaar van 1779]
RAL-LvO 1762, 241r: Op 31 december 1783 leende Joseph Raeven, gehuwd met Helena Meijs, 400 gulden tegen 5% van kanunnik B. Cruts, rijproost van Vaesrade. Hij stelde tot onderpand 98 kleine roeden akkerland "aen het stepken" onder Nuth, oostwaarts Joannes Timmers, westwaarts Joseph Raeven zelf, zuidwaarts en noordwaarts Barth. Bemelmans; en voorts 100 kleine roeden akkerland aldaar "in de overdellen", oostwaarts Merten a Campo, westwaarts weduwe Hermens, zuidwaarts J. Limpens en noordwaarts Maije Girke.
RAL-LvO 1762, 260r: Op 30 augustus 1784 verkochten Lambertus Raeven, gehuwd met Anna Maria Keuten, Matthijas Dodemont, gehuwd met Maria Helena Raeven, Adamus Daniels, gehuwd met Maria Anna Raeven, Matthijs Schreurs, gehuwd met Gertruid Raeven, en Joseph Raeven, gehuwd met Helena Meijs, aan hun zwager Hubertus Sijben, gehuwd met Maria Catharina Raeven, 16 kleine roeden huis met schuur en stallen, gelegen te Helle onder Nuth, grenzend aan Peter Mulckens, Joannes Ackermans, Joseph Raeven, Joannes Hermens en de gats, voor 416 gulden. De koper overhandigde Lambert Raeven ter plekke 16 gulden en beloofde de resterende 400 gulden direct na dood van zijn schoonmoeder Maria Snijders te voldoen door het aflossen van twee schulden, te weten 200 gulden aan heer Rouffaert van Maastricht en 200 gulden aan de fundatie van deken Pesch.

IV.34 Paulus MEIJS, geboren ca. 1702, overleden op 10 januari 1757 te Grijzegrubben-Nuth, familierelatie op basis van RAL-LvO 1760, 89r: Servatius Meijs wordt daar oom genoemd van de kinderen van Paulus Meijs
RAL-LvO 1759, 89r: weduwnaar Paulus Meijs samen met broer Servatius Meijs en hun vader de oude Paulus Meijs, zoon van Paulus MEIJS (zie III.16) en Catharina HAMERS.
Gehuwd voor de kerk op 9 september 1730 te Mechelen met Barbara KIEFKENS, 27 jaar oud, gedoopt op 14 juni 1703 te Mechelen, overleden op 26 mei 1750 te Grijzegrubben-Nuth op 46-jarige leeftijd. Barbara Kiefkens, bij doop kinderen achternaam Kiffert of Kifkens, dochter van Stephanus KIEFKENS en Joanna HANNOT.
Uit dit huwelijk:

  • 1. Anna Catharina, gedoopt op 10 juni 1731 te Nuth (getuige(n): Joannes Pricken namens Lambertus Kifert, Agatha Meijs), overleden op 9 oktober 1792 te Grijzegrubben-Nuth op 61-jarige leeftijd.

Gehuwd voor de kerk op 21-jarige leeftijd op 31 januari 1753 te Nuth met Joannes HERMENS, 27 jaar oud, gedoopt op 19 februari 1725 te Nuth (getuige(n): Lambertus Hermens (niet aanwezig), Cornelia Driessen), zoon van Nicolaus HERMANS en Maria Agnes CELISSEN.

  • 2. Joanna, gedoopt op 5 januari 1733 te Nuth (getuige(n): Servatius Meijs, Maria Vranck namens Anna Kifkens).
  • 3. Anna Maria, gedoopt op 10 oktober 1734 te Nuth (getuige(n): Joannes Pricken namens Servatius Hamers, Catharina Meijs).
  • 4. Helena, gedoopt op 19 maart 1737 te Nuth (getuige(n): Godefridus Snackers, Helena Meijs).

Ondertrouwd op 18 augustus 1770 te Heerlen, bruidegom van Heerlerheide, gehuwd voor de kerk op 33-jarige leeftijd op 2 september 1770 te Heerlen met Benedictus WEELEN, 41 jaar oud, gedoopt op 9 december 1728 te Heerlen, zoon van Petrus WEELEN en Joanna RUIJTERS.

  • 5. Anna Mechtildis, gedoopt op 25 mei 1739 te Nuth (getuige(n): Joannes Pricken namens Martinus a Campo, Mechtild Meijs).
  • 6. Paulus, gedoopt op 23 november 1743 te Nuth (getuige(n): Paulus Meijs, Margaretha Corten namens Maria Hamers).
  • 7. Joannes Servatius, geboren te Grijzegrubben-Nuth, gedoopt op 10 mei 1746 te Nuth (getuige(n): Joannes Hautvast, Catharina Lönissen).


IV.37 Jacobus MEIJS, gedoopt op 14 januari 1714 te Hulsberg, zoon van Petrus MEIJS (zie III.31) en Maria WEUSTEN.
Gehuwd voor de kerk op 26-jarige leeftijd op 14 februari 1740 te Hulsberg met Margaretha GEUSKENS, 26 jaar oud, gedoopt op 2 augustus 1713 te Hulsberg, overleden op 30 september 1794 te Hulsberg op 81-jarige leeftijd, dochter van Renerus GEUSKENS en Catharina HABETS.
Uit dit huwelijk:

  • 1. Maria Catharina, gedoopt op 21 juni 1740 te Nuth (getuige(n): Joannes Frissen namens Petrus Meijs, Maria Jaspers).
  • 2. Reinerus, gedoopt op 18 januari 1742 te Nuth (getuige(n): Paulus Hautvast namens Reinerus Geuskens, Maria Wusten).
  • 3. Maria Margaretha, gedoopt op 16 augustus 1743 te Nuth (getuige(n): Joannes Geuskens, Catharina Meijs namens Margaretha Meijs).
  • 4. Bavo Jacobus, gedoopt op 19 maart 1745 te Nuth (getuige(n): Joannes Pricken namens Jacobus Bavo Meijs, Catharina Geuskens namens Catharina Erckens).
  • 5. Anna Elisabetha, geboren te Grijzegrubben-Nuth, gedoopt op 23 oktober 1746 te Nuth (getuige(n): Paulus Meijs, Catharina Geuskens).
  • 6. Anna Elisabetha, geboren te Grijzegrubben-Nuth, gedoopt op 26 februari 1748 te Nuth (getuige(n): Joannes Josephus Habets, Catharina Meijs).
  • 7. Anna Margaretha, geboren te Grijzegrubben-Nuth, gedoopt op 23 juli 1750 te Nuth (getuige(n): Martinus a Campo, Catharina Meijs (tante)).
  • 8. Maria Helena, geboren te Grijzegrubben-Nuth, gedoopt op 29 januari 1752 te Nuth (getuige(n): Paulus Meijs (oom), Margaretha Geuskens (tante)).

Gehuwd voor de kerk op 33-jarige leeftijd op 27 november 1785 te Hulsberg met Henricus KNUBBEN, 24 jaar oud, gedoopt op 15 mei 1761 te Hulsberg (getuige(n): Wilhelmus Knubben, Anna Elisabetha van Oppen), overleden op 21 oktober 1846 te Hulsberg op 85-jarige leeftijd, zoon van Mathias KNUBBEN en Maria van OPPEN.

  • 9. Petrus Jacobus, geboren te Grijzegrubben-Nuth, gedoopt op 12 februari 1754 te Nuth (getuige(n): Joannes Pricken namens Jacob Bavo Meijs, schout te Vaesrade, Catharina Geuskens namens Catharina Erkens).


Generatie V

V.14 Michael MEIJS, gedoopt op 1 februari 1745 te Heerlen, zoon van Wilhelmus MEIJS (zie IV.13) en Catharina MOULEN.
Gehuwd voor de kerk op 27-jarige leeftijd op 7 juni 1772 te Wijnandsrade met Maria Helena SOMERS.
Uit dit huwelijk:

  • 1. Jan Willem Franciscus, gedoopt op 15 juni 1775 te Wijnandsrade.

Gehuwd op 34-jarige leeftijd op 29 juni 1809 te Nuth met Catharina Elisabeth FRIJNS, 39 jaar oud, geboren te Nierhoven-Nuth, gedoopt op 6 december 1769 te Nuth (getuige(n): Georgius Nicolai namens Paulus Nicolai, Maria Elisabetha Spierts), dochter van Matthias FRIJNS en Maria Elisabeth HORSTMANS.

  • 2. Maria Anna, gedoopt op 21 maart 1785 te Wijnandsrade.

Gehuwd op 22-jarige leeftijd op 23 juli 1807 te Nuth met Arnoldus FRIJNS, 37 jaar oud, geboren te Hellebroek-Nuth, gedoopt op 15 januari 1770 te Nuth (getuige(n): Arnoldus Bemelmans, Anna Frins), zoon van Petrus Casparus FRIJNS en Anna Maria BEMELMANS.

V.19 Hermanus MEIJS, gedoopt op 4 juni 1745 te Nuth (getuige(n): Hermanus Meijs (grootvader), Ida Raven namens Maria Timmers), overleden op 4 maart 1828 te Nuth op 82-jarige leeftijd.
RAL-NA 4185: Op 31 januari 1764 maakte Herman Meijs, 18 a 19 jaar oud, en ziek te bed liggend in zijn ouderlijk huis te Grijzegrubben-Nuth, zijn testament. Hij liet vastleggen dat hij bij zijn moeder begraven wilde worden en dat er vijftig leesmissen opgedragen dienden te worden. De kinderen van Joseph Meijs en Ida Raven werd elk tien gulden beloofd, aan oom Willem Raven vijf gulden en het kind van Joannes Raven eveneens vijf gulden. Zijn vader benoemde hij tot universeel erfgenaam.
RAL-LvO 1760, 85v: Op 1 december 1766 kocht Hermanus Meijs van Joannes Drummen, gehuwd met Catharina Hermans, 120 kleine roeden weiland, genaamd Keurensweide, en gelegen onder Grijzegrubben, grenzend aan de Holleweg, de Nieuweweg, Willem Kleijntjens en Herman Meijs, voor 300 gulden. Het geheel was belast met twee koppen rogge aan de kerk van Nuth. Dit weiland verkocht hij op 15 januari 1769 aan Willem Kleijntjens, gehuwd met Elisabeth Hermans, voor 300 gulden. (RAL-LvO 1760, 140v)
RAL-LvO 1760, 131v: Op 13 december 1768 verkocht Baltus a Campo, gehuwd met Elisabeth Cremers, een groot aantal onroerende goederen aan Nicolaas a Campo, weduwnaar, de ongehuwde Servaas Bemelmans en Herman Meijs, gehuwd met Anna Maria Drummen, voor een totaalbedrag van 1550 pattacons of 6200 gulden en belast met drie vaten en drie koppen rogge, zes koppen en twee malder haver en 10 stuivers cijns. De goederen waren
a) een halve bunder huis, hof en weide te Grijzegrubben, grenzend aan de weduwe Hendrick Drummen, Joannes Meijs en de dorpstraat
b) circa halve bunder weide "de biesselter" te Grijzegrubben, grenzend aan Peter Vaessen, heer Keutten, Leonardus Smeets en Arnoldus Bemelmans
c) anderhalve morgen weide nabij Tervoorst, grenzend aan de Bergerhof, Anthoon Tummers en de Voorsterstraat
d) circa 140 kleine roeden beemd nabij de Bergerbrug, grenzend aan de weduwe Joannes Frissen en de beek
e) circa 60 kleine roeden beemd nabij de narregats, grenzend aan Paulus Leunissen en de weduwe van der Meer
f) 118 1/2 kleine roeden land nabij het Nieuwhuis, grenzend aan de weduwe Joannes Frissen en Gabriel Limpens
g) 99 kleine roeden land aan de "hervaert", zuidwaarts grenzend aan Joannes Meijs, a Campo en de vloedgraaf
h) 41 kleine roeden land nabij de "hervaert", zuidwaarts de erven Vaes Vroemen, de weduwe Joannes Drummen en Jacobus Drummen
i) 55 1/2 kleine roeden land in de Eertgrubbe, zuidwaarts Vaes Bemelmans, Joannes Meijs en Nol Bemelmans
j) 61 kleine roeden land "den palts", zuidwaarts Paulus Hautvast, jonker Schaesbergh en Lendert Slangen
k) 38 1/2 kleine roeden land den palts", grenzend aan het voorgaande stuk,
l) 196 kleine roeden land den palts", westwaarts Paulus Leunissen, , Leendert Slangen, erfgenamen jonker Schaesbergh en Paulus Hautvast
m) 108 kleine roeden land aan de Trichterweg, oost Joannes Beckers, Joannes Hermens
n) 124 kleine roeden land "in de withegge", zuidwaarts Maria Limpens, Leonart Smeets, Joannes Meijs
o) 147 1/2 kleine roeden land "aan de Tiendvrij", zuidwaarts Paulus Hautvast, Nicolaes a Campo
p) 268 kleine roeden land "in de withegge", zuidwaarts heer Habets, Joannes Meijs
q) 150 1/2 kleine roeden land "aen het witgen", zuidwaarts Jacob Bemelmans en Christiaan Hautvast, Juffrouw Matthijs
r) 46 kleine roeden land "in de swartcoul", zuidwaarts heer a Blisia, Joannes Raeven
s) 57 kleine roeden land "in de swartcoul", oostwaarts en zuidwaarts Lendert Smeets, Nicolaes a Campo
t) 135 kleine roeden land "in de withegge", westwaarts Lendert Smeets, juffrouw Mathijs, Gerard Thumers
u) 95 kleine roeden land "aen den peut", grenzend aan Jan Meijs en juffrouw Matthijs
v) 105 1/2 kleine roeden land "in de withegge", zuidwaarts de weduwe Caspar Hermens, Paulus Leunissen
w) 144 kleine roeden land in de Eertgrubbe, westwaarts de erfgenamen Vaes Vroemen, Joannes Frissen, erfgenamen jonker Schaesbergh
x) 43 kleine roeden land "aen de pertscoul", grenzend aan Christiaen Hautvast en heer Habets
y) 89 kleine roeden land "in de bourtgrubben", zuidwaarts Matthijs Schetters, weduwe Nicolaij en de vloedgraaf
z) 92 kleine roeden land "aen het peulken", zuidwaarts erfgenamen Frans Frijns, Thevis Bemelmans, heer Habets
aa) 222 kleine roeden land "op de geijsbergh", oostwaarts weduwe van der Meer, erfgenamen Frissen
bb) 70 kleine roeden land "op de houvenast", grenzend aan Leonaert Slangen en Vaes Meijs.
RAL-LvO 1760, 134v: Op 13 december 1768 verkocht Herman Meijs aan Joannes Petrus Frissen, gehuwd met Anna Catharina Habets, Joannes Hermans, gehuwd met Maria Christina Diederen, en de ongehuwde Geurt Hermans de volgende goederen onder Nuth gelegen:
a) 111 kleine roeden weiland in Helle tussen Joseph Meijs, Willem Raven en de weduwe Mathijs Moenen
b) circa een halve bunder land aan de Nelisweg tussen Joannes, Jan en de erven Thevis Hermans, belast met twee koppen rogge aan de kerk van Nuth
c) 90 kleine roeden land aan de Grachtweg tussen Willem Raven en Mathijs Habets, vallend onder de cijnskaart van Berg
d) 103 kleine roeden land "achter Houben" tussen Lambert en Nol Raven, Jan Hermans en Willem Rietra, eveneens vallend onder de cijnskaart Berg
e) 80 kleine roeden "in de Eggersdael" tussen Joseph Meijs en Leendert Habets, ressorterend onder Wijnandsrade
Elke roede kostte twee gulden wat een koopsom van circa 1200 gulden oplevert, waarop 30 gulden staande t.b.v. de heer Ros van Maastricht, gekort werd.
RAL-LvO 1760, 150r: Op 13 april 1769 leende Hermanus Meijs 700 gulden tegen 5% van Joannes Diederen, burger van Maastricht en bezitter van de revenuen uit de fundatie van Jacob Pesch. Tot onderpand dienden:
a) 302 kleine roeden weiland "het bosken" achter Grijzegrubben tussen Leendert Smeets en juffrouw Mathijs, ter waarde van 45 stuivers per roede
b) 86 kleine roeden beemd "aen de vroeghop" tussen de erven Leunis en juffrouw van der Meer, ter waarde van 25 stuivers per roede
c) 287 kleine roeden land "aen de Paesman" tussen Geurt Nicolaij, Christiaan Hautvast en Lenard Smeets, ter waarde van 42 stuivers per roede
d) 62 kleine roeden land aldaar tussen Christiaan Hautvast en Leonaerd Slangen, ter waarde van 34 stuivers per roede
e) 89 kleine roeden land "aen de vaert" tussen . Campo en Joannes Meijs ter waarde van 35 stuivers per roede
f) 103 kleine roeden land "int Bijsmanneken" tussen de erven Paulus Leunis en de weduwe Hermans, ter waarde van 40 stuivers per roede
g) 98 kleine roeden land aldaar tussen Joannes Meijs en heer Keutten ter waarde van 38 stuivers per roede
h) 135 kleine roeden land aldaar tussen Leonaerd Smeets en . Campo ter waarde van 40 stuivers per roede
i) 41 kleine roeden land aldaar tussen de weduwe Curfs en de weeskinderen Vroemen, ter waarde van 38 stuivers per roede
j) 48 kleine roeden land aan de bovenste Wijenweg tussen Raeven en . Blisia, ter waarde van 38 stuivers per roede
Op 10 november 1770 loste hij de eerste helft en op 20 april 1782 de tweede helft van deze lening af.
RAL-LvO 1760, 244r: Op 6 februari 1773 sloot Lucia Meijs een overeenkomst met haar neef Herman Meijs. Zij droeg aan hem al haar roerende en onroerende goederen over, te weten een weiland, grenzend aan Leonard Beckers en de weduwe Laurens Cremers, en een akkerland van 90 kleine roeden, het Kevelken, grenzend aan Gabriel Limpens en de weduwe Laurens Cremers. Herman beloofde in ruil zijn tante kost en inwoning te verschaffen voor de rest van haar leven en na haar dood haar begrafenis te regelen. Indien hij en zijn echtgenote voor zijn tante zouden overlijden, zouden alle goederen, behalve het akkerland, naar haar terug gaan.
SAH-Archief Nuth 1, 398-400: In het schatboek van Nuth (ca. 1774) stonden voor Hermen Meijs, wonend binnen Grijzegrubben, de volgende goederen geregistreerd:
1. 237 kleine roeden "den Palsmen", noord Geurt Nicolaij, zuid Lendert Slangen, oost Nelis Hermens, west Christiaan Hautvast
2. 62 kleine roeden aldaar, noord Christiaen Hautvast, zuid weduwe Laurens Cremers, oost Nelis Lemmens, west Lendert Slangen
3. 99 kleine roeden aan de vaart, noord de vloedgraaf, zuid weduwe Joannes Curfs, oost Nicolaes . Campo, west Joannes Meijs
4. 41 kleine roeden aldaar, noord Joannes Meijs, zuid Joannes Drummen, oost weduwe Joannes Curfs, west erven Lendert Vroemen
5. 103 kleine roeden "het bijsmenneken", noord weduwe Mathijs, zuid Joannes Hermens, oost weduwe Joannes Leunissen, west weduwe Casper Hermens
6. 98 kleine roeden land, noord juff. Mathijs, Jacob en Severen Bemelmans, zuid Joannes Meijs, west Jacob Drummen, oost juff. Mathijs
7. 135 kleine roeden land, noord Joannes Spijckers, zuid en oost juff. Mathijs, west Gerith Tummers
8. 48 kleine roeden land, noord en west heer a Blisia, zuid Wijnand Habets, oost weduwe Laurens Cremers
9. 175 kleine roeden land, noord de domeinen, zuid Wijnand Habets, oost de erven Lendert Vroemen, west de Wijenweg, genaamd Karrestraat
10. 51 kleine roeden land, noord Dirk Leunissen, zuid Joannes Drummen, oost de Houwenasterweg, west Paulus Hautvast
11. 42 kleine roeden land , noord Nicolaas a Campo, zuid Joseph Helders, oost Willem Kleintjens, west Joannes Meijs
12. 18 kleine roeden land, noord Cobus Drummen, zuid de Maastrichterweg, oost weduwe Joannes Curfs, west de erven Lendert Vroemen
13. 27 kleine roeden hof, noord de huiswei, zuid de Holenweg, oost Joannes Drummen, west Christiaen Hautvast
14. 86 kleine roeden beemd, noord Christiaen Jaegs, zuid en west weduwe van der Meer, oost Joannes Meulenbergh
15. 61 1/2 kleine roeden huisweide naast het huis, zuid de hof, oost Joannes Drummen, west Christiaen Hautvast
16. 203 kleine roeden weiland "het boschken", noord en oost de weduwe Mathijs, zuid Lendert Smeets, Joseph en Lucia Helders en Christiaen Jaegs, west Joannes Slangen
17. 15 kleine roeden huis met stallen en schuur binnen Grijzegrubben, noord de Dorpstraat, zuid de huiswei, oost Joannes Drummen, west Christiaen Hautvast
RAL-LvO 1760, 85v: Op 1 april 1778 kocht Herman Meijs van Paulus Hautvast, gehuwd met Maria Catharina Sistermans, 124 kleine roeden akkerland in het Grijzegrubberveld "omtrent de vaert" tussen Willem Kleijntjens, Herman Meijs, Nicolaas a Campo, Jacobus Drummen en Hendrik van Loo voor 254 gulden en vier stuivers.
RAL-LvO 1761, 166r: Op 28 december 1779 kocht Herman Meijs van Willem Slangen, gehuwd met Anna Maria Houben, 174 kleine roeden land in het Grijzegrubberveld "het Pelsmanneken" tussen Herman Meijs, Joannes Wilhelmus Wolters en Joannes Slangen, voor 55 stuivers per roede.
RAL-LvO 1761, 169v: Op 14 februari 1780 verkocht Herman Meijs aan Joannes Limpens, gehuwd met Maria Barbara Spijckers, 100 kleine roeden land "het Keverken" in het Helleveld, grenzend aan Leonard Beckers, Nicolaes en Martinus a Campo en Joannes Limpens, voor 255 gulden.
RAL-LvO 1762, 42r: Op 24 september 1781 verkocht Herman Meijs aan zijn zwager Joseph Raeven, gehuwd met Helena Meijs, 80 kleine roeden land aan de Nelisweg tussen Simon Hermens, Peter Spijckers en Joannes Tummers, welk land hij van zijn moeder geërfd had. Zijn echtgenote, Anna Maria Drummen, vertegenwoordigde hem aangezien hij ernstig ziek was. De koopsom, 160 gulden, was bestemd voor missen die, mocht hij sterven, terstond of, indien hij zou genezen, in de loop der tijd gelezen moesten worden. Joseph Raeven zou hiervan de kwitanties overleggen.
RAL-LvO 1762, 98r: Op 19 april 1782 werd t.b.v. openstaande rekeningen een overzicht gegeven van de onroerende goederen van Hermen Meijs, te weten:
a) 106 kleine roeden huis met moestuin en weide aan de Dorpstraat en de Holleweg te Grijzegrubben tussen Christiaan Hautvast en Joannes Drummen
b) 98 kleine roeden akkerland "aen de vaert" tussen Nicolaes . Campo, Joannes Meijs en de weduwe Joannes Curfs
c) 215 kleine roeden land aldaar tussen Willem Kleijntjens, Joannes Meijs en Nicolaes a Campo
d) 245 kleine roeden land "in de swartcuijl" tussen heer Keutten, Nicolaes a Campo, Hendrik Bemelmans en het "Bieljen"
Daags erna, 20 april, leende hij 500 gulden van B. Cruts, rijproost van Vaesrade, tegen 4% rente. Voornoemde goederen dienden tot onderpand.
RAL-LvO 1762, 228v: Op 26 maart 1784 werden door Willem Kleijntjens en zijn vrouw Elisabeth Hermans, weduwe Joannes Drummen, afspraken gemaakt omtrent de erfenis van Anna Maria Drummen, echtgenote Herman Meijs, en dochter uit het eerste huwelijk. Zij mocht de kamer met weide en moestuin behouden die haar stiefvader op 19 december 1760 voor haar gekocht had van Jacobus en Bartolomeus Drummen. Zij mat 50 kleine roeden, gelegen te Grijzegrubben, en kostte 33 1/4 pattacons en 1/6 deel in 100 gulden, ten laste van Leonaerd Smeets. Verder werden haar nog 40 kleine roeden land in het Grijzegrubberveld "aen 't witgen" tussen Leonaerd Smeets, de weduwe Joannes Meijs, Jacobus Drummen en Paulus Leunissen, toegekend.
RAL-LvO 1763, 103r: Op 16 oktober 1786 leende Herman Meijs van Sophia Paula Cruts, weduwe Hubertus Caters, 800 gulden tegen 5% rente en stelde tot onderpand 200 kleine roeden land "boven het witgen" in het Grijzegrubberveld, alsmede de goederen hem toebedeeld uit de erfenis van zijn schoonouders op 24 oktober 1784 en van zijn ouders op 13 januari 1769. Verder nog 198 kleine roeden weiland tussen hemzelf en Peter Horstmans, welke weide hij binnenkort van Leonaerd Smeets zou naasten.
SAH-Archief St.-Bavo Nuth inv. 278, stuk 25: Op 11 januari 1806 (21 nivose XIII) verklaarde Hermanus Meijs, landbouwer, wonende te Grijzegrubben, 130 gulden tot zijn last te nemen, staande ten behoeve van de kerk van Nuth. Dit bedrag stond eerst ten laste van Maria Catharina Helders, weduwe Petrus Drummen. Hermanus Meijs had van haar 90 kleine roeden land gekocht. Hij betaalde door het overnemen van deze schuld.
RAL-Memorie van Successie Nuth: De nalatenschap van Herman Meijs werd op 22 oktober 1828 aangegeven door Jan Willem en Maria Elisabeth Meijs, alsmede de kinderen van wijlen Maria Magdalena Meijs uit haar huwelijk met Mathijs Bemelmans, allen wonend te Grijzegrubben. De nalatenschap bestond uit:
1) helft in 68 kleine roeden weiland "het boschken" tussen Mathijs a Campo en Renier Brants
2) 84 kleine roeden land in de Eertgrubbe tussen wed. Nic. a Campo en P. Hautvast
3) 92 kleine roeden 80 ellen land "de Palsman" tussen P. Hautvast en W. Ruijters
4) 44 kleine roeden 80 ellen aan de Vaarts tussen J. Diederen en G. Dewez (zie ook Genealogie Dewez)
5) 22 kleine roeden 40 ellen aldaar tussen wed. Dautzenberg en J. Diederen
6) 20 kleine roeden 20 ellen land "het Bijsmanneke" tussen G. Dewez en J. a Campo.
Zoon van Laurentius MEIJS (zie IV.24) en Anna RAEVEN.
Gehuwd voor de kerk op 20-jarige leeftijd op 27 april 1766 te Nuth met Anna Maria DRUMMEN, 22 jaar oud, gedoopt op 10 maart 1744 te Nuth (getuige(n): Nicolaas Hermens, Anna Hautvast), overleden op 26 februari 1815 te Nuth op 70-jarige leeftijd, dochter van Joannes DRUMMEN en Anna Elisabeth HERMENS.
Uit dit huwelijk:

  • 1. Laurentius, geboren te Nuth, gedoopt op 24 februari 1767 te Nuth (getuige(n): Laurentius Meijs, Elisabeth Hermens).
  • 2. Joannes Wilhelmus, geboren te Nuth, gedoopt op 16 april 1768 te Nuth (getuige(n): Wilhelmus Klintjens, Margaretha Donners).
  • 3. Anna (Maria) Elisabeth, geboren te Grijzegrubben-Nuth, gedoopt op 30 december 1771 te Nuth (getuige(n): Laurentius Meijs, Elisabeth Hermens), overleden op 26 november 1842 te Nuth op 70-jarige leeftijd.

Gehuwd voor de kerk op 24-jarige leeftijd op 22 november 1796 te Nuth met Mathias LÖNISSEN, 34 jaar oud, geboren te Terstraten, gedoopt op 8 maart 1762 te Nuth (getuige(n): Paulus Lönissen, Helena Hermens), overleden op 25 januari 1834 te Nuth op 71-jarige leeftijd.
Zoon van Severinus LÖNIS en Anna Catharina HERMENS.
RAL-LvO 1763, 103v: Op 1 mei 1787 verkochten de erfgenamen Nicolaes Snackers aan Maria Ida en Mattheus Leunissen, meerderjarige kinderen van wijlen Severen Leunissen en Anna Catharina Hermens, een stuk akkerland in de Overdellen onder Nuth [maten niet ingevuld], grenzend aan Joannes Timmers en Martinus a Campo, voor drie gulden en vijftien stuivers per kleine roede, zoals op 14 december 1786 als hoogstbiedende verbleven.
SAH-NA L. Willems Hoensbroek 1812, 94: Op 30 juni 1812 verkocht Mathijs Leunissen aan Thomas Hermans 25 are en 40 centiare akkerland op de Rode Poort in het Helleveld te Nuth voor 292 franken.
RAL-NA Kerckhoffs Schinnen 3804, 630: Mathijs Leunissen, akkerman, en zijn echtgenote Marij Elisabeth Meijs verkochten op 24 januari 1820 aan haar broer en zus Willem en Maria Helena Meijs, akkerlieden, hun derde deel in een huis met weide, moestuin en toebehoren, 41 are 40 centiare of 200 kleine roeden groot. Het geheel lag te Grijzegrubben tussen Pieter Hautvast, Joannes Limpens, de straat en de Holleweg. De koopsom bedroeg 189 gulden of 400 franken.
RAL-NA Kerckhoffs 3804, 1051: Op 12 februari 1822 kocht Mathijs Leunissen samen met Andries Walen perceel nummer 22 tijdens een veiling van gemeentegrond. Zij betaalden 22 gulden en 37 centen voor negen roeden en 89 ellen onbebouwde grond te Helle. Het land grensde aan Andries Walen en de beek.
RAL-NA Kerckhoffs 3805, 1328: Op 1 december 1823 ruilden Joannes Diederen, timmerman te Nuth en weduwnaar van Helena Meijs, en Mathijs Leunissen, akkerman en gehuwd met Anna Elisabeth Meijs, land. Diederen gaf 30 roeden en 32 ellen onder Nuth op het Helleveld, grenzend aan Mathijs Leunissen, Jan Spijckers en Andreas Walen, alsmede twee roeden en 79 ellen aldaar tussen Mathijs Leunissen en de erven Leonardus Schorens. Leunissen gaf hem 33 roeden en twaalf ellen op Het Helleveld, grenzend aan hun goederen. Beide stukken land werden gewaardeerd op 151 gulden en twintig centen.
SAH-NA L. Willems Hoensbroek 1829: Op 27 april 1829 verkocht Anna Elisabeth Meijs aan Renier Jacobs, gehuwd met Anna Elisabeth Jacobs, 24 roeden en 31 ellen weiland te Grijzegrubben voor 232 gulden en twaalf centen.

  • 4. Maria Helena, geboren te Grijzegrubben-Nuth, gedoopt op 4 november 1775 te Nuth (getuige(n): Bartholomeus Drummen, Elisabetha Hermens namens Helena Meijs).
  • 5. Maria Catharina, geboren te Grijzegrubben-Nuth, gedoopt op 4 mei 1777 te Nuth (getuige(n): Joseph Raeven, Catharina Curfs).
  • 6. Joannes Wilhelmus (zie VI.11).
  • 7. Laurentius, geboren op 22 augustus 1782 te Grijzegrubben-Nuth, gedoopt op 22 augustus 1782 te Nuth (getuige(n): Winandus Josephus Raeven (Nuth), Joanna Maria Lortij (Nuth)), overleden op 2 januari 1795 te Grijzegrubben-Nuth op 12-jarige leeftijd.
  • 8. Maria Helena, geboren op 18 december 1787 te Grijzegrubben-Nuth, gedoopt op 18 december 1787 te Nuth (getuige(n): Bartholomeus Drummen (Nuth), Helena Meijs (Nuth)), overleden op 15 april 1825 te Nierhoven-Nuth op 37-jarige leeftijd.

Gehuwd (1) op 23-jarige leeftijd op 15 juni 1811 te Nuth, gehuwd voor de kerk op 11 juni 1811 te Nuth met Joannes Wilhelmus BEMELMANS, 30 jaar oud, geboren op 7 februari 1781 te Hunnecum-Nuth, gedoopt op 7 februari 1781 te Nuth (getuige(n): Wilhelmus Frijns (Nuth), Maria Odilia Vroemen namens Maria Elisabetha Zelissen (Geleen)), overleden op 12 januari 1819 te Nierhoven-Nuth op 37-jarige leeftijd, zoon van Joannes BEMELMANS en Maria Gertrudis BRANDTS.
Gehuwd (2) op 32-jarige leeftijd op 12 juli 1820 te Nuth met Joannes Mathias DIEDEREN, 27 jaar oud, geboren op 1 juli 1793 te Nierhoven-Nuth, gedoopt op 1 juli 1793 te Nuth (getuige(n): Leonardus Houben namens Joannes Mathias Hulskens, Joanna Barbara Frissen namens Sybilla Diederen), overleden op 6 december 1858 te Nuth op 65-jarige leeftijd, zoon van Arnoldus DIEDEREN en Maria Josephina HULSGENS.

Generatie VI

VI.11 Joannes Wilhelmus MEIJS, geboren te Grijzegrubben-Nuth, gedoopt op 11 september 1778 te Nuth (getuige(n): Casparus Goossens namens Joannes Limpens, Elisabetha Klintjens), overleden op 9 december 1857 te Grijzegrubben-Nuth op 79-jarige leeftijd, zoon van Hermanus MEIJS (zie V.19) en Anna Maria DRUMMEN.
Gehuwd op 31-jarige leeftijd op 30 juni 1810 te Klimmen met Johanna Maria SOUREN, 25 jaar oud, gedoopt op 27 september 1784 te Klimmen, overleden op 23 november 1852 te Grijzegrubben-Nuth op 68-jarige leeftijd, dochter van Joannes SOUREN en Catharina WOUTERS.
Uit dit huwelijk:

  • 1. Joannes Hermanus, geboren op 11 april 1811 te Nuth.
  • 2. Joannes Hermanus, geboren op 14 februari 1813 te Nuth.
  • 3. Joanna Maria, geboren op 14 december 1814 te Nuth.
  • 4. Jan Leonard, geboren op 1 februari 1819 te Nuth.

Gehuwd op 28-jarige leeftijd op 23 augustus 1847 te Nuth met Anna Catharina NIJSTEN, 19 jaar oud, geboren op 1 maart 1828 te Nuth, dochter van Andreas NIJSTEN en Anna Maria EIJMAEL.

Losse eindjes


De volgende deelgenealogie kon (nog) niet aangesloten worden:

Laurentius MEIJS, overleden op 7 juni 1680 te Nuth. Lens Meijs de oude.
RAL-LvO 1755, 150v: Op 10 mei 1652 kocht Lens Meijs, gehuwd met Jeut Smiets, onroerende goederen van Geet Crenskens, weduwe van Dirck Overzee, bijgestaan door de voogden Frans Overzee en Jan Gerits. De weduwe Overzee moest tot verkoop overgaan omdat zij zwaar in de schulden stak. De verkochte goederen betroffen anderhalve morgen akkerland aan de Trichterweg nabij Terstraten onder Nuth, grenzend aan Geurt Hermans, Frans Crousen, Lenaert Caris en Vaes Lijmpens; en verder anderhalve morgen aldaar gelegen, grenzend aan Geurt Bouts, Vaes Hamers, Vaes en Lemmen Lijpens, Vaes Lijmpens en heer Passert van Voerendaal. Naast 30 stuivers per kleine roede betaalde Lens Meijs nog vier vaten rogge, gewaardeerd aan drie gulden vijf stuivers per vat. Verder zou Lens Meijs nog mest uitrijden op het land dat de weduwe Overzee van haar schoonmoeder in pacht had. Ook was er nog sprake van vier gulden executiegeld, voldaan door Lens Meijs. Voorts zou de helft van het wassende rogge op het verkochte land voor de verkoopster zijn.
Gehuwd met Judith SMETS.
Uit dit huwelijk:

  • Joannes, geboren ca. 1626, overleden voor 1687.

RAL-LvO 1756, 143v: 26 juni 1687 treden de voogden Lens en Lemmen Haerden op bij een schuldvergelijk met zijn broer Laurens Meijs.
Gehuwd voor de kerk op 3 juli 1661 te Beek. Leneken Haerden van Lombrich en Jan Meijs van Hoensbroek met Helena HAERDEN.

  • Leonardus, gedoopt op 23 januari 1628 te Hoensbroek.
  • Laurentius (zie II.4).
  • Henricus, gedoopt op 21 november 1632 te Nuth.
  • Matheus, gedoopt op 7 augustus 1634 te Nuth.
  • Maria, gedoopt op 15 oktober 1639 te Nuth.
  • Agnes, gedoopt op 7 juni 1642 te Nuth, overleden op 8 oktober 1705 te Nuth op 63-jarige leeftijd.

RAL-LvO 1756, 186r (4 februari 1705) schenking aan haar dochters Judith en Gertruijdt.
Gehuwd voor de kerk op 25-jarige leeftijd op 28 september 1667 te Nuth met Lambertus LIJMPENS, 27 jaar oud, gedoopt op 13 september 1640 te Nuth, overleden op 5 november 1703 te Nuth op 63-jarige leeftijd, zoon van Servatius LIJMPENS en Maria BOONEN.
RAL-LvO 1755, 253v: Op 27 maart 1685 verkocht Lemmen Limpens, gehuwd met Neesken Meijs, aan zijn broer Jan Limpens, gehuwd met Maria Pijls, zijn huis met weide, groot 210 kleine roeden , grenzend aan Sijmon Rousschen, Vaes Hamers en de straat; en voorts 133 kleine roeden akkerland achter de huisweide, grenzend aan Geurt Hermens, de weide en Henrick Vroemen, voor 900 gulden. Hiervan ging 477 gulden naar Nijst Nijpels. Het land was belast met een vat rogge aan de kerk van Voerendaal.

II.4 Laurentius MEIJS, gedoopt op 21 maart 1630 te Nuth (getuige(n): Paulus Meijs, Catharina Joris), hypothetisch!: in de doopaantekening zijn de namen van de ouders onleesbaar. Aangezien er echter sprake is van een Laurentius Meijs de oude komt deze Laurentius als de jonge in aanmerking, overleden op 12 oktober 1690 te Nuth op 60-jarige leeftijd.
RAL-AHW 168, 151, Op 15 april 1684 verkocht Lins Meijs, weduwnaar Meijken Spee, samen met zijn ongehuwde dochters Mel, Margriet en Judith en schoonzoon Jan Pijls, weduwnaar Marie Meijs, aan Jan Erckens, gehuwd met Marie Wijnen, een morgen weiland onder Wijnandsrade nabij Hulsberg gelegen, grenzend aan Jan Habets, Gilis Habets, de straat en de gewande van Nijthuizen, voor 25 stuivers per kleine roede.
Het geld zou gebruikt worden voor het betalen van een schuld, ontstaan door aankoop van onroerende goederen van zijn broer Jan Meijs.
RAL-LvO 1756, 143v: Op 20 juni 1687 verklaarde Lins Meijs, bijgestaan door zijn kinderen Hendrick Vleugels, Margriet en Judith Meijs, dat hij van wijlen zijn broer alle vaderlijke erfgoederen onder Nuth gekocht had en daarvoor aan zijn broer Jan of diens erfgenamen 900 gulden beloofd had. Omdat er nog 425 gulden betaald moest worden beloofde hij daarover aan de nakomelingen, bijgestaan door de voogden Lemmen en Lens Haerden, een rente van 6 1/4 % te betalen. Hij borgde daartoe met al zijn goederen en speciaal zijn huis en hof te Nierhoven onder Nuth. Zoon van Laurentius MEIJS (zie I.1) en Judith SMETS.
Gehuwd voor de kerk op 21-jarige leeftijd op 13 oktober 1651 te Nuth (getuige(n): Henricus Schepers, Joannes Nuchelmans) met Maria SPEE, overleden op 11 juli 1664 te Nuth.
Uit dit huwelijk:

  • Maria, gedoopt op 28 juni 1652 te Nuth, overleden op 2 mei 1683 te Schinnen op 30-jarige leeftijd.

RAL-AHW 168, 151 (5 april 1684 wordt haar man als weduwnaar genoemd).
Gehuwd met Joannes PIJLS, overleden voor 1705.

  • Petrus, gedoopt op 5 oktober 1653 te Nuth.
  • Petrus, gedoopt op 15 december 1654 te Nuth.
  • Mel, gedoopt op 24 augustus 1656 te Nuth, overleden dec. 1687 te Nuth, zus van Judith Meijs, gehuwd met Claes Lino Vranck.

Gehuwd voor de kerk ca. 1684 met Henricus VLEUGELS, overleden op 26 september 1695 te Nierhoven-Nuth.
RAL-LvO 1756, 54r: 30 december 1695: broers Joannes en Gerardus als voogden van zijn kinderen.

  • Judith, geboren ca. 1660, overleden op 3 mei 1736 te Nierhoven-Nuth, zus van Mel Meijs, gehuwd met Hendrik Vleugels; genoemd in RAL-LvO 1756, 143v.

Gehuwd voor de kerk op 26 juni 1690 te Nuth. Nicolus Lino Vranck met toestemming van de pastoor van Munstergeleen met Nicolaus Lino VRANCK, overleden op 25 januari 1727 te Nierhoven-Nuth.

  • Margaretha, geboren ca. 1660, vermeld in RAL-AHW 168, 151 (1684).
  • Laurentius, gedoopt op 9 juni 1662 te Nuth.



Ook de volgende deelgenealogie kon (niet) gekoppeld worden aan de hoofdtak:
I.1 Joannes MEIJS.
RAL-LvO 1755, 48r: Op 26 mei 1645 staat Jan Meijs, gehuwd met Catharina Erckens, als zwager van Willem Erckens, zoon van Jan Erckens, borg voor een lening door zijn zwager en schoonvader aangegaan. Tot onderpand stelde hij 125 kleine roeden akkerland "in de swartcuijl" onder Nuth, grenzend aan Truijtgen Crusen, Hermen Voncken, Ercken Hermans en de Wijenweg, en een halve morgen op de "overdste wijenwech", grenzend aan de Wijenweg, erfgenamen Jan Cruijsen, Ercken Slangen en Dirck van Dremmen.
RAL-LvO 1755, 53v: Jan Meijs van Tervoorst, gehuwd met Catharina Erckens, verkocht op 7 februari 1646 aan Leonaerd Caris de oude drie percelen akkerland, te weten "aen de peut" bij Grijzegrubben onder Nuth, grenzend aan Jan Slangen en Thonis Crousen; het tweede "op den overste wech", grenzend aan Dirck van Dremmen; en het derde perceel "op den wijenwech", grenzend aan Vaes Hamers, samen ca. 270 kleine roeden. Iedere kleine roede kostte 21 stuivers.
RAL-LvO 1755, 261r: Jan Meijs van Tervoorst genoemd als neef in testament van Barbara Nuchelmans (1659).
Gehuwd voor de kerk op 3 juli 1634 te Nuth met Catharina ERCKENS, 24 jaar oud, gedoopt op 22 februari 1610 te Nuth (getuige(n): Petrus Maes namens zijn vader Servatius Maes, Cornelia e.v. Hubertus Huben, Catharina Slangen, Cornelia e.v. .... de Gubbel..., Matthias, zoon van "op den tijc te over spaubeeck"(?)), overleden op 19 maart 1697 te Nuth op 87-jarige leeftijd, met vermelding dat zij 100 jaar oud zou zijn, dochter van Joannes ERCKENS (van Busselken) en Margaretha SLANGEN.
. RAL-LvO 1755, 48r: 27 mei 1645, vermelding van broer Willem Erckens, zoon van Jan Erckens
RAL-LvO 1756, 135v: Op 5 oktober 1678 liet Paulus Goossens, gehuwd met Nelen Slangen, vastleggen dat hij op 6 februari 1678 van Jan en Ercken Meijs ca. 75 kleine roeden akkerland "op de geijsbergh" onder Nuth gekocht had voor 13 1/2 pattacon, te betalen in drie termijnen. Het land grensde aan Paulus Goossens zelf en Pauls Meijs.
Aangezien het land bij testament door Meijken Erckens op 31 mei 1666 aan haar zus Catharina Erckens, moeder van Jan en Ercken Meijs was nagelaten, moest zij toestemming geven voor de verkoop.
RAL-LvO 1756, 33r: testament van 15 februari 1695 met vermelding schoonzoon Lambertus Meulenbergh
Uit dit huwelijk:

  • 1. Arnoldus (zie II.1).
  • 2. (Mogelijk) Godefridus (zie II.3).
  • 3. Matthias, gedoopt op 22 april 1649 te Nuth (getuige(n): Catharina Slangen, Elisabeth Nuchelmans van Tervoorst).
  • 4. Margaretha, gedoopt op 17 april 1652 te Nuth (getuige(n): Paulus Meijs, Barbara Nuchelmans, e.v. Peter Osman), geen voornaam gegeven! Overleden op 11 april 1735 te Tervoorst-Nuth op 82-jarige leeftijd.

Gehuwd met Lambertus MEULENBERGH, overleden op 10 februari 1727 te Tervoorst-Nuth, mogelijk zoon van Renerus en Maria Heilgebours uit Merkelbeek
RAL-LvO 1756, 16r: Op 22 mei 1692 sloten Jan Meijs en zijn zwager Lemmen Meulenbergh, nadat hun (schoonmoeder) Catharina Erckens, weduwe Jan Meijs, toestemming verleend had, een lening af met Gerardus Cappoens. Zij leenden 200 gulden tegen 6 1/4% en stelden tot onderpand:
a) huis en hof te Tervoorst onder Nuth, een halve bunder groot, grenzend aan Hermen Odekercken en de weduwe Caspar Maes;
b) een halve bunder weide en akkerland onder Tervoorst, grenzend aan Vaes Spickers en Peter Coumans;
c) een halve bunder weide en akkerland, grenzend aan de Bergerhof, Jan Schorens en de erfgenamen Nuchelmans;
d) anderhalve morgen land, grenzend aan de erfgenamen Peter Pluegneckers.
De lening werd op 12 november 1698 afgelost.
RAL-LvO 1756, 180r: Op 15 december 1703 verkocht Lemmen Meulenberg, gehuwd met Grietien Meijs, aan Jan Meijs, gehuwd met Metgen Hermens, ca. een halve bunder akkerland op de Brand onder Nuth, grenzend aan de Bergerhof, de straat, Willem Hautvast en Dirck Drummen, voor 130 gulden. Hiervan zou de koper 100 gulden betalen voor het gestichte jaargetijde van Jan Snijders en diens echtgenote. De overige 30 gulden gingen naar de verkoper.
RAL-LvO 1757, 34v: Op 16 oktober 1711 leende Lemmen Meulenbergh, gehuwd met Margriet Meijs, 100 gulden tegen 6 1/4% Michiel Diederen, pastoor van Schinnen. Hij borgde daartoe met 115 kleine roeden akkerland te Hunnecum onder Nuth, grenzend aan Houb Lahaie en de Bergerhof; voorts nog een morgen weiland achter de Kurfsweide te Hunnecum, grenzend aan Jan Meulenbergh, Crijn Meijs en Marten Cobben.

  • 5. Joannes, overleden op 24 januari 1701 te Nuth.

RAL-LvO 1756, 16r: 22 mei 1692, sluit samen met zwager Lemmen Meulenbergh een lening af.
RAL-LvO 1756, 97r: 19 januari 1701, benoemt zus Margaretha Meijs en haar man Lambertus Meulenbergh tot zijn erfgenamen.

II.1 Arnoldus MEIJS, gedoopt op 5 februari 1643 te Nuth (getuige(n): Maria [Houben] e.v. Joannes Slangen, Elisabeth Nuchelmans), overleden op 6 maart 1706 te Grijzegrubben-Nuth op 63-jarige leeftijd, zoon van Joannes MEIJS (zie I.1) en Catharina ERCKENS.
Gehuwd voor de kerk op 25-jarige leeftijd op 8 februari 1668 te Nuth met Maria BOUTS, gedoopt sept. 1642 te Nuth (getuige(n): Wilhelmus ...., Gertrudis Crusen), overleden op 28 januari 1717 te Grijzegrubben-Nuth, dochter van Petrus BOUTS en Joanna BRULS.
Uit dit huwelijk:

  • 1. Petrus (zie III.1).


II.3 Godefridus MEIJS, gedoopt op 10 september 1644 te Nuth (getuige(n): Joannes Odekercken), onduidelijke inschrijving: Joannes Meijes et Catharina ....; Catharina doorgehaald en erboven Gertrudis geschreven Overleden op 18 november 1720 te Nuth op 76-jarige leeftijd. Goert Meijs van gen Bergh uijtghen Hoensbroeck maritus van Meijcken de wijsvrou, zoon van Joannes MEIJS (zie I.1) en Catharina ERCKENS of van Joannes MEIJS en Gertrudis LIMPENS?
Gehuwd voor de kerk op 24-jarige leeftijd op 29 januari 1669 te Nuth met Maria COGELEN, vroedvrouw, overleden op 29 maart 1726 te Hoensbroek.
Uit dit huwelijk:

  • 1. Joannes (zie III.4).
  • 2. Maria, gedoopt op 14 april 1672 te Hoensbroek (getuige(n): Joannes Muligens(?), Ida Maes).
  • 3. Wilhelmus, gedoopt op 2 april 1676 te Hoensbroek.
  • 4. Agnes, gedoopt op 10 augustus 1677 te Hoensbroek, overleden op 19 mei 1750 te Wijnandsrade op 72-jarige leeftijd.

Gehuwd voor de kerk op 36-jarige leeftijd op 23 oktober 1713 te Wijnandsrade met Joannes van AUBEL, 26 jaar oud, gedoopt op 12 oktober 1687 te Wijnandsrade, overleden op 22 april 1754 te Wijnandsrade op 66-jarige leeftijd, erfgenaam Paulus Driessen (1730), zoon van Nicolaus van AUBEL en Anna DRIESSEN.

  • 5. Godefridus, gedoopt op 1 januari 1680 te Hoensbroek.
  • 6. Theodorus, gedoopt op 27 juni 1681 te Nuth (getuige(n): Laurentius Cremers, Maria Habets).
  • 7. Theodorus, gedoopt op 10 oktober 1683 te Nuth (getuige(n): Franciscus Hermans, Anna Hermans).


III.1 Petrus MEIJS, gedoopt op 1 november 1678 te Nuth (getuige(n): Hermanus Odekercken, Maria Hermans), zoon van Arnoldus MEIJS (zie II.1) en Maria BOUTS.
Gehuwd voor de kerk (1) op 22-jarige leeftijd op 26 januari 1701 te Nuth (getuige(n): Joannes Meijers, Wilhelmus Wahlen) met Catharina CREMERS, 22 jaar oud, gedoopt op 5 oktober 1678 te Nuth (getuige(n): Franciscus Crijns, Maria Habets namens Maria Essers), overleden op 26 februari 1711 te Grijzegrubben-Nuth op 32-jarige leeftijd, dochter van Laurentius CREMERS en Cornelia HOUBEN.
Gehuwd voor de kerk (2) op 36-jarige leeftijd op 3 oktober 1715 te Nuth (getuige(n): Joannes Meijs, Wilhelmus Schepers). Petrus Meijs viduus Catharina Cremers met Irmgardis QUAETACKERS, overleden op 17 juli 1738 te Grijzegrubben-Nuth.
Uit het eerste huwelijk:

  • 1. Arnoldus, gedoopt op 17 mei 1702 te Nuth (getuige(n): Joannes Meijs, Anna Cremers).
  • 2. Laurentius, gedoopt op 28 september 1703 te Nuth (getuige(n): Ercken Meijs, Idtgen Schmits).
  • 3. Joannes, gedoopt op 18 september 1705 te Nuth (getuige(n): Joannes Loenis namens Stephanus Loenis), overleden op 27 november 1782 te Grijzegrubben-Nuth op 77-jarige leeftijd.

RAL-LvO 1762, 92r: Op 29 april 1782 werd het testament opgemaakt van Joannes Meijs en diens echtgenote Joanna Limpens. Daarbij werd het volgende bepaald:
a) bij overlijden van de man zou door de weduwe, of anders door zijn erfgenamen, 100 kleine roeden akkerland op het Bergerveld onder Nuth, grenzend aan de Bergerhof, de weduwe Joannes Frissen en de weg, verkocht worden, waarbij de opbrengst bestemd werd voor missen, te stichten bij de paters Capucijnen en Minderbroeders te Maastricht;
b) indien de vrouw de man zou overleven zou zij direct na zijn dood de eikenbomen, essen, beuken en de populier verkopen om met de opbrengst de begrafenis, vervallen keuren e.d. te betalen;
c) bij overlijden van de vrouw zou door de weduwnaar, of anders door haar erfgenamen, ca. 90 kleine roeden akkerland op het Helleveld, grenzend aan Joannes Diederen en Joannes Limpens, verkocht woorden, waarbij de opbrengst bestemd werd voor missen, te stichten bij de paters Capucijnen en Minderbroeders te Maastricht;
d) tot universele erfgenamen van de man werden benoemd diens nicht Anna Boesten (of haar kinderen) te Antwerpen voor een vierde deel; de kinderen van wijlen diens nicht Maria Boesten voor een vierde deel; het kind van wijlen zijn nicht Elisabeth Boesten uit Maaseik voor een vierde deel; en de twee kinderen van wijlen zijn nicht Joanna Boesten eveneens voor een vierde deel, met de bepaling dat [haar zoon] de blinde Joannes Caspar Goossens uit dat kwart vooraf 100 gulden zou ontvangen en het restant met zijn zwager Joannes Zoutzen zou delen [de familierelatie Boesten loopt via Anna Cremers, gehuwd met Joannes Boesten. Zij is de zus van Catharina Cremers, moeder van Joannes Meijs];
e) bij vooroverlijden van een der genoemde kinderen zouden hun nakomelingen erven en hun eventuele echtgenoten het vruchtgebruik genieten;
e) tot universele erfgenamen van de vrouw werden de kinderen van wijlen haar broers Leonard en Joannes Limpens benoemd, met de nadrukkelijke bepaling dat het deel van Maria Limpens uitsluitend naar haar kinderen uit het huwelijk met Mathias Jongen mocht gaan;
f) aangaande de in 1753 gestichte fundatie voor negen maanden vroegmissen in de kerk van Nuth werd bepaald dat de man voor zes maanden (oorspronkelijk zeven) en de vrouw voor drie maanden (oorspronkelijk twee maanden) het geld zou bijdragen;
g) derhalve zou de vrouw 550 gulden zou bijdragen, waarvoor zij borgde met 166 kleine roeden akkerland aan het Kruis onder Nuth, grenzend aan Gabriel Beckers, Joannes Limpens en de weg;
g) derhalve zou de man 1100 gulden bijdragen in de fundatie, waarvoor zoveel goederen verkocht zouden worden als nodig was om de fundatie te betalen.
RAL-LvO 1764, 92: Op 2 november 1790 verkochten de erfgenamen van Joannes Meijs (te weten Anna Boesten, J.M. Lamperts, J. Wouters, Ferdinandus de Raedt, Godefridus Garre, Johannes Zoutzen, N. Bindels en J.C. Goossens) aan Henricus Urlings, gehuwd met Maria Kleintjens, een huis met schuur, stallen, huisweide en moestuin te Grijzegrubben onder Nuth, grenzend aan Vaes Bemelmans, Lendert Kurfs, Joannes Hermens en de dorpstraat, volgens meting 142 1/2 kleine roeden, belast met 1/10 kop rogge aan de kerk van Nuth en 1/10 kop rogge aan de kerk van Wijnandsrade, en de moestuin met zijn keur in de cijnskaart Doenrade. De koopsom bedroeg 1050 gulden. De verkopers gaven 50 gulden aan de koper, makende 1100 gulden. Dit bedrag was door Joannes Meijs in zijn testament van 29 april 1782 bestemd voor vroegmissen in de parochiekerk van Nuth. Dit bedrag werd nu een lening tegen 4% ten behoeve van de kapellanie van Nuth. Henricus Urlings borgde met het aangekochte huis en met drie stukken akkerland:
a) 100 kleine roeden akkerland in het Grijzegrubberveld "aen het witgen", grenzend aan heer a Blisia, de erfgenamen Joannes Hermens en Bartel Drummen;
b) 56 kleine roeden akkerland in het Grijzegrubberveld "op den Nagel", grenzend aan Caspar Frijns, Lambertus Ackermans en Dirck Cloots;
c) 150 kleine roeden akkerland in het Grijzegrubberveld "aen het witgen", grenzend aan de kinderen van Christiaen Hautvast, Joannes Drummen, Hermen Meijs en heer a Blisia.
Gehuwd voor de kerk op 31-jarige leeftijd op 20 juni 1737 te Nuth (getuige(n): Joannes Limpens, Jacobus Hautvast) met Joanna LIMPENS, 21 jaar oud, gedoopt op 24 november 1715 te Nuth (getuige(n): Thomas Bruls, Helena Limpens), overleden op 19 mei 1790 te Grijzegrubben-Nuth op 74-jarige leeftijd. RAL-LvO 1762, 91r: testament waarin haar broers Leonard en Joannes genoemd worden, dochter van Joannes LIJMPENS en Maria PETERS.

III.4 Joannes MEIJS, timmerman, gedoopt op 23 juni 1669 te Wijnandsrade, overleden op 15 maart 1737 te Terstraten-Nuth op 67-jarige leeftijd, zoon van Godefridus MEIJS (zie II.3) en Maria COGELEN, vroedvrouw.
Gehuwd voor de kerk op 26-jarige leeftijd op 15 september 1695 te Nuth (getuige(n): Wilhelmus Schepers, Elisabetha Houbben) met Mechtildis HERMANS, 27 jaar oud, gedoopt op 17 oktober 1667 te Nuth (getuige(n): Leonard Seutendael, Helena Hermans, weduwe Leonardus Caris), achternaam moeder niet in doopaantekening, overleden op 9 januari 1743 te Hooren-Nuth op 75-jarige leeftijd, dochter van Godefridus HERMANS en 'Catharina CRACHS.
Uit dit huwelijk:

  • 1. Maria, gedoopt op 27 maart 1696 te Nuth (getuige(n): Henricus Boots namens Arnoldus Hermans, Maria Cogelen namens Maria Meijs), overleden op 14 juli 1756 te Nuth op 60-jarige leeftijd.

Gehuwd voor de kerk op 32-jarige leeftijd op 2 maart 1729 te Nuth (getuige(n): Martinus Meijs, Joannes Pricken), de pastoor noteert 30 februari! [datum is derhalve eigen interpretatie] met Cornelius SCHETJENS, overleden op 11 mei 1758 te Nuth. Nieuw Weij.
RAL-LvO 1758, 211r: Op 21 naart 1744 verkocht Cornelis Schettjens, gehuwd met Maria Meis, aan Joannes Limpens, gehuwd met Gertruijd Mercken, 74 kleine roeden akkerland in het Horenveld onder Nuth, grenzend aan de weide van Merten Meis, Joannes Limpens, de Bergerhof en Mathijs Peters, voor 32 1/2 stuiver per kleine roede.
RAL-LvO 1759, 193v: Op 8 maart 1758 verkocht de weduwnaar Cornelis Schettjens, bijgestaan door zijn drie zonen Joannes, Martinus en Wilhelmus (waarbij Joannes en Wilhelmus verklaarden in militaire dienst onder heer Bronsvelt te zijn gegaan), aan de weduwe van Joannes Curfs 40 kleine roeden huis met moestuin op de Nieuwweij nabij Grijzegrubben, grenzend oostwaarts aan Joannes Hermens, westwaarts aan de koopster, en verder aan de weg en de erfgenamen Cornelis Cremers. Iedere roede kostte vijf schillingen. Cornelis Schettjens mocht echter het huis en de tuin tot zijn dood blijven gebruiken zonder daarvoor iets te betalen. Pas na zijn dood zou de koopster alle rechten verwerven.

  • 2. Catharina, gedoopt op 7 november 1697 te Nuth (getuige(n): Godefridus Hermens, Gertrudis Limpens).

Gehuwd voor de kerk op 38-jarige leeftijd op 18 februari 1736 te Hulsberg met Jacobus BROUNS, uit Beek?
RAL-LvO 1757, 120r: Op 22 april 1720 verkoopt Werner van Diest, inwoner van Helle-Nuth, aan Matthijs Eggen, gehuwd met Helena Stijffs, en Jacob Brouns, gehuwd met Maria Eggen, elk voor de helft 62 kleine roeden huis met moestuin en land, gelegen te Helle, grenzend aan Jan Eggen, Lemmen Raven, de weg en Jan Smitsmans, voor 25 stuivers per kleine roede. Verder zat in de koop inbegrepen het wassen, naaien en vermaken van het linnengoed van de verkoper gedurende zijn verdere leven, het recht om het huis te blijven bewonen, alsmede het gebruik van de helft van de moestuin. De kopers droegen vanaf nu de verantwoording voor het onderhoud van het huis.
RAL-LvO 1757, 153r: Op 8 april 1723 verkochten Hermanus Ghijsen en diens zwager Joannes Wijnaens aan Jacob Brons, gehuwd met Marij Egghen, 53 kleine roeden akkerland in Helle op de Grachtweg, grenzend aan Joannes Raven en Vaes Swelschen. Iedere kleine roede kostte 19 1/2 stuiver.
RAL-LvO 1757, 195v: Op 10 april 1726 verkocht Jan Eggen, gehuwd met Maria Raven, aan Jacob Brons, gehuwd met Maria Eggen, 80 kleine roeden akkerland op de Grachtweg, grenzend aan Jan Raven en Jan Voncken, en 112 kleine roeden akkerland op de Grachtweg, grenzend aan Jan Eggen en Jacob Brons. Iedere kleine roede kostte 25 stuivers.
RAL-LvO 1757, 210v: Op 28 januari 1728 verkocht Jan Eggen, gehuwd met Maria Raven, aan Jacob Brouns, gehuwd met Maria Eggen, 159 1/2 kleine roeden akkerland in de Hellesijpen, grenzend aan Lemmen Raven en de erfgenamen Henderijc Bemelmans, en 100 1/2 kleine roeden akkerland op de Grachtweg, grenzend aan Jacob Brouns en Jan Raven. Iedere kleine roede kostte twee schillingen.
RAL-LvO 1758, 122r: Op 20 juli 1739 werden afspraken gemaakt tussen Jacob Brouns, gehuwd met Catharina Meijs en weduwnaar uit eerste huwelijk van Maria Eggen, enerzijds en de broer van zijn eerste echtgenote Matthias Eggen, en diens zoon Leonaert (mede voor zijn zwager Matthevis Hermens). Het betrof de goederen die Jacob Brouns tijdens zijn eerste huwelijk had gekocht en waarvan hij het vruchtgebruik had.
RAL-LvO 1758, 163r: Op 12 januari 1742 leende Jacob Brouns, gehuwd met Catharina Meis, 150 gulden tegen 5% van Dirck Heijnen, inwoner van Klimmen. Tot onderpand diende 141 kleine roeden akkerland op het Bergerland onder Nuth, grenzend aan Peter Voncken, Claes Jans en baron a Blisia.

  • 3. Joannes Nicolaus, gedoopt op 6 december 1699 te Nuth (getuige(n): Wilhelmus Schepers namens Godefridus Meijs, Joanna Hermens).
  • 4. Joanna, gedoopt op 7 september 1701 te Nuth (getuige(n): Godefridus Meijs, Maria Hermens), overleden op 8 april 1748 te Horen-Nuth op 46-jarige leeftijd.

Gehuwd voor de kerk op 33-jarige leeftijd op 31 mei 1735 te Nuth (getuige(n): Joannes Meijs, Wilhelmus Hautvast) met Mattheus PETERS, 37 jaar oud, gedoopt op 11 maart 1698 te Nuth (getuige(n): Antonius Ackermans (uit Schimmert), Helena NN), zoon van Joannes PETERS en Gertrudis ACKERMANS.

  • 5. Catharina Gertrudis, gedoopt op 12 september 1703 te Nuth (getuige(n): Wilhelmus Schepers namens Matthias Parren, Maria Cogelen namens Ida Versteegen).
  • 6. Martinus Theodorus, gedoopt op 8 november 1705 te Nuth (getuige(n): Wilhelmus Schepers namens Martinus a Campo, Maria Cogelen namens Agnes Meijs), overleden op 15 augustus 1788 te Schinnen op 82-jarige leeftijd.

Gehuwd voor de kerk op 28-jarige leeftijd op 26 oktober 1734 te Nuth (getuige(n): Joannes Meijs, Christianus Houben) met Catharina CRUITZ, overleden op 23 november 1793 te Schinnen, in Schinnen vermeld als Elisabeth Cruts.

  • 7. Joanna Maria, gedoopt op 8 september 1707 te Nuth (getuige(n): Wilhelmus Schepers namens Stephanus Eggen (uit Swier), Maria Cogelen (grootmoeder) namens Catharina Quintens, e.v. Godefridus Meijs (uit Zonhoven)).
  • 8. Godefridus, gedoopt op 14 juni 1709 te Nuth (getuige(n): Godefridus Bijschops namens Godefridus Snackers, Maria Engelen namens Gertrudis Meijss).


Medewerkers

Harry Luijten, eerste versie op 24 december 2006
Harry Luijten, aanpassingen oudste generatie op 26 maart 2007
Harry Luijten, los eindje toegevoegd op 11 juli 2007
Wil Brassé, afstamming Godefridus Meijs bij losse eindjes onzeker - 3 november 2010

Persoonlijke instellingen