Heerlijkheid Lieck tot Oberlieck / Heren

Uit Genealogie Limburg Wiki
Ga naar: navigatie, zoeken

Naar Wikipedia

Zie ook Van Lieck (gedeeltelijk identiek artikel)

De heerlijkheid Lieck

Everhard van Heinsberg is de stamvader van het geslacht van Lieck (ook wel: van den Leeck), een middeleeuws riddergeslacht dat het oud adellijke geslacht Heinsberg-Sponheim als natuurlijke voorouders heeft. Zijn vader, Dirk II van Heinsberg, was een van de vier erfpretendenten van het hertogdom Limburg (1283-1289), die zijn rechten niet heeft verkocht. De heren van Lieck van hof Lieck op het aristocratische landgoed Oberlieck [1] zijn te onderscheiden van de vrijheren van Brempt genoemd Lieck, van hof Lieck op het naburige landgoed Unterlieck.
De gekroonde dubbelstaartige leeuw in hun stamwapen [2] is oorspronkelijk ontleend aan het huis Limburg-Luxemburg, waarvan de kleuren wit en rood afkomstig zijn. In de zestiende eeuw nam de stad Heinsberg het aristocratische stamwapen van de familie Lieck, de hertogelijke leeuw van Limburg, aan als stadswapen. Na de eenwording van Nederland in het jaar 1814 ontstond er met Susteren als bakermat van dit geslacht een Nederlandse tak. (Het graafschap Sponheim ligt ten zuiden van het graafschap Nassau.)

De heren van Lieck tot Oberlieck

Heer [1] [2] Periode Opvolging Opmerkingen Zegel
Everhard van Heinsberg 1322-1350 zoon Geboren rond 1296. Zoon van Dirk II van Heinsberg[3] en N.N. von Lieck weduwe van Goswin van Brempt genoemd Lieck heer van hof Lieck op het landgoed Unterlieck en waarschijnlijk erfvrouwe van Unterlieck en Oberlieck. Het jaar 1322 door Godfried I van Heinsberg beleend met hof Lieck op landgoed Oberlieck. Deze Godfried I liet kasteel Daelenbroek nabij Roermond bouwen. Had een oudere broer Lambert van Heinsberg. In dienst van graaf Dirk III van Loon-Heinsberg. Deze graaf schreef dat Lambert en Everhard zijn natuurlijke ooms zijn, 1338.[4] Kregen van de hertog van Brabant twee paarden ter vergoeding die verloren waren gegaan, 1342. Op 25 november 1342 getuigden Lambert en Everhard als broers voor Reinold II Hertog van Gelre.[5] Wordt Leenman van Wassenberg 1350, bevoegd om in het bos aan de Meinweg gemeente Roerdalen wilde paarden te houden.[6] Zijn vader Dirk II was een van de vier erfpretendenten van het hertogdom Limburg (1283-1289) die allen de Leeuw in hun wapen hadden: Luxemburg, Heinsberg, Valkenburg en Berg. Leeuw van Limburg
Everhard van Lieck[7] ca. 1350-1384 zoon Eerste naamsvermelding als getuige op 25 januari 1362 in dienst van Godfried II van Loon-Heinsberg erfpretendent van het graafschap Loon en Chiny, heer van Heinsberg. Het document met zijn zegel en van zijn oom Lambert van Heinsberg[8] [9] bevindt zich in de kathedraal Saint-Lambert te Luik. Lambrecht woonde in die tijd als burger in de stad Roermond en verbleef veelvuldig op kasteel Daelenbroeck van Godfried II, (het wapen van kasteel Daelenbroeck en gemeente Roerdalen de witte leeuw zonder kroon). Was een kennis van Reynaard van Valkenburg heer van Sittard, Born en Susteren. Ontvangt van de hertog van Brabant een rente uit handen van ridder Adam van Berge 1380. Leeuw van Limburg
Martin van Lieck ca. 1384-1435 zoon Was in dienst van Johann II van Loon-Heinsberg (gouverneur van Limburg en stadhouder van het Land van Valkenburg). Kreeg de vermelding tot Oberlieck 1416. Kwam in bezit van hof Musschenbroek 1429. Zijn broer Dirk (de oude) kreeg een Wassenbergse leen te Kleingladbach en kan na het overlijden van Martin kortstondig heer van Oberlieck zijn geweest.
Johan van Lieck ca. 1435-1440 broer Heeft Gys van Eyll als zwager.
Gys van Eyll 1440-1451 voogd Zwager van de minderjarige Dirk van Lieck. Op 8 april 1440 door Johan III van Loon-Heinsberg beleend met hof Lieck na het overlijden van Dirk (de oude) en zijn zwager Johann van Lieck. Eva de dochter van Martin kreeg de Wassenbergse leen te Kleingladbach 1453 en kreeg 1.200 gulden aan bruidsschat. Op 1 juli 1440 huwde Eva onder huwelijkse voorwaarden met vrijheer Gerard van Streithagen tot Uerfeld te Welten. Lelie
Dirk van Lieck 1451-1490 zoon Geboren het jaar 1425. Dirk I van Lieck tot Musschenbroek en Oberlieck huwde onder huwelijkse voorwaarden met Mechtilde van Pollart uit een Roermondse regentenfamilie 1450 en met Bela Schilling 1466. Kreeg de Wassenbergse leen Kromland tussen Effeld en Birgelen 1450. Zijn andere zus Johanna van Lieck huwde met vrijheer Johan van Streithagen tot Streithagen hij werd door Dirk voor 2/3 beleend met hof Lieck 1452. Hij zegelde op 1 februari 1468 twee weken voor de laatste erfdeling februari 1468 van de heren van Heinsberg aan Maria van Loon-Heinsberg[10] gravin van Nassau en vrouwe van Breda. Maria was de allerlaatste telg uit het oud adellijke geslacht Heinsberg-Sponheim 1503. De leeuw in zijn zegel, zonder helm, wijkt niet af van alle andere Limburgse leeuwen. Was een kennis van Wilhelm van Vlodrop erfvoogd van Roermond. Leeuw van Limburg[11]
Daem van Lieck 1490-1527 neef Op 14 maart 1490 ontvangt hij van de stadhouder van Heinsberg als rechtmatige erfpersoon leenhof Lieck en het landgoed Oberlieck. Hij was in dienst van de hertog Willem II van Gulik-Berg (gouverneur der Nederlanden). Bleef kinderloos. Zegel toont leeuw met helm. Leeuw van Limburg[12]
Daem van Lieck 1527-1578 kinderen Was de tweede zoon van Dirk II van Lieck tot Musschenbroek. Kreeg hof Lieck het jaar 1527 van zijn oom Daem van Lieck tot Oberlieck. Moest het jaar 1539 vanwege hoge schulden aan Krein van Lieck tot Doenrade 50 morgen land verpanden. Hof Lieck verarmde verder tijdens het beleg van Heinsberg 1543. Was in dienst van hertog Willem V van Gulik-Berg-Kleef-Gelre. Kreeg in het hertogdom een ridderzetel. Deam en zijn vrouw Anna kregen een cartouche uit mergelsteen langs de kloosterkerk met dubbelwapen en het opschrift A.D. 1586.[13]
Cornelius, Everhard, Daem 1586-1594 kinderen Meervoudige diefstal van hun paarden. Deam moest 27 morgen land verpanden 1591. Daem beleende Cornelius met Oberlieck 1593. Wilhelm Schommartz tot Oberlieck dat hij heeft gekocht van Cornelius 1594. Cornelius woonde in het Land van Kessel. Daem van Lieck wist zijn aandeel in landgoed Oberlieck te behouden, (waarschijnlijk 12 morgen). Hij kreeg drie erfkinderen Wilhelm, Maria (3,1/4 morgen land +3/4 weide) en Agnes van den Leeck [14] [15]. Maria gaf een klein deel aan Wilhelm en een groter deel aan Agnes. Wilhelm staat nog niet in het oudste doopregister van Heinsberg vermeld, 1584, zijn twee zussen wel 1588 en 1591. Hof Lieck kwam door huwelijk in handen van baron van Schenck van Nijdeggen.[16] Het stamwapen met opschrift Lieck stond tot aan de twintigste eeuw verwerkt in de toegangspoort van stamhuis Lieck.[17]
Wilhelm van den Leeck Krijgt twee dochters Maria en Agnes en een erfzoon Daem (5,1/4 morgen land van Oberlieck, 1642)[18]. Hij wordt genoemd in: "Lehnsgericht", "Erbung die Lehenerbungsbucher" en in het "Heinsberger Taufregister" o.a. bij zijn zoon Daem Wilhelms van der Leeck, 1643.

Bronnen, noten en/of referenties

1. ↑ Staatsarchief Dusseldorf, Oberlieck nr.183, Julich, Lehen U.0183,01, (30 april 1596).
2. ↑ Attest nr. 3565 op 7 januari 1771 aan het hoge Kappittel van de bisschoppelijke kerk van Munster betreffende het wapen van de familie van Lieck.
3. ↑ Das alteste Mannbuch der Herrschaft Heinsberg. Leo Gillessen 1997.
4. ↑ De stamreeks van Oberlieck. Mappe 737. Ernst Oidtman 1932.
5. ↑ Heinsberg im Limburgische Erbfolgestreit, (1283-1289).
6. ↑ Het koninklijk archief te Brussel, chartes de Brabant nr. 536.
7. ↑ Uit het archief van de familie Pallant.
8. ↑ Auswertung des Anniversarienbuches des St Gangolfus-Stiftes zu Heinsberg, Paul und Sigrid Kruckel.
9. ↑ Cartulaire de l eglise Saint-Lambert de Liege. Pagina 358, 25 januari 1362,F. Hayez Brussel 1900.
10. ↑ Lambrecht van Heynsbergh, Burger der Stadt Roermond 1362.
11. ↑ Geschichte der Herren von Heinsberg, 1786, (zegel van Lambert van Heinsberg 1362).
12. ↑ Maria van Loon-Heinsberg. Eine Ahne der Konigin Beatrix, 1994. Uwe Korbella Heinsberg.
13. ↑ Staatsarchief Dusseldorf, Heinsberg, Herschaft, U.0717,03, (1 februari 1468).
14. ↑ Staatsarchief Dusseldorf, Heinsberg, St Gangolf, U.0197,02, (24 januari 1517).
15. ↑ Kunstdenkmäler der Rheinprovinz. Paul Clemen 1906.
16. ↑ Staatsarchief Dusseldorf, Julich, M.K.Lehen 165 b Bl 48. (19 juni 1645)
17. ↑ Staatsarchief Dusseldorf, Julich, M.K.Lehen 162 II Bl. 74 Ruks. u. 75. (30 mei 1645)
18. ↑ Aus der Geschichte des ehemaligen Rittersitzes Oberlieck 1954.
19. ↑ Kunstdenkmäler der Rheinprovinz. Paul Clemen 1906.

20. ↑ Staatsarchief Dusseldorf, Julich, Lehen 161 II Bl. 85. (1642)

  1. Das alteste Mannbuch der Herrschaft Heinsberg. Leo Gillessen 1997.
  2. De stamreeks van Oberlieck. Mappe 737. Ernst Oidtman 1932.
  3. Heinsberg im Limburgische Erbfolgestreit, (1283-1289).
  4. Het koninklijk archief te Brussel, chartes de Brabant nr. 536.
  5. Uit het archief van de familie Pallant.
  6. Auswertung des Anniversarienbuches des St Gangolfus-Stiftes zu Heinsberg, Paul und Sigrid Kruckel.
  7. Cartulaire de l eglise Saint-Lambert de Liege. Pagina 358, 25 januari 1362,F. Hayez Brussel 1900.
  8. Lambrecht van Heynsbergh, Burger der Stadt Roermond 1362.
  9. Geschichte der Herren von Heinsberg, 1786, (zegel van Lambert van Heinsberg 1362).
  10. Maria van Loon-Heinsberg. Eine Ahne der Konigin Beatrix, 1994. Uwe Korbella Heinsberg.
  11. Staatsarchief Dusseldorf, Heinsberg, Herschaft, U.0717,03, (1 februari 1468).
  12. Staatsarchief Dusseldorf, Heinsberg, St Gangolf, U.0197,02, (24 januari 1517).
  13. Kunstdenkmäler der Rheinprovinz. Paul Clemen 1906.
  14. Staatsarchief Dusseldorf, Julich, M.K.Lehen 165 b Bl 48. (19 juni 1645)
  15. Staatsarchief Dusseldorf, Julich, M.K.Lehen 162 II Bl. 74 Ruks. u. 75. (30 mei 1645)
  16. Aus der Geschichte des ehemaligen Rittersitzes Oberlieck 1954.
  17. Kunstdenkmäler der Rheinprovinz. Paul Clemen 1906.
  18. Staatsarchief Dusseldorf, Julich, Lehen 161 II Bl. 85. (1642)