Wijzigingen

Ga naar: navigatie, zoeken

Graaf (titel)

7.657 bytes toegevoegd, 26 okt 2012 00:47
k
Nederlandse adellijke geslachten met de titel van graaf
''Naar een tweetal artikelen in Wikipedia''

'''Graaf''' is een hoge adellijke titel. Het vrouwelijke equivalent is '''gravin'''. In rangorde van de Belgische en Nederlandse adel staat de graventitel boven [[burggraaf]] en onder die van [[markgraaf]] ([[markies]]).

== Graaf als ambt en als titel ==
Oorspronkelijk werd met ''graaf'' een opzichter aangeduid, zoals bijvoorbeeld een [[dijkgraaf]] of [[markgraaf]]. Later werd de titel een ambtstitel voor de hoogste drager van ambtelijk, rechterlijk en militair gezag die werd aangesteld door keizer Karel de Grote. De graaf was de officiële vertegenwoordiger in het hem toegewezen gebied. Meestal werden de graven benoemd uit leden van aanzienlijke families en namen zij met de bisschoppen en abten deel aan de grote rijksvergaderingen.

In een [[veemgerecht]] konden een [[vrijgraaf]], een ambtelijke, geen adellijke titel, en een aantal vrije [[schepen]]en of bijzitters oordelen over de aanklachten. Deze grafelijke functie is nooit een erfelijke adellijke titel geworden.

Er bestond een functionele en institutionele verscheidenheid onder de grafelijke ambten:

* Een ''[[markgraaf]]'' of ''markies'' had een overwegend militaire functie en werd ingezet in de graafschappen aan de grenzen van het rijk. In het westen van het Duitse rijk gebeurde dit ter beveiliging van de grens met het Franse koninkrijk (de marken Valenciennes, Ename en Antwerpen) en in het oosten vooral tegen de Hongaarse gebieden.
* Een ''[[paltsgraaf]]'' werd aangesteld voor de waarneming van de rechtspraak in een koninklijke verblijfplaats (een zogenaamde [[palts]]). Deze paltsgraven waren vanaf de 10e eeuw een (politiek) tegengewicht tegen de groeiende macht van de [[hertog]]en: men had rijksonderdanige paltsgraven in Lotharingen (vanaf ca. 1086 de Paltsgraafschap aan de Rijn (Rijnpalts) genoemd), Beieren, Zwaben en Saksen. Ook het Vaticaan kende Paltsgraven. Het was een titel die door de Paus werd verleend aan ''Ridders in de Orde van het Gulden Spoor''.
* Een ''[[landgraaf (titel)|landgraaf]]'' is een graaf die rechtstreeks leenhulde bracht aan de keizer en later koning, zonder bemiddeling van een andere [[leenheer]] (zoals een rijksbisschop, een hertog of paltsgraaf).
* Een ''[[gouwgraaf]]'' werd aangesteld over een [[gouw]] (Romeins ''Pagus''). Hij nam de rechtspraak waar, verzekerde de militaire beveiliging en inde de belastingen.
* Een ''[[woudgraaf]]'' (''comes nemoris''): een graaf die werd aangesteld over ondoordringbare of nog onontgonnen wouden. Sommige woudgraafschappen behoren evenwel tot het rijk van de fantasie en werden ingeschakeld in landsheerlijke legenden om de oorsprong van een gravengeslacht te mystificeren.
* Een ''[[Raugraaf]]'': in 1667 verleende Karel Lodewijk van de Palts de titel raugraaf en raugravin aan zijn nazaten uit het morganatische, volgens sommige lezingen ook ongeldige, huwelijk met Louise von Degenfeld. Over de herkomst van de titel zijn diverse lezingen. Het Latijnse begrip ''comes hirsutus'' en het Duitse Ruegegraf is volgens sommige bronnen "een graaf zonder versierselen". Elders heet het een bestuurder van onbebouwd gebied te zijn. Eerder werd de titel gevoerd door de "Wildgrafen" uit het huis der [[Emichonen]] in de 10e eeuw.
* Een ''[[burggraaf]]'': militaire bestuursfunctie voor een [[leenheer]].

In het Karolingische rijk bestond ook de titel ''zendgraaf'', ''[[missus dominicus]]''. Het ging om een keizerlijk gezant die een tijdelijke controle toegewezen kreeg over een bepaald territorium. Het ambt mag beschouwd worden als een voorloper van de territoriale graven.

== Graaf als erfelijke titel ==
Aanvankelijk was een gravenambt een persoonsgebonden ''beneficium'' (een niet-erfelijk leengoed) en was een graaf ook afzetbaar. Door de verankering van het gravenambt binnen eenzelfde stamgeslacht begon men het ambt vanaf de 10e/11e eeuw toch als erfelijk te ervaren. Men mag aannemen dat vanaf de 12e eeuw dit erfrecht door de grafelijke geslachten algemeen werd opgeëist en dat dit door de vorsten ook werd gedoogd.
Er konden meerdere graafschappen in één hand verenigd worden. Daardoor verwierven sommige graven een grotere onafhankelijkheid van hun suzerein en werden weldra autonome landsheren.
Meestal werden uit de grafelijke geslachten ook bisschoppen en abten verkozen.

== Graaf in Nederland ==
Vanaf de 16e eeuw (de Habsburgse periode) is een graventitel eenvoudig een adellijke gradatie geworden met weinig of geen territoriaal gezag. De titel werd een financieel actief dat daardoor ook binnen een geslacht verankerd kon blijven. Zo zijn er nog slechts achttien Nederlandse geslachten die een graventitel voeren (zie hieronder). Na [[1814]] is hij in Nederland ook nog wel eens verleend aan een oude dynastenfamilie (bijvoorbeeld: Van Limburg Stirum) en aan bezitters van rijksgravendiploma's. Ook werd de graventitel wel eens wegens persoonlijke verdienste verleend.

=== Graventitel en het Nederlandse Koninklijk Huis ===
Om het aantal leden van het Nederlandse Koninklijk Huis terug te brengen heeft de regering besloten dat alleen de kinderen van de koning of de troonopvolger nog prins (of prinses) kunnen zijn. De kinderen van Prins Constantijn en Prinses Laurentien zijn derhalve ''gravin Eloise'', ''graaf Claus-Casimir'' en ''gravin Leonore''.

=== Nederlandse adellijke geslachten met de titel van graaf ===
''Geslachten die tot de adel van het Koninkrijk der Nederlanden behoren of hebben behoord, volgens opgave van de [[Hoge Raad van Adel]].''

†: Geslacht uitgestorven of titel vervallen

• D'Aubremé †
• D'Auxy
• Bentinck
• Borluut †
• Van den Bosch
• De Borchgrave d'Altena
• Van Bylandt
• Du Chastel de la Howarderie †
• Dumonceau
• Van der Duyn
• Festetics de Tolna
• De Ficquelmont
• De Geloes
• Van der Goltz †
• Van Gronsfeld Diepenbroeck †
• Van Heerdt
• Van Heiden †
• De Hochepied
• [[Van Hoensbroeck]]
• Van Hogendorp
• Von Hompesch-Rürich †
• De Larrey †
• Van Limburg Stirum
• Van Lynden
• [[De Marchant et d'Ansembourg]]
• Van Nassau la Lecq †
• De Norman d'Audenhove
• Von Oberndorff
• Van Oranje-Nassau van Amsberg
• De Perponcher Sedlnitsky
• Von Quadt
• Van Randwijck
• Von Ranzow
• Van Rechteren
• Van Reede †
• Van Renesse †
• De Riquet de Caraman
• Schimmelpenninck
• De Spangen †
• Zu Stolberg-Stolberg
• Van Wassenaer †
• [[Wolff Metternich]]
• Van Zuylen van Nyevelt

== Rangkroon in Nederland en België ==
Volgens een decreet uit 1817 van koning Willem I der Nederlanden mogen de graven de volgende ''rangkroon'' boven hun adellijke [[wapenschild]] plaatsen: een gouden ring met edelstenen, waarop drie bladeren of ''fleurons'', en daartussen twee met parels getopte gouden punten. Toch voert het gros van de grafelijke families een rangkroon met negen met parels getopte gouden punten. In Nederland en België afgebeelde wapens met daarboven deze kroon zijn dus te herkennen als die van een graaf.

== Plaatsnamen ==
In heel wat plaatsnamen komen verwijzingen naar een graaf voor, eenvoudigweg omdat het betrokken dorp of heerlijkheid aan een graaf toebehoorde. Dikwijls diende de toevoeging ook om onderscheid te maken met een gelijknamige gemeente, bijvoorbeeld:
* 's-Gravenwezel (onderscheiden van het nabijgelegen Wuustwezel)
* 's-Gravenzande
* [[Landgraaf]]
* 's-Gravenbrakel (naast Kasteelbrakel en Eigenbrakel)
* [['s-Gravenvoeren]]
* Den Haag ('s-Gravenhage)
* 's-Gravendeel
* 's Gravenmoer
* 's-Graveland (Noord-Holland)
* 's-Gravenpolder (dorp)

[[categorie: Genealogisch woordenboek]]
[[Categorie: Adellijk geslacht]]
860
bewerkingen

Navigatiemenu