Geschiedenis van Limburg: Algemeen overzicht

Uit Genealogie Limburg Wiki
Ga naar: navigatie, zoeken

Geschiedenis van Limburg: Algemeen overzicht

Dit is het inleidend artikel uit een reeks van tien artikelen over de Geschiedenis van Limburg. Over deze geschiedenis zijn behalve het algemene overzichtsartikel ook een negental afzonderlijke deelartikelen opgenomen:
Per periode

Bestuurlijke eenheden

Bovenstaande tien artikelen hebben meer specifiek op het grondgebied van de huidige provincies Limburg betrekking. Daarnaast zijn er diverse geassocieerde artikelen die overkoepelende staatkundige grootheden en / of grotere territoriale eenheden behandelen. Hiervan zijn onder meer te noemen:

Staatkundige grootheden (annex aan Geschiedenis van Limburg)

Basisartikel
Het onderstaande basisartikel Geschiedenis van Limburg: Algemeen overzicht is speciaal voor GenWiki Limburg geschreven.

Inhoud

Korte schets van de historie

Historisch overzicht (paragrafen 1, 2 en 3) door dr. Ad Welschen

Een conglomeraat van steden en landjes

Limburg, althans het gebied dat bestreken wordt door de Belgische en Nederlandse provincies van die naam, is in tegenstelling tot de meeste andere provincies van de Lage Landen nooit een zelfstandige politieke eenheid geweest. Het vormde sinds de middeleeuwen een lappendeken van al dan niet zelfstandige heerlijkheden. Het gezag in de meeste van die domeinen werd uitgeoefend door plaatselijke ambtsdragers in naam van hogere instanties, zoals de hertogen van Brabant, Gelre en Gulik, de prinsbisschop van Luik, de regering van de Spaanse (later Oostenrijkse) Nederlanden in Brussel, en de Staten-Generaal in 's-Gravenhage. Sommige staatjes, zoals het vorstendom Thorn, waren nominaal zelfstandig.

Vorming van de hedendaagse provincie

Aan deze politieke verdeeldheid kwam een einde in 1795, toen het hele gebied werd geannexeerd door de Franse Republiek en opgenomen in twee nieuwe departementen: het departement van de Nedermaas (1795) en het departement van de Roer (1798). Na de Franse terugtrekking in 1814 en de daaropvolgende onderhandelingen viel het gebied toe aan het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden. In 1815 kreeg het de status van provincie onder de naam Limburg. Deze naam was ontleend aan het middeleeuwse hertogdom Limburg (met als hoofdplaats Limburg aan de Vesdre, in de huidige provincie Luik), dat dan wel een zelfstandige politieke eenheid geweest was, maar waarmee de nieuwe provincie in territoriaal opzicht betrekkelijk weinig te maken had.

Het huidige Zuid-Limburg vormde van die nieuwe provincie het al vroeg door het hertogdom Brabant verworven kerngebied, was later ook het meest omvangrijke Staatse (door de noord-Nederlandse Staten-Generaal bestuurde) bezit in deze regio, kon ook het meest aanspraak maken op de naam en de notie 'Limburg', maar maakte alleen al door zijn geringe omvang toch niet zonder meer het hoofdbestanddeel van de nieuwe provincie uit. Deze provincie was voor een groot deel Gelders. Voormalig territorium van met name het Overkwartier van Gelre in het noorden en midden vormde nu een groter deel van de nieuwe provincie, een feit dat door de zuidelijk georienteerde naam 'Limburg' sterk onderbelicht wordt. Als voormalige hoofdstad van het Overkwartier heeft Roermond in 1815 vergeefs geprobeerd om ook van de nieuwe provincie de hoofdstad te worden. Wel is deze oude hanzestad in 1853 opnieuw bisschopsstad geworden.

Voorgeschiedenis

Onder Brabantse controle

De Landen van Overmaas ontstaan, wanneer de Landen van Dalhem, Valkenburg en heerlijkheid 's-Hertogenrade (Herzogenrath) in de loop van de dertiende eeuw door het Hertogdom Brabant worden verworven. In 1244 verwierf Hertog Hendrik I van Brabant het Graafschap Dalhem. Brabant stelt door de overwinning in de slag bij Wörringen in 1288 het bezit van het Hertogdom Limburg veilig. Dat is dan reeds in personele unie met 's-Hertogenrade verenigd. In 1347 verwerft Brabant nog het Land van Valkenburg. Vanuit Brabants perspectief krijgen ze de naam Overmaas. Deze naam wordt in politieke zin door de bestuurders van het Hertogdom Brabant toegepast, wanneer men spreekt over de hele regio.

De aparte landjes blijven echter tot in de 18e eeuw hun eigen benaming handhaven. Elk van deze drie landen had een eigen statenvergadering, bestaande uit de ridderschap en vertegenwoordigers van de schepenbanken; in Dalhem kwam daar nog de Abt van Godsdal (Valdieu) bij; in 's Hertogenrade de abt van Kloosterrade (Rolduc). In 1473 verenigden de Overmazers en de Limburgers hun Staten tot de Staten van Limburg en de Landen van Overmaas en zetelden aldus in de Staten-Generaal van de Nederlanden. De bestuurlijke taal was het Nederlands. Met name Dalhem onderging vanwege zijn ligging een sterke invloed vanuit het hertogdom Limburg. De overige landjes ondergingen vanaf de dertiende eeuw een sterke invloed vanuit Brabant.

Gedeelde belangen

Cruciaal voor de groeiende nieuwe Zuid-Limburgse eenheid in de middeleeuwen was, na de in-bezitname door Brabant van het oude hertogdom Limburg in 1288, de positie van het Graafschap Valkenburg met zijn 38 dorpen. In 1352 stierf de Valkenburgse dynastie uit. Niet veel later kwam ook Valkenburg in het machtsbereik van Brabant. In 1381 werd de hertog van Brabant erkend als graaf van de in 1356 door de keizer tot graafschap verheven heerlijkheid Valkenburg en het Land van Valkenburg. De stad Sittard met Born en Munstergeleen, die vanaf 1280 en 1300 bij het Land van Valkenburg hoorden, werden in 1400 verkocht aan de hertog van Gulik. Vandaar dat we die plaatsen als historisch Guliks categoriseren. We gaan dus uit van de situatie vanaf 1400.

Hoe verliep in die periode de verdere ontwikkeling van de 'Limburgse' gewesten? De Staten van Limburg en de Landen van Overmaas, beide onder Brabantse controle, gingen de gezamenlijke Staten van het hertogdom Limburg en de drie landen van Overmaas vormen. Al die Overmase Brabantse bezittingen vormden een soort confederatie en leken op weg naar een fusie, maar een verdere, formele en definitieve eenheid van deze gebieden zat er toen nog niet (of niet meer) in. Een meer formele verbintenis was eigenlijk ook niet strikt nodig, omdat deze landen toch al gelijkelijk onder Brabantse controle stonden. In 1473 verenigden de Overmazers en de Limburgers dus wel hun Staten om een gezamenlijke delegatie te vormen in de Staten-Generaal van de Nederlanden. De delegatie in Brussel bestond uit 13 afgevaardigden: 5 uit Limburg, 4 uit Valkenburg, 2 uit Dalhem en 2 uit 's-Hertogenrade. Dit gewest werd daarom ook als één van de Zeventien Provinciën beschouwd, en later meestal alleen met de naam Limburg aangeduid. We hebben hier dus te maken met een half-formele situatie. De betekenisverwijding van de naam Limburg is dus toen begonnen, maar stoelde op een reeds langer gegroeid informeel geografisch, politiek en cultureel verband. In de praktijk werden deze vier aan elkaar grenzende gebieden gezamenlijk beschouwd als het hertogdom Limburg in een vergrote omvang. Kennelijk werd de op een na oudste Brabantse verworvenheid in de regio, het oorspronkelijke hertogdom Limburg, als de drager van deze relatieve eenheid gezien, en dat was gezien zijn formele status van hertogdom ook niet onlogisch. Ook de onderlinge verdeling van afgevaardigden in 1473 wijst in die richting. Bijgaande kaart toont de combinatie van het hertogdom Limburg en de drie landen van Overmaas: Het oude hertogdom Limburg met de Landen van Overmaas. - Klik op de kaart om de afbeelding te vergroten.

Van 1559 tot 1608

Op bijgaande kaart van de Nederlandse gewesten van 1559-1608 zien we het huidige Nederlands Limburg als feitelijk twee gewesten: het Hertogdom Limburg en Opper-Gelre: The Netherlands, 1559-1608. - Klik op de kaart om de afbeelding te vergroten. Het Graafschap Horn wordt tot het Prinsbisdom Luik gerekend.

Van 1661 tot 1815

In de tachtigjarige oorlog vormde het gebied van Overmaas een onoverzichtelijk strijdtoneel en het bleef daarna alle sporen daarvan dragen. Het oude hertogdom zelf was buiten de frontlinie gebleven. De Landen van Overmaas kenden in de 17e en 18e eeuw echter een sterk particularisme, waarbij zij zelfstandig besluiten namen in hun eigen Statenvergaderingen of in hun contacten met het Brabants regeringscentrum te Brussel.

Veroveringen over en weer, en een verdeling tussen een Spaans-Oostenrijks deel en een Staats deel maakten de verdere vorming van een gemeenschappelijk gewest Overmaas voor anderhalve eeuw onmogelijk. Zie voor de toestand vlak voor de Franse tijd bijgaande kaart, die die de versnippering van het gebied en de omvang van het Hertogdom Limburg in 1789 aangeeft: Het Hertogdom Limburg in 1789. -- Voor een gedeeltelijke uitvergroting, klik op het onderschrift: 'sample in original size'.

Het toch al complexe gebied is door verdere verdeling dusdanig versnipperd geraakt, dat de Fransen zich in 1795 genoodzaakt zagen geheel nieuwe departementale grenslijnen te trekken. De historische band van Zuid-Limburg met het oude hertogdom Limburg is toen even abrupt als definitief doorgesneden. Daar staat dan tegenover, dat na het vertrek van de Fransen in 1815 een nieuwe provincie kon worden gecreeerd als een samenstel van allerhande voormalig geheel of half-zelfstandige gebieden en gebiedsdelen in de Maasregio tussen Maastricht en het Gelderse Nijmegen, met name onder meer van het Overkwartier van Gelre, het Hertogdom Kleef, het Hertogdom Gulik, de Landen van Overmaas en het Graafschap Horn in het thans Nederlandse gedeelte, en in het Belgische gedeelte van het Graafschap Loon en het Prinsbisdom Luik. Het zwaartepunt van de na 1839 daaruit losgemaakte huidige Nederlandse provincie Limburg ligt dan ook niet meer alleen in Zuid-Limburg, maar secundair ook in Noord- en Midden-Limburg, als erfgenamen van vooral het Overkwartier van Gelre.

De eenmaking van Limburg

1815: Een nieuw concept en een oude naam

De streektalen in het wijde Maasland, of beter: in de Maas-Rijn-driehoek, werden echter al gesproken lang voordat de Nederlandse en Belgische staten en de beide provincies Limburg gevormd werden. Dat de beide buurgewesten toen in eerste aanleg als een gemeenschappelijke provincie gecreëerd zijn en taalkundig gezien ook in belangrijke mate een eenheid vormden, is eigenlijk meer toeval. De gemeenschappelijke naam 'Limburg' voor deze 'Maasprovincies' is te danken aan een persoonlijke wens van Koning Willem I, die haar ontleende aan het niet meer bestaande 'echte' hertogdom Limburg. Dat had grotendeels in de huidige, merendeels Franstalige provincie Luik gelegen en had maar indirect, en alleen voor een deel van het hedendaagse Nederlands Zuid-Limburg, wat met het huidige Limburgse grondgebied te maken. Hoewel Koning Willem I zeer taalbewust was, ging zijn inzicht toch niet zo ver, dat hij de door de Fransen gecreëerde provincie (door hen departement genoemd) van de Nedermaas als een taalkundige eenheid beschouwde. Het ging hem er puur om, dat bij de vernoeming van de nieuwe provincie Luik de naam van het oude hertogdom verloren dreigde te gaan. Om die reden wenste hij dat de nieuw gevormde grote Maasprovincie deze historische naam zou overnemen. Deze naamgeving mag dus wel als een geslaagd marketingconcept van een in verschillende opzichten visionaire vorst beschouwd worden. Dat de grote nieuwe Maasprovincie na de Belgische opstand in 1839 weer uiteen zou vallen in twee staatkundig andermaal gescheiden delen, een Belgische en een Nederlandse provincie Limburg, had uiteraard niet in de planning gelegen. De koning was zijn tijd gedeeltelijk ook weer te ver vooruit geweest.

Na 1815: Een gedeeltelijk voortbestaande tweedeling

De moderne Limburgers aan beide zijden van de Maas hebben deze naam overgenomen als gemeenschappelijke noemer voor hun taal en cultuur, en daar was taalkundig en cultureel gezien ook alle reden toe. Regionaal en lokaal bleven vele schakeringen voortbestaan, met name in Nederlands Limburg. Geschoolde waarnemers ontwaren daarenboven binnen het Nederlands gebiedsdeel nog een grove tweedeling tussen de soms nog meer Belgisch aandoende Landen van Overmaas en het meer Nederrijnse Noord- en Midden-Limburg. Deze tweedeling komt ook tot uiting in de twee recent gevormde grensoverschrijdende samenwerkingsverbanden: de Euregio Maas-Rijn in het zuiden (in het gebied Aken-Heerlen-Maastricht-Luik-Hasselt), zie: Website van de EMR, en de Euregio Rijn-Maas-Noord in het noorden, waarin Venlo en Roermond samenwerken met de Duitse steden Mönchengladbach, Krefeld, Neuss en Viersen, zie Website van de Euregio RMN en idem. Het vraagt weinig fantasie om in deze samenwerkingsverbanden reminiscenties te zien van enerzijds het oude hertogdom Limburg (en aangrenzende gebieden), en anderzijds het Overkwartier van Gelre (idem). Op deze wijze profileert de provincie zich opnieuw met een dubbele Euregionale orientatie, zoals het gebied ook in het verleden altijd op het kruispunt van verschillende culturen en invloeden heeft gelegen.

Voor verder onderzoek

Bronnen

De neerslag van de geschiedenis treft men aan in de archieven. De belangrijkste verzameling documenten voor de Limburgse geschiedenis bevindt zich in het Regionaal Historisch Centrum Limburg (RHCL) te Maastricht. De inventarislijst daarvan staat op internet [1]. De afdeling bestuur en rechtspraak vóór 1794 is ingedeeld naar de politieke structuur ten tijde van het ancien régime:

Het befaamde 'Franse archief' (341,7 meter!) van het RHCL bevat de bewaard gebleven stukken betreffende de twee departementen die in de periode 1794-1814 het Limburgse gebied besloegen:

Het RHCL beheert ook het provinciaal Limburgs archief van na 1814. Voor de geschiedenis van Belgisch Limburg kan men terecht in het Rijksarchief te Hasselt.

Literatuur

Voor iemand die is geïnteresseerd in de geschiedenis van Limburg zijn de volgende handboeken onmisbaar:

  • P.J.H. Ubachs, Handboek voor de geschiedenis van Limburg, Maaslandse Monografieën 63 (2000).
  • W. Jappe Alberts, Geschiedenis van de beide Limburgen, deel I, Maaslandse Monografieën 15 (1974).
  • W. Jappe Alberts, Geschiedenis van de beide Limburgen, deel II, Maaslandse Monografieën 17 (1983).
  • W. Jappe Alberts, Overzicht van de geschiedenis van de Nederrijnse Territoria tussen Maas en Rijn, deel I (±800-1288), Maaslandse Monografieën 28 (1979).
  • W. Jappe Alberts, Overzicht van de geschiedenis van de Nederrijnse Territoria tussen Maas en Rijn, deel II (1288-±1500), Maaslandse Monografieën 36 (1982).
  • J.H.M. Wieland (ed.), Kleine atlas voor de geschiedenis van beide Limburgen (1989).

Er bestaan diverse tijdschriften en jaarboeken die zich specifiek richten op de geschiedenis van Limburg:

  • De Maasgouw (maandblad, uitgave LGOG)
  • Publications de la Société Historique et Archéologique dans le Limbourg (PSHAL) (jaarboek, uitgave LGOG)
  • Zwentibold, Historisch Jaarboek voor het Land van Zwentibold, zie [2]
  • Historische en Heemkundige Studies in en rond het Geuldal (jaarboek, uitgave Stichting Historische en Heemkundige Studies in en rond het Geuldal)
  • Studies over de sociaal-economische geschiedenis van Limburg (jaarboek van het Sociaal Historisch Centrum voor Limburg)


Externe Links

De website van het RHCL bevat onder andere een overzicht van de daar aanwezige verzamelingen:

Zie ook Leenverheffing.
Het LGOG (opgericht in 1863) is de oudste vereniging die zich bezighoudt met de geschiedenis van Limburg:

Op de Nederlandse Wikipedia zijn vele artikelen te vinden over onderwerpen die betrekking hebben op de geschiedenis van Limburg.
Hieronder een selectie:


Interne gebruiksaanwijzing

GenWiki en Wikipedia

In een aantal gevallen is van de voormelde Wikipedia-artikelen reeds intern een equivalent te vinden op deze GenWiki, zoals blijkt uit de lijst van artikelen die is opgenomen in de Categorie:Geschiedenis van Limburg (aan te klikken op de link onderaan deze pagina). Soms is de informatie op GenWiki iets uitgebreider of verder bewerkt dan die op de Nederlandse Wikipedia. Dat is geen toeval. De specialisten voor deze regio kunnen immers bij uitstek ook hier aan bod komen. In andere gevallen is de informatie op de Wikipedia ruimer.

Hieronder althans ten dele, vooral ter vergelijking, de stand van zaken:

In de volgende gevallen is de informatie op de Nederlandse Wikipedia op dit moment nog ruimer dan op deze GenWiki:

In weer andere gevallen voorziet deze GenWiki nog in het geheel niet in artikelen over deze onderwerpen.

Een meer volledig overzicht zal te vinden zijn via de categoriale link onderaan deze pagina. Deze categorie bevat op dit moment reeds 21 bijdragen.


Subcategorieën

De categorie: Geschiedenis van Limburg bevat enkele artikelen die zelf weer subcategoriseren, op dit moment met name Hertogdom Limburg, het Hertogdom Kleef, het Hertogdom Gulik, Overkwartier van Gelre, Vrije Rijksheerlijkheden en het Prinsbisdom Luik. Het is dan onvermijdelijk om bijvoorbeeld bij de Landen van Overmaas nog verder te subcategoriseren, zodat daar weer aparte sub-subcategorie onder hangen:

Zulks is enerzijds van belang met het oog op archiefonderzoek en vloeit anderzijds voort uit de relatieve onbekendheid en de complexiteit van de geschiedenis van deze vorstendommen.

Persoonlijke instellingen