Slenaken

Uit Genealogie Limburg Wiki
Ga naar: navigatie, zoeken

Slenaken (Limburgs: Sjlennich) is een dorp in de gemeente Gulpen-Wittem in het zuiden van Limburg, dicht tegen de grens met België. Het is gelegen in een dal waar de Gulp doorheen stroomt, met aan de noordzijde de Loorberg richting Epen en aan de zuidzijde de grens, en het Belgische plaatsje Teuven. Het was tot en met 1981 een zelfstandige gemeente.

St. Remigius kerk te Slenaken

Onder het dorp Slenaken vallen ook de buurtschappen Beutenaken en Heijenrath en delen van de buurtschappen Hoogcruts en Schilberg (de laatste twee buurtschappen worden behandeld onder Noorbeek, waaronder de andere gedeelten vallen).

Inhoud

Naam

Wellicht ontstaan uit Slediniacas, ‘nederzetting toebehorend aan een Germaans persoon Slado’. Een andere verklaring gaat uit van slede, ‘dal, helling’, zodat de naam ook ‘woningen aan de helling’ zou kunnen betekenen. Oude schrijfwijzen zijn in 1253 Sledenake, in 1280 Sledenachen en in 1357 Sleydenaeken.

Geschiedenis

De oudste vermelding van de vrije rijksheerlijkheid Slenaken is in een oorkonde uit 1252 waar Adam, Heer van Sledenake als getuige optreedt voor Walram, hertog van Limburg. Later waren de graven Bronckhorst van Gronsveld en daarna graaf Plettenburg van Wittem er de baas. Dat de omgeving van Slenaken al zo'n 6000 jaar geleden bewoond was, blijkt uit de grote ‘slijpsteen' in een bosje langs de Gulp, zuidelijk van Slenaken. In deze steen zijn diepe groeven te zien, ontstaan doordat mensen uit de Nieuwe Steentijd (Neolithicum) hun bijlen van vuursteen aan deze steen hebben geslepen. Vóór 1676 maakte het dorp kerkelijk deel uit van de Belgische parochie Sint Maartensvoeren. Het kreeg na heel wat conflicten pas in 1793 een nieuwe kerk, bij besluit van het Hof van Brabant. Slenaken heeft in de periode 1676-1796 gedurende een opvallend groot aantal jaren te kampen gehad met twee veel slachtoffers eisende dysenterie-epidemieën (1676 en 1781). Verder heeft Slenaken last gehad van de twee successieoorlogen, de Spaanse (1702-1713) en de Oostenrijkse (1740-1748), die zoals in de meeste plaatsen in Zuid-Limburg uitbuiting (door de passerende troepen) en verarming dus verslechtering van de voeding en de gezondheid met zich meebrachten.

In 1840 telde de gemeente 132 huizen, 545 inwoners, verdeeld in dorp Slenaken 21/121 en de buurtschappen Beutenaken 25/89, Heijenroth 60/221, Hoog-Cruts (gedeeltelijk) 9/33 en Schilberg (gedeeltelijk) 17/81. In het midden van de negentiende eeuw telde Slenaken zo'n 600 inwoners en 120 huizen. Er was toen nog geen school. In 2005 waren dit 636 inwoners en 314 woningen. De school had toen 50 leerlingen.

Archieven

De Doopregisters beginnen in 1636, de Huwelijksregisters in 1676 en de Overlijdensregisters in 1676 (parochie H. Remigius). Zie verder deze link DTB-registers en Burgerlijke Stand.

Externe links

Persoonlijke instellingen