Viersen

Uit Genealogie Limburg Wiki
Ga naar: navigatie, zoeken

Tekst samengesteld op basis van en bewerkt naar artikelen in Nederlandse en Duitse Wikipedia

Viersen is een stad dicht over de Nederlandse grens gelegen in de Niederrhein (Noordrijn-Westfalen), ter hoogte van Roermond. Het is de hoofdstad van het district Viersen. De stad telt 75.360 inwoners [2011] en heeft een oppervlakte van 9100 hectare.


Stadsdelen en wijken

De gemeente Viersen wordt ingedeeld in de stadsdelen Alt-Viersen, Dülken, Süchteln en het veel kleinere Boisheim (inwoneraantallen per oktober 2005)

  • Alt-Viersen (37.179) met de wijken Beberich, Bockert, Bötzlöh, Donk, Düpp, Hamm, Heimer, Helenabrunn, Hoser, Hülsdonk, Ompert, Rahser, Rintgen, Robend, Noppdorf, Ummer
  • Dülken (20.767) met de wijken Bergerstraße, Bistard, Schirick, Landwehr, Loosen, Busch, Hausen, Mackenstein, Nette, Ransberg, Klinkhammer, Nord, Waldnielerstraße
  • Süchteln (16.591) met de wijken Clörath, Dornbusch, Hagen, Hagenbroich, Sittard, Vorst
  • Boisheim (2.073) met de wijk Lind.

Naam

De naam is met het plaatsaanduidend suffix –en afgeleid van de „Viers“, de thans zo genoemde „Dorfer Bach“ in buurt van de „Kaisermühle“.

Wapen

Blazoen: in blauw drie zilveren mispelboemen, 2:1 geplaatst. De drie bloemen staan voor de drie grootste gefuseerde partnergemeenten. De mispelbloem, ook „Gelderse roos“[1] genoemd, kwam al minstens vanaf 1450 voor in het Viersener stadswapen. Zij drukte de Gelderse onderhorigheid van deze stad uit.

Geschiedenis

De huidige gemeente Viersen ontstond in 1970 door de bestuurshervorming waardoor de gemeenten Viersen, Dülken, Süchteln en Boisheim werden opgeheven en fuseerden tot de huidige gemeente Viersen.

Voor 1794

De gemeenten Dülken, Süchteln en Boisheim lagen in het gebied van het Amt Brüggen in het Hertogdom Gulik. Viersen lag als Gelderse exclave van het Ambt Krieckenbeek temidden van dit Guliks gebied.

Viersen behoorde tot het Overkwartier van Gelre en daarom ook tot de Zuidelijke Nederlanden. Tijdens de Spaanse Successieoorlog werd het door Pruisen ingenomen, samen met een reeks andere gemeenten, die vanaf 1713 officieel Pruisisch Opper-Gelre vormden.

Na 1794

Deze geïsoleerde situatie werd door de Fransen in 1794 beëindigd. Vanaf 1815 hoorde dit gebied als onderdeel van de Rijnprovincie tot het Koninkrijk Pruisen. Hierdoor kwam een einde aan de territoriale versplintering van het gebied. Doordat de plaatsen tot verschillende staten hebben behoord, verliep de ruimtelijke ontwikkeling van de gemeenten zeer verschillend. Dülken en Süchteln werden bestuurd door leden van het geslacht van Gulik, die deze steden wilden versterken als grenssteden tegen Gelre. In Viersen had het Stift St. Gereon uit Keulen grote invloed. Het Stift had geen interesse om Viersen tot een stad te ontwikkelen. Hierdoor ontwikkelde Viersen zich planologisch anders dan de gemeenten Dülken en Süchteln.
Vanaf de 19e eeuw drukte de industrialisatie een duidelijk stempel op het landschap. Met de aanleg van wegen en spoorwegen kreeg de economische ontwikkeling een impuls. Voor de Tweede Wereldoorlog kende Viersen een grote textielnijverheid. Na de Tweede Wereldoorlog kwamen er andere soorten van de industrie bij, zoals ijzerindustrie en de levensmiddelenbranche.

Historisch citaat

Viersen is een groot en welvaarend Dorp, daar veel Handel in Lywaaten[2] gedreeven wordt. Het legt vyf uuren[3] van Gelder (Geldern).[4]

Noten

  1. Gelderse roos
  2. Linnen stoffen, niet met de kwaliteit van lakenstof
  3. Loopafstand
  4. Hedendaagsche Historie of Tegenwoordige staat van Alle Volkeren, deel X, blz. 192 1738